V-N Vandaag 2021/229
Nader onderzoek nodig volgens A-G naar verrekening bronbelasting door internationale DJ
HR (A-G) 07-01-2021, ECLI:NL:PHR:2021:19
- Instantie
Hoge Raad (Advocaat-Generaal)
- Datum
7 januari 2021
- Zaaknummer
20/01875
- Vakgebied(en)
Loonbelasting / Artiesten, beroepssporters en buitenlandse gezelschappen
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
Internationaal belastingrecht / Voorkoming van dubbele belasting
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2021:1352, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑09‑2021
Beroepschrift, Hoge Raad, 24‑09‑2021
ECLI:NL:PHR:2021:19, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 07‑01‑2021
- Wetingang
Besluit voorkoming dubbele belasting 2001 (BWBR0012095, 13)Besluit OESO-commentaar op artikel 15 en 17 OESO-modelverdrag (ontslagvergoedingen in grensoverschrijdende situaties, publieksgericht optreden) (BWBR0036572, 23b)Besluit OESO-commentaar op artikel 15 en 17 OESO-modelverdrag (ontslagvergoedingen in grensoverschrijdende situaties, publieksgericht optreden) (BWBR0036572, 17)
Essentie
Advocaat-generaal Wattel concludeert dat de arresten van de Hoge Raad van 9 februari 2007 wel van belang zijn. Uit deze arresten volgt dat het aan een artiest toekomend basissalaris wordt aangemerkt als inkomsten uit persoonlijk artistiek optreden ex art. 17 lid 1 OESO-Modelverdrag.
Samenvatting
Belanghebbende, X, is een Nederlandse DJ die wereldwijd optreedt. Hij houdt de aandelen in A bv, de holding. A bv houdt de aandelen in B bv, de artiste company. De gages voor de optredens worden deels aan X betaald en (groten)deels aan B bv. X ontvangt een vast salaris van A bv. De ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.