NJF 2019/60
Procesrecht. Executiegeschil. Schorsing uitvoerbaarverklaring bij voorraad wegens juridische misslag. Verdelingshandeling kan niet in kort geding worden gelast.
Hof Den Haag 13-11-2018, ECLI:NL:GHDHA:2018:3426
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
13 november 2018
- Magistraten
Mrs. A.N. Labohm, A.H.N. Stollenwerck, P.B. Kamminga
- Zaaknummer
200.242.507/01
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Beslag en executie
Personen- en familierecht / Huwelijk, relaties en echtscheiding
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2018:3426, Uitspraak, Hof Den Haag, 13‑11‑2018
- Wetingang
Art. 351 Rv; art. 3:185 BW
Essentie
Procesrecht. Executiegeschil. Schorsing uitvoerbaarverklaring bij voorraad wegens juridische misslag. Verdelingshandeling kan niet in kort geding worden gelast.
Samenvatting
De vrouw is in kort geding op straffe van dwangsommen veroordeeld tot het verlenen van medewerking aan de verkoop van de woning die partijen (ex-partners) in gezamenlijke eigendom hebben. Zij vordert in incident met succes schorsing van de uitvoerbaarverklaring bij voorraad, omdat het vonnis kennelijk op een juridische misslag berust. De woning is nog niet verdeeld en er is ook nog geen wijze van verdeling vastgesteld. Het verkopen van een woning in gemeenschappelijke eigendom is de facto een wijze van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.