Gst. 2023/67
Verwijzingsarrest Didam. Vernietiging ex art. 3:40 lid 2 BW als sanctie voor niet-naleven Didam-regels. Analoge toepassing art. 4.15 Aw 2012. (Montferland)
Hof Arnhem-Leeuwarden 04-04-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:2796
- Instantie
Hof Arnhem-Leeuwarden
- Datum
4 april 2023
- Magistraten
Mrs. F.J. de Vries, S.M. Evers en H.H.B. Vedder
- Zaaknummer
200.305.593/01
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS710389:1
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht / Grondexploitatie
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Vermogensrecht / Rechtshandelingen
Bestuursrecht algemeen / Overheid en privaatrecht
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHARL:2023:2796, Uitspraak, Hof Arnhem-Leeuwarden, 04‑04‑2023
- Wetingang
Samenvatting
Het hof zoekt voor de sanctie van vernietiging aansluiting bij het aanbestedingsrecht. De door de Hoge Raad in het Didam-arrest geformuleerde regels die een overheidsinstantie moet naleven in (zoals in dit geval bij) de verkoop van een aan haar toebehorende onroerende zaak zijn geïnspireerd op het aanbestedingsrecht. Het gebrek van de (koop)overeenkomst die is gesloten in strijd met de Didam-regels ziet op de totstandkoming van die overeenkomst, niet op de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.