AB 2016/460
Unierechtelijke terugvorderingsverplichting in combinatie met nationale terugvorderingsbevoegdheid. Stuiting van de verjaring. Rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel.
CBb 13-10-2016, ECLI:NL:CBB:2016:296, m.nt. J.E. van den Brink
- Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum
13 oktober 2016
- Magistraten
Mrs. A. Venekamp, R.R. Winter, B. Hessel
- Zaaknummer
14/312
- Noot
J.E. van den Brink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS925129:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
EU-recht / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursrecht algemeen / Bestuursbevoegdheden
- Brondocumenten
ECLI:NL:CBB:2016:296, Uitspraak, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 13‑10‑2016
- Wetingang
Essentie
Terugvordering op grond van Unierechtelijke terugvorderingsverplichting in combinatie met nationale terugvorderingsbevoegdheid. De verjaringstermijn van art. 4:57 lid 4 Awb wordt gestuit door uitspraak van de Afdeling. Geen geslaagd beroep op de beginselen van rechtszekerheid en vertrouwen.
Samenvatting
Gelet op de overdracht van alle aan de subsidieverlening verbonden rechten en plichten van Prins & Dingemanse aan Mosselzaad Bedrijf, heeft de Afdeling met haar uitspraak van 8 juli 2009 en meer in het bijzonder met de afwijzing van de aanvraag van Prins & Dingemanse om verlening van subsidie, de subsidieverhouding tussen verweerder en Mosselzaad Bedrijf afgesloten waardoor het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.