NJ 2011/363
Exclusieve bevoegdheid van gerechten van staat van vestiging voor geschillen betreffende geldigheid van besluiten van organen van vennootschappen. Omvang. Rechtsvordering ingesteld door publiekrechtelijke rechtspersoon en strekkende tot vaststelling van nietigheid van overeenkomst wegens gestelde ongeldigheid van besluiten van organen van die rechtspersoon betreffende sluiting van die overeenkomst. Aanhangigheid.
HvJ EU 12-05-2011, ECLI:EU:C:2011:300, m.nt. M.V. Polak
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
12 mei 2011
- Magistraten
K. Lenaerts, D. Šváby, E. Juhász, G. Arestis, T. von Danwitz
- Zaaknummer
C-144/10
- Conclusie
A-G Y. Bot
- Noot
M.V. Polak
- LJN
BQ5459
- JCDI
JCDI:ADS127352:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Europees burgerlijk procesrecht
Vermogensrecht / Rechtshandelingen
Internationaal privaatrecht / Internationaal bevoegdheidsrecht
EU-recht (V)
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2011:300, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 12‑05‑2011
- Wetingang
Essentie
Verzoek om een prejudiciële beslissing krachtens art. 267 VWEU, ingediend door het Kammergericht Berlin (Duitsland) bij beslissing van 8 maart 2010.
Exclusieve bevoegdheid van gerechten van staat van vestiging voor geschillen betreffende geldigheid van besluiten van organen van vennootschappen. Omvang. Rechtsvordering ingesteld door publiekrechtelijke rechtspersoon en strekkende tot vaststelling van nietigheid van overeenkomst wegens gestelde ongeldigheid van besluiten van organen van die rechtspersoon betreffende sluiting van die overeenkomst. Aanhangigheid.
Samenvatting
Art. 22 punt 2 EEX-Verordening moet aldus worden uitgelegd dat het niet van toepassing is op een geschil in het kader waarvan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.