Module Ruimtelijke ordening 2019/8120
Onduidelijke afwijkingsbevoegdheid in bestemmingsplan over bewoning ten behoeve van mantelzorg, zodat niet is uitgesloten dat (zelfstandige) bewoning van gebouwen mogelijk wordt gemaakt in strijd met de Noord-Brabantse provinciale verordening. (Gemert-Bakel)
RvS 27-12-2018, ECLI:NL:RVS:2018:4280
- Instantie
Raad van State
- Datum
27 december 2018
- Magistraten
Mrs. Uylenburg, Minderhoud en Daalder
- Zaaknummer
201705209/1/R2
- Vakgebied(en)
Omgevingsrecht / Omgevingsvergunning
Bouwrecht / Bouwen
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
Omgevingsrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2018:4280, Uitspraak, Raad van State, 27‑12‑2018
- Wetingang
art. 3.1, lid 1, Wet ruimtelijke ordening, art. 6.7 Verordening ruimte 2014, art. 7.7 Verordening ruimte 2014
Essentie
Het bestemmingsplan bevat een onduidelijke afwijkingsbevoegdheid over bewoning ten behoeve van mantelzorg. Aldus is niet uitgesloten dat (zelfstandige) bewoning van gebouwen mogelijk wordt gemaakt in strijd met de Noord-Brabantse provinciale verordening, terwijl er eveneens strijd is met die verordening voor zover met de planregel is beoogd tweede woningen bij afwijkingsvergunning mogelijk te maken, zonder dat sprake hoeft te zijn van mantelzorg.
Samenvatting
mr. B. Klein Nulent
Besluit tot vaststelling bestemmingsplan, waarin onder meer een afwijkingsbevoegdheid is opgenomen op grond waarvan bewoning ten behoeve van mantelzorg kan worden toegestaan. Op grond van de planregels is afwijking van het bestemmingsplan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.