WR 2023/76
Belangenafweging (bedrijfsruimte) – onderhuur: onderverhuur aan horeca-exploitant; verhuurder wil rechtstreeks verhuren aan onderhuurder; financieel belang verhuurder bij opzegging weegt niet op tegen groot commercieel belang huurder bij voortzetting huurovereenkomst
Hof Arnhem-Leeuwarden 24-01-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:604
- Instantie
Hof Arnhem-Leeuwarden
- Datum
24 januari 2023
- Magistraten
Mrs. H.E. de Boer, Th.C.M. Willemse, A.J.J. van Rijen
- Zaaknummer
200.306.191
- Noot
Red. Aant.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS700593:1
- Vakgebied(en)
Huurrecht / Huur van bedrijfsruimte
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHARL:2023:604, Uitspraak, Hof Arnhem-Leeuwarden, 24‑01‑2023
- Wetingang
Art. 7:296 lid 3 BW
Essentie
Belangenafweging (bedrijfsruimte) – onderhuur: onderverhuur aan horeca-exploitant; verhuurder wil rechtstreeks verhuren aan onderhuurder; financieel belang verhuurder bij opzegging weegt niet op tegen groot commercieel belang huurder bij voortzetting huurovereenkomst
Samenvatting
Verhuurder wil de bedrijfsruimte rechtstreeks verhuren aan de onderhuurder, een horeca-exploitant. Aan opzegging heeft verhuurder ten grondslag gelegd dat zijn belang bij beëindiging van de huurovereenkomst zwaarder dient te wegen dan het belang van huurster InBev bij voortzetting van de huurovereenkomst. De huurprijs die InBev aan verhuurder betaalt is (nagenoeg) hetzelfde als de onderhuurprijs. Het belang van InBev bij de onderhuurovereenkomst is gelegen in een exclusief drankafnamebeding in de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.