V-N 2019/27.15
Lijfrente-uitkering door beroep op vertrouwensbeginsel onbelast
HR 24-05-2019, ECLI:NL:HR:2019:795, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 mei 2019
- Zaaknummer
18/02440
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS54985:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Uitgaven voor inkomensvoorzieningen
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2019:795, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑05‑2019
- Wetingang
art. 3.100 Wet IB 2001
Essentie
Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat de inspecteur het vertrouwen heeft gewekt dat de lijfrente-uitkering onbelast is. X heeft namelijk uitdrukkelijk en gemotiveerd aan de orde gesteld dat de uitkering, gezien zijn klachtenbrief, onbelast is. De Hoge Raad oordeelt dat de middelen of klachten niet tot cassatie kunnen leiden (art. 81 Wet RO).
Samenvatting
X woont in de VS en geniet sinds 2008 een overbruggingslijfrente van Aegon. Omdat er volgens X een fout zit in het aangifteprogramma van de Belastingdienst, heeft hij veelvuldig contact met afdeling Belastingdienst Buitenland. Omdat hij ten einde raad is, dient X een klachtenbrief ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.