Mededinging en verzekering
Einde inhoudsopgave
Mededinging en verzekering (R&P nr. VR8) 2019/2.5.2.0:2.5.2.0 Introductie
Mededinging en verzekering (R&P nr. VR8) 2019/2.5.2.0
2.5.2.0 Introductie
Documentgegevens:
mr. drs. G.T. Baak, datum 11-12-2019
- Datum
11-12-2019
- Auteur
mr. drs. G.T. Baak
- JCDI
JCDI:ADS183418:1
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / Algemeen
Verzekeringsrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het laatste mededingingsrechtelijke verbod dat voor de volledigheid in dit hoofdstuk bespreking verdient, is het verbod op staatsteun. In de tweede afdeling van titel VII van het Werkingsverdrag zijn de bepalingen over de steunmaatregelen van staten aan ondernemingen neergelegd in de artikelen 107 en 108 van het Werkingsverdrag. In de kern zien de bepalingen erop dat het voor de lidstaten ongeoorloofd is om bepaalde ondernemingen door steunmaatregelen een concurrentievoordeel te verschaffen op een bepaalde markt. Staatsteun wordt dus verboden. Voorgenomen steunmaatregelen moeten door de lidstaten bij de Europese Commissie worden aangemeld.1
De tekst van artikel 107 lid 1 van het Werkingsverdrag, waarin dit verbod is vastgelegd, luidt als volgt:
‘Behoudens de afwijkingen waarin de Verdragen voorzien, zijn steunmaatregelen van de staten of in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, die de mededinging door begunstiging van bepaalde ondernemingen of bepaalde producties vervalsen of dreigen te vervalsen, onverenigbaar met de interne markt, voorzover deze steun het handelsverkeer tussen de lidstaten ongunstig beïnvloedt.’
In de tekst van het wetsartikel ligt een viertal vereisten besloten: staatssteun (1), selectiviteit (2), een ongunstig effect op de mededinging (3) en de interstatelijke handel (4).2 Deze vier vereisten zullen hieronder kort worden besproken, voorzover zij niet eerder in dit hoofdstuk reeds aan de orde zijn gekomen.