Gst. 2021/93
De omstandigheid dat een publiekrechtelijke ontheffing niet is ingetrokken, staat niet in de weg aan de beëindiging van de privaatrechtelijke toestemming door middel van opzegging. Geen onaanvaardbare doorkruising van het publiekrecht. (Hoogheemraadschap Rijnland)
Hof Amsterdam 23-02-2021, ECLI:NL:GHAMS:2021:542, m.nt. W. Lever
- Instantie
Hof Amsterdam
- Datum
23 februari 2021
- Magistraten
Mrs. E.A. Minderhoud, D.J. van der Kwaak, E.K. Veldhuijzen van Zanten
- Zaaknummer
200.288.503/01
- Noot
W. Lever
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS271635:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:2021:542, Uitspraak, Hof Amsterdam, 23‑02‑2021
- Wetingang
(Art. 3:14 BW)
Essentie
De omstandigheid dat een publiekrechtelijke ontheffing niet is ingetrokken, staat niet in de weg aan de beëindiging van de privaatrechtelijke toestemming door middel van opzegging. Geen onaanvaardbare doorkruising van het publiekrecht. (Hoogheemraadschap Rijnland)
Samenvatting
Het hof stelt voorts voorop dat de publiekrechtelijke bevoegdheid van het college van dijkgraaf en hoogheemraden om ontheffing te verlenen van het verbod in de keur voor het hebben van werken zoals een steiger, moet worden onderscheiden van de privaatrechtelijke bevoegdheid toestemming te geven voor het gebruik van het water en de waterbodem waarop de steiger rust. Rijnland was niet reeds op grond van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.