RBP 2022/77
Renvooiprocedure en eiswijziging. Is in een eiswijziging toelaatbaar in een renvooiprocedure?
HR 08-07-2022, ECLI:NL:HR:2022:1057
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
8 juli 2022
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, H.M. Wattendorff, S.J. Schaafsma, F.R. Salomons, G.C. Makkink,
- Zaaknummer
21/00687
- Conclusie
A-G mr. E.B. Rank-Berenschot
- JCDI
JCDI:ADS677528:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Insolventierecht / Faillissement
Burgerlijk procesrecht / Rechtspleging van onderscheiden aard
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2022:1057, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑07‑2022
ECLI:NL:PHR:2022:234, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 11‑03‑2022
Beroepschrift, Hoge Raad, 17‑02‑2021
- Wetingang
Art. 486 lid 1 Rv
Essentie
Verdeling executieopbrengst. Rangorderegeling. Tegenspraak.
Is in een eiswijziging toelaatbaar in een renvooiprocedure?
Samenvatting
Een BV is in staat van faillissement verklaard. Een bedrijfspand van die BV wordt door hypotheekhouder ING Lease executoriaal verkocht, en de executieopbrengst (van ruim € 1 miljoen) moet worden verdeeld. In de gerechtelijke rangregelingsprocedure heeft ING Lease haar vordering op de BV begroot op een bedrag van ruim € 3,3 miljoen. De curatoren hebben die vordering grotendeels betwist. De rechter-commissaris stelt een verdeling vast die inhoudt dat het resterende bedrag van de executieopbrengst aan ING Lease toekomt. Gelet op de tegenspraak van de curatoren, verwijst de rechter-commissaris ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.