AB 2020/108
Intrekking Nederlanderschap van persoon met dubbele nationaliteit vanwege veroordeling voor terroristische misdrijven.
Rb. Den Haag 16-09-2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:9682, m.nt. K.M. de Vries
- Instantie
Rechtbank Den Haag
- Datum
16 september 2019
- Magistraten
Mrs. G.P. Kleijn, J.L.E. Bakels, A.E. Dutrieux
- Zaaknummer
AWB - 18 _ 8211
- Noot
K.M. de Vries
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS187292:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
EU-recht / Algemeen
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
EU-recht / Bijzondere onderwerpen
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Staatsrecht / Nationaliteitsrecht
Internationaal publiekrecht / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Bestuursbevoegdheden
Openbare orde en veiligheid / Terrorismebestrijding
Openbare orde en veiligheid / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBDHA:2019:9682, Uitspraak, Rechtbank Den Haag, 16‑09‑2019
- Wetingang
Art. 26 IVBPR; art. 5 sub d onder iii IVRD; art. 3, 8 en 14 jo. 8 EVRM; art. 7 lid 1 onder d en lid 3 Europees verdrag inzake nationaliteit; art. 21 Handvest Grondrechten EU; Richtlijn 2004/38/EG; art. 14, lid 2 RWN; art. 83, 134a WvSr; art. 68a BvvN
Essentie
De intrekking van het Nederlanderschap vanwege een veroordeling voor terroristische misdrijven, is geen ‘criminal charge’. De intrekking is ook niet in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel, discriminatieverbod of Unierechtelijk evenredigheidsbeginsel. De amicus-brief van de VN Speciaal Rapporteur Racisme wordt niet bij de besluitvorming betrokken.
Samenvatting
De rechtbank overweegt dat de intrekking van het Nederlanderschap weliswaar een zware maatregel betreft, maar dat verweerder terecht heeft gesteld dat de intrekking van het Nederlanderschap een maatregel van orde is. De maatregel is niet primair gericht op het bestrijden van jihadisme (en het vergroten van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.