Einde inhoudsopgave
Het nieuwe aandelenregime gewikt en gewogen (FM nr. 89) 1999/13.4.2
13.4.2 Fiscale herkapitalisatie
E.J.W. Heithuis, datum 01-12-1999
- Datum
01-12-1999
- Auteur
E.J.W. Heithuis
- JCDI
JCDI:ADS450589:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting (V)
Inkomstenbelasting / Aanmerkelijk belang (box 2)
Voetnoten
Voetnoten
Zie over de fiscale herkapitalisatie uitgebreider P.H.M. Flipsen, Herkapitalisatie, Fed fiscale brochures. Fed, Deventer, 1992 en J.E.A.M. van Dijck, Bijzondere tarieven in de Wet op de inkomstenbelasting, Fed fiscale brochures, 2e druk, blz. 57 e.v., Fed, Deventer, 1997.
Dit tarief geldt blijkens art. 5, onderdeel b, Wet Div.bel. tevens voor de dividendbelasting. Hoewel de herkapitalisatiefaciliteit sedert 1 januari 1997 niet langer open staat voor aanmerkelijkbelanghouders, acht de Vakstudie het toegestaan voor de vennootschap om bij de inhouding en afdracht van de verschuldigde dividendbelasting steeds te volstaan met een percentage van 10 van de nominale waarde van de uitgereikte aandelen, ook als de vennootschap op de hoogte is van de aanwezigheid van aanmerkelijkbelanghouders, de Vakstudie in aantekening 46 op art. 58 Wet IB.
De uitsluiting van de aanmerkelijkbelanghouder van de herkapitalisatiefaciliteit van art. 58 Wet IB geldt louter de echt of afgeleid-aanmerkelijkbelanghouder van art. 20a, derde of vijfde lid. Wet IB (zie hoofdstuk 5, onderdelen 5.2 en 5.4) en niet de fictief aanmerkelijkbelanghouder van art. 20d Wet IB. art. 20e Wet IB, art. 20f Wet IB, krachtens een op grond van art. 20g Wet IB gestelde voorwaarde, art. 68a Wet IB of art. 68aa Wet IB (zie hoofdstuk 9). De fictief aanmerkelijkbelanghouder wordt voor de uitgereikte winstbonusaandelen immers belast op de voet van art. 29, eerste lid. Wet IB (inkomsten uit vermogen).
Memorie van toelichting Tweede Kamer, Kamerstuknr. 24 761. nr. 3, blz. 35.
Uitreiking van aandelen ten laste van de winstreserves van de vennootschap, de zgn. winstbonusaandelen en stockdividenden, worden ingevolge art. 29, eerste lid, Wet IB voor de nominale waarde in de belastingheffing betrokken en wel naar het normale tabeltarief van maximaal 60%>. Een dergelijke hoge belastingheffing is prohibitief voor wenselijke aanpassingen van het nominale kapitaal van de vennootschap aan de groei van de onderneming. Daarom bevat art. 58 Wet IB een faciliteit voor periodieke herkapitalisaties op fiscaal gunstige voorwaarden.1 Indien aan de voorwaarden van art. 58 Wet IB wordt voldaan, is op de omzetting van de winstreserves in aandelenkapitaal in het kader van een herkapitalisatie slechts een tarief van 10% van toepassing.2 Sedert 1 januari 1997 is de faciliteit van de fiscale herkapitalisatie niet langer toegankelijk voor aanmerkelijkbelanghouders, aangezien winstbonusaandelen bij aanmerkelijkbelanghouders niet als 'zuivere inkomsten als bedoeld in artikel 29, eerste lid,' Wet IB in aanmerking worden genomen doch als winst uit aanmerkelijk belang als bedoeld in art. 20b, eerste lid, onderdeel a, Wet IB (reguliere voordelen) (zie hoofdstuk 12, onderdeel 12.2).3
Om voor de gefacilieerde herkapitalisatie in aanmerking te komen, dient aan de volgende voorwaarden te worden voldaan:
De kapitaalsvergroting dient, behoudens een eventueel door de minister toegestane afwijking, ten minste 25% van het nominaal gestorte kapitaal te bedragen;
Het lichaam moet in de aan de kapitaalsvergroting voorafgaande tien jaren een dividend hebben uitgekeerd, het zgn. dividendverleden;
In de tien jaren voorafgaande aan de kapitaalsvergroting mag geen teruggave van gestort kapitaal dan wel (middellijke) inkoop van eigen aandelen, anders dan op de voet van art. 57b, eerste lid, onderdeel c, Wet IB (inkoop van krachtens erfrecht verkregen niet ter beurze genoteerde aandelen), hebben plaatsgevonden;
Het lichaam heeft aandelen uitgegeven welke zijn opgenomen in de prijscourant van een Nederlandse effectenbeurs dan wel zullen daarin worden opgenomen vóór 1 april volgend op het jaar van de kapitaalvergroting;
Het lichaam dat tot herkapitalisatie wenst over te gaan, dient voorafgaand aan de herkapitalisatie een verzoek in te dienen bij de inspecteur belast met de aanslagregeling voor de vennootschapsbelasting, waarop bij een voor bezwaar vatbare beschikking wordt beslist.
