AB 2009, 117
Bestuurlijke boete; zorgvuldigheidsbeginsel; zorgvuldig onderzoek; motiveringsbeginsel; strenge eisen aan bewijsvoering en motivering; bewijskracht proces-verbaal.
RvS 24-12-2008, ECLI:NL:RVS:2008:BG8307, m.nt. O.J.D.M.L. Jansen
- Instantie
Raad van State
- Datum
24 december 2008
- Magistraten
Mrs. M.G.J. Parkins-de Vin, H. Troostwijk, M.A.A. Mondt-Schouten
- Zaaknummer
200804079/1
- Noot
O.J.D.M.L. Jansen
- LJN
BG8307
- JCDI
JCDI:ADS859413:1
- Vakgebied(en)
Vreemdelingenrecht / Bijzondere onderwerpen
Arbeidsrecht / Arbeidsmarktbeleid en -bemiddeling
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2008:BG8307, Uitspraak, Raad van State, 24‑12‑2008
- Wetingang
Essentie
Bestuurlijke boete; zorgvuldigheidsbeginsel; zorgvuldig onderzoek; motiveringsbeginsel; strenge eisen aan bewijsvoering en motivering; bewijskracht proces-verbaal.
Samenvatting
Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (uitspraak van 15 februari 2001, AB 2001, 194), dienen juist omdat een boete als hier bedoeld een punitieve sanctie betreft, aan de bewijsvoering van de overtreding en aan de motivering van het sanctiebesluit strenge eisen te worden gesteld.
Vaste rechtspraak van de Afdeling (zie onder meer de uitspraak van 16 januari 2007, AB 2007, 68) is voorts dat de minister in beginsel mag uitgaan van de juistheid van een op ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.