NJ 1937/392
Valsche boekingen in het Kasboek van een Spaarbank door penningmeester. Nadeel. Dat hij het geschrift zelf gebruikte en niet deed gebruiken behoeft geen opzettelijke motiveering. Bewijs bestemming van het geschrift.
HR 14-12-1936, ECLI:NL:HR:1936:260
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 december 1936
- Magistraten
Mrs. Visser, Taverne, Servatius, Donner en van der Meulen
- Zaaknummer
[141936/NJ_1937-392]
- Conclusie
Mr. Wijnveldt
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1936:260, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑12‑1936
- Wetingang
(Sr art. 225.)
Essentie
Valsche boekingen in het Kasboek van een Spaarbank door penningmeester. Nadeel. Dat hij het geschrift zelf gebruikte en niet deed gebruiken behoeft geen opzettelijke motiveering. Bewijs bestemming van het geschrift.
Samenvatting
Uit de door den get.-deskundige afgelegde verklaring, dat het nadeel, dat voor de Spaarbank uit de valsche boekingen zoude kunnen ontstaan, o. m. hierin is gelegen, dat bij het houden van controle niet was na te gaan, welke de juiste bezittingen en schulden van de Spaarbank waren, met name niet, dat er gelden aan get. L. waren ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.