Is aan bovenvermelde voorwaarden voldaan, dan mag het nominaal gestorte kapitaal tot maximaal tweemaal het dividendverleden worden vergroot tegen een (zeer) gemitigeerd tarief van 10%> in plaats van het normale tabeltarief van maximaal 60%. Tevens mag het bedrag van de kapitaalsvergroting worden verhoogd met een dividend in contanten ter grootte van de over de herkapitalisa-tiebonus verschuldigde dividend- resp. inkomstenbelasting van 10%. Door deze toebetaling in contanten komt de aandeelhouder niet in liquiditeitsproblemen als gevolg van de verschuldigdheid van inkomstenbelasting ter zake van de in het kader van de herkapitalisatie uitgereikte winstbonusaandelen.
Met ingang van 1 januari 1997 is de fiscale herkapitalisatiefaciliteit beperkt tot zgn. beursgenoteerde ondernemingen. Dit komt tot uitdrukking in het hierboven onder sub d) genoemde vereiste. Het oorspronkelijke wetsvoorstel betreffende de wijziging van het aanmerkelijkbelangregime voorzag nog in een volledige afschaffing van de herkapitalisatiefaciliteit, aangezien volgens de memorie van toelichting deze faciliteit voornamelijk werd benut in situaties waarvoor die oorspronkelijk niet was bedoeld, nl. het fiscaal begeleiden van gewenste aanpassingen van het nominaal gestorte kapitaal van ter beurze genoteerde ondernemingen.4 Blijkens de memorie van toelichting moest hierbij in het bijzonder worden gedacht aan gekunstelde constructies in met name de sfeer van de directeur-grootaandeelhouder bijvoorbeeld door de gefacilieerde herkapitalisatie spoedig daarna te laten volgen door een inkoop van de in het kader van de herkapitalisatie nieuw uitgegeven aandelen (zie hierna) dan wel door de verkrijgingsprijs van de aanmerkelijkbelangaandelen via de werking van de ge-middeldgestortkapitaalregel van art. 39, vierde lid, laatste volzin, (oud) Wet IB geforceerd te verhogen. De vraag rijst overigens wel waarom het hierboven sub d) genoemde vereiste van beursgenoteerde ondernemingen moest worden ingevoerd, nu directeuren-aandeelhouders als aanmerkelijkbelanghouders sedert 1 januari 1997 deze faciliteit toch al niet meer kunnen benutten, omdat winstbonusaandelen sedert deze datum bij hen worden belast als winst uit aanmerkelijk belang op basis van art. 20b, eerste lid, onderdeel a, Wet IB en niet langer als zuivere inkomsten (uit vermogen) als bedoeld in art. 29, eerste lid, Wet IB. Door deze (rangorde)wijziging die het nieuwe aanmerkelijkbelangregime met zich heeft gebracht (zie hoofdstuk 4, onderdeel 4.3.1), is de fiscale herkapitalisatiefaciliteit de facto al beperkt tot de aandeelhouders die geen aanmerkelijk belang bezitten in de vennootschap. Desalniettemin vond de fiscale wetgever het noodzakelijk om aan art. 58, vierde lid, Wet IB het hierboven sub d) genoemde vereiste toe te voegen. Ik meen dat deze toevoeging geen materiële betekenis heeft en mijns inziens beter kan vervallen.