NJB 2021/803
Verplichte geestelijke gezondheidszorg. Zorgmachtiging. Termijnoverschrijding. Ontvankelijkheid. Schadevergoeding. Hoge Raad: Aan de niet-naleving van de in art. 5:16 lid 1 Wvggz genoemde vierwekentermijn wordt niet het rechtsgevolg verbonden van niet-ontvankelijkheid of afwijzing. In geval van een termijnoverschrijding waardoor de betrokkene nadeel heeft ondervonden, kan schadevergoeding worden toegekend
HR 05-03-2021, ECLI:NL:HR:2021:349
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
5 maart 2021
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh, A.E.B. ter Heide
- Zaaknummer
20/02530
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Gezondheidsrecht / Algemeen
Gezondheidsrecht / Individuele gezondheidszorg
Juridische beroepen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2021:349, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 05‑03‑2021
ECLI:NL:PHR:2021:23, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 08‑01‑2021
Beroepschrift, Hoge Raad, 17‑08‑2020
- Wetingang
Essentie
Verplichte geestelijke gezondheidszorg. Zorgmachtiging. Termijnoverschrijding. Ontvankelijkheid. Schadevergoeding. Hoge Raad: Aan de niet-naleving van de in art. 5:16 lid 1 Wvggz genoemde vierwekentermijn wordt niet het rechtsgevolg verbonden van niet-ontvankelijkheid of afwijzing. In geval van een termijnoverschrijding waardoor de betrokkene nadeel heeft ondervonden, kan schadevergoeding worden toegekend
Partij(en)
Betrokkene, adv. mr. G.E.M. Later, vs. de officier van justitie, niet verschenen.
Uitspraak
Procesverloop
In dit geding heeft de rechtbank een zorgmachtiging verleend.
Hoge Raad
Het middel klaagt dat de rechtbank de officier van justitie niet-ontvankelijk had moeten verklaren wegens overschrijding van de termijn als bedoeld ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.