V-N 2026/5.20
Hof heeft belanghebbende ten onrechte geen proceskostenvergoeding toegekend voor ongegrond hoger beroep bestuursorgaan
HR 16-01-2026, ECLI:NL:HR:2026:58, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
16 januari 2026
- Magistraten
Feteris, Van der Voort Maarschalk, Van Roij
- Zaaknummer
24/04526
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD42683:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht (V)
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 16‑01‑2026
ECLI:NL:HR:2026:58, Uitspraak, Hoge Raad, 16‑01‑2026
- Wetingang
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat het hof de heffingsambtenaar, gelet op het ongegronde hoger beroep, had moeten veroordelen in de proceskosten van X.
Samenvatting
X stelt beroep in tegen een WOZ-beschikking. Rechtbank Den Haag verklaart het beroep inhoudelijk ongegrond, maar kent X wel een immateriëleschadevergoeding van € 500 toe. De heffingsambtenaar stelt principaal hoger beroep in en belanghebbende incidenteel hoger beroep. Beide hoger beroepen worden door Hof Den Haag ongegrond verklaard. In cassatie klaagt X erover dat het hof ten onrechte geen proceskostenvergoeding heeft toegekend.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof de heffingsambtenaar, gelet op diens ongegronde ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.