Prg. 2010/153
Aangezien werkgeefster geen enkele voorziening heeft getroffen bij de opzegging van de arbeidsovereenkomst met werknemer (60 jr., 38 dj., sal. € 3.927,15 br. p.m.) is die opzegging kennelijk onredelijk. Schadevergoeding niet volgens kantonrechtersformule maar geschat op € 150.000 aan inkomensverlies werknemer.
Rb. Haarlem 06-05-2010, ECLI:NL:RBHAA:2010:BM5897
- Instantie
Rechtbank Haarlem
- Datum
6 mei 2010
- Magistraten
Mr. C.J. Baas
- Zaaknummer
428992 CV EXPL 09-4037
- LJN
BM5897
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Verbintenissenrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBHAA:2010:BM5897, Uitspraak, Rechtbank Haarlem, 06‑05‑2010
- Wetingang
BW art. 7:611, 681, 682
Essentie
Ontslagrecht. Kennelijk onredelijke opzegging. Hoe wordt bij een kennelijke onredelijke opzegging de hoogte van de schadevergoeding vastgesteld?
Sinds HR 27 november 2009 (Prg. 2010, 9) niet meer volgens de kantonrechtersformule, doch door vaststelling van de werkelijke schade ofwel middels een schatting daarvan.
Samenvatting
Werknemer (thans 60 jaar, 38 dienstjaren, salaris € 3.927,15 bruto per maand) heeft in 2009 (in het vonnis abusievelijk 2000) gevorderd te verklaren dat zijn ontslag kennelijk onredelijk is en op grond daarvan herstel van zijn dienstverband, subsidiair, bij geen herstel, betaling van € 220.532, meer subsidiair € 169.640 bruto (volgens de kantonrechtersformule) als schadevergoeding. Hij ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.