Parl. Gesch. Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht
Einde inhoudsopgave
Parl. Gesch. Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht 2024/II.48.1:II.48.1 Tekst van artikel 248 Rv
Parl. Gesch. Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht 2024/II.48.1
II.48.1 Tekst van artikel 248 Rv
Documentgegevens:
prof. mr. H.B. Krans, mr. J.L.N. Reynders, datum 04-04-2024
- Datum
04-04-2024
- Auteur
prof. mr. H.B. Krans, mr. J.L.N. Reynders
- JCDI
JCDI:ADS964257:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Indien ten aanzien van een partij, met toepassing van het derde lid van artikel 191, het bedrag van de schadeloosstelling en het loon van deskundigen voorlopig in debet zijn gesteld, beslist de rechter met overeenkomstige toepassing van artikel 244, tweede lid, welk deel van dit bedrag elk der partijen dient te dragen en veroordeelt hen dienovereenkomstig tot voldoening aan de griffier.