BNB 2022/146
Zaak X en Y. Toepasselijkheid socialezekerheidswetgeving gedurende periodes tussen werkzaamheden
HvJ EU 13-10-2022, ECLI:EU:C:2022:782, m.nt. P. Kavelaars (Raad van bestuur van de Sociale verzekeringbank)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
13 oktober 2022
- Magistraten
Prechal, Arastey Sahún, Biltgen, Wahl, Passer
- Zaaknummer
C-713/20
- Conclusie
A-G Pitruzzella
- Noot
P. Kavelaars
- Roepnaam
Raad van bestuur van de Sociale verzekeringbank
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS677615:1
- Vakgebied(en)
Internationale sociale zekerheid / Kinderbijslag
Internationale sociale zekerheid / Verzekeringsplicht
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
Premieheffing / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2022:782, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 13‑10‑2022
ECLI:EU:C:2022:197, Conclusie, Hof van Justitie van de Europese Unie, 17‑03‑2022
- Wetingang
Art. 11 lid 3 onderdeel a en e Verordening (EG) nr. 883/2004 (coördinatie socialezekerheidsstelsels)
Essentie
Zaak X en Y. Toepasselijkheid socialezekerheidswetgeving gedurende periodes tussen werkzaamheden
Samenvatting
Voortzetting zaak CRvB, NJB 2021/227.
X, een Nederlands onderdaan, en Y, een Pools onderdaan, wonen buiten Nederland. Zij verrichten regelmatig in Nederland opdrachten via een uitzendbureau. In de tussenperioden verrichten zij geen beroepsactiviteiten en bestaat er geen arbeidsverhouding tussen X respectievelijk Y en het uitzendbureau. Gedurende de perioden van hun werkzaamheden zijn zij in Nederland verzekerd. De vraag rijst of dit ook het geval is in de tussenperioden.
HvJ EU: Door stopzetting van hun beroepsactiviteit verrichten X en Y in de tussenliggende perioden ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.