De fraudebestrijdende faillissementscurator
Einde inhoudsopgave
De fraudebestrijdende faillissementscurator (R&P nr. InsR23) 2024/5.2.2:5.2.2 Gronden voor oplegging van een bestuursverbod
De fraudebestrijdende faillissementscurator (R&P nr. InsR23) 2024/5.2.2
5.2.2 Gronden voor oplegging van een bestuursverbod
Documentgegevens:
Mr. R.E. de Vries, datum 01-07-2024
- Datum
01-07-2024
- Auteur
Mr. R.E. de Vries
- JCDI
JCDI:ADS979268:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Lid 1 van art. 106a Fw bevat een limitatieve opsomming van de vijf gronden waarop een bestuursverbod kan worden opgelegd. Het betreft de volgende gevallen: (a) vaststaande aansprakelijkheid uit hoofde van art. 2:138/248 BW; (b) doelbewuste aanmerkelijke paulianeuze benadeling van schuldeisers; (c) ernstig tekortschieten in de informatie- of medewerkingsplichten jegens de curator; (d) repeterende faillissementen; en (e) opgelegde fiscale boetes. Volgens de wetstoelichting geven deze vijf gronden weer dat “er een ernstig persoonlijk verzuim van de bestuurder in het geding moet zijn”.1 De rechter heeft volgens de wetstoelichting de vrijheid geen bestuursverbod op te leggen, ook als zich een van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.