Einde inhoudsopgave
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/5.4.3.2.2
5.4.3.2.2 Bestaanseis en rechtsvormwijziging
Mr. B. Snijder-Kuipers, datum 20-01-2010
- Datum
20-01-2010
- Auteur
Mr. B. Snijder-Kuipers
- JCDI
JCDI:ADS495402:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Toen rechtsvormwijziging leidde tot ontbinding rechtspersoon en oprichting nieuwe rechtspersoon tegen inbreng vermogen, zie 3.6.1. Van voortbestaan van dezelfde entiteit was nog geen sprake.
Rechtsvragenrubriek, WPNR 1969, nr. 5058, p. 427-428.
Destijds artikel 946 lid 1 en 1048 lid 1 BW
Rechtsvragenrubriek WPNR 1966, 4912, p. 302 en WPNR 1966, 4918, p. 378.
Rechtsvragenrubriek, WPNR 1966, nr. 4918, p. 377-378.
Zie 1.3.
Zie hiervoor 3.9.
F.W.J.M. Schols, in: M.J.A. van Mourik (red.), L.C.A.Verstappen e.a., Handboek Erfrecht, Deventer: Kluwer 2006, p. 235.
W. Breemhaar, De uiterste wilsbeschikking (diss. Groningen), Deventer: Kluwer 1992, p. 99.
Voor rechtsvormwijziging is geen specifieke regeling opgenomen. Onder het oude recht, toen sprake was van ontbinding en oprichting1, is de vraag wat het gevolg is van een making aan een rechtspersoon die van rechtsvorm is gewijzigd na het opmaken van een testament en voor het openvallen van de nalatenschap in de literatuur aan de orde gekomen.2 Een vereniging werd van rechtsvorm gewijzigd in een stichting. Er was een making ten voordele van de vereniging gedaan. Op het moment van openvallen van de nalatenschap bestond de vereniging niet meer in die vorm en daarom werd niet aan de bestaanseis3 voldaan.
Lubbers4 meent dat voor het al dan niet bestaan van een rechtspersoon de wettelijke regeling doorslaggevend is. In het onderhavige geval betekent dat verval van de making nu de vereniging niet meer bestond. De Ranitz5 nuanceert dit standpunt. Hij stelt dat een natuurlijk persoon door het aannemen van een nieuwe naam blijft bestaan. Datzelfde geldt voor een rechtspersoon. Daarom wordt een rechtspersoon als bestaand aangemerkt ondanks wijziging van organisatie, vorm en naam. Hij stelt daarbij de volgende beperking, namelijk mits de identiteit blijft bestaan. Dit standpunt berust niet op een wettelijk voorschrift maar wel op een redelijke toepassing van beginselen die achter het complex van voorschriften staan. Of de identiteit is blijven bestaan, is een kwestie van uitleg van de veronderstelde wil van de testateur. De identiteit van de rechtspersoon wordt vooral ontleend aan het doel.
De huidige wettelijke rechtspersoonlijke plaatsvervullingregel geldt voor juridische fusie en splitsing, niet voor rechtsvormwijziging. Wat is rechtens indien een making toevalt aan een rechtspersoon die op het moment van openvallen van de nalatenschap door rechtsvormwijziging een andere rechtsvorm heeft gekregen? Uitgaande van de continuïteit van de rechtspersoon6 komt de making toe aan de rechtspersoon na rechtsvormwijziging. Rechtsvormwijziging is te beschouwen als een vorm van statutenwijziging.7 De rechtspersoon blijft dezelfde, ook na rechtsvormwijziging. De vorm verandert wel maar de identiteit van de rechtspersoon blijft gehandhaafd. Dat betekent dat, vanuit de bestaanseis bezien, de making toevalt aan de rechtspersoon na rechtsvormwijziging8 aangezien de rechtspersoon is blijven bestaan.9 De continuïteit in de identiteit van de rechtspersoon prevaleert boven de discontinuïteit in de rechtsvorm.
Of in een concreet geval de continuïteit of discontinuïteit van rechtsvormwijziging prevaleert, hangt af van de aard van de rechtsvormwijziging en de invulling van het wettelijk kader in het licht van de aard van de rechtsverhouding. Het karakter van een making brengt mee dat het doel van de rechtspersoon van doorslaggevend belang is. Bij een making is de discontinuïteit van de rechtspersoon door rechtsvormwijziging van belang. De rechtspersoon voldoet niet aan de bestaanseis omdat deze niet langer in die vorm bestaat. De discontinuïteit in de rechtsvorm prevaleert boven de continuïteit van de rechtspersoon gezien de aard van de rechtsbetrekking. De making vervalt indien door rechtsvormwijziging het doel waarvoor de making is verricht, vervalt.
Voorbeeld van continuïteit
Een naamloze vennootschap wijzigt van rechtsvorm in een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid. Uitsluitend in de naam worden de letters N.V. vervangen door B.V.
Voorbeeld van discontinuïteit
Een stichting die ten doel heeft de alcoholconsumptie te verminderen wijzigt in een vereniging die ten doel heeft drankgebruik in het algemeen, waaronder begrepen alcohol, in schouwburgen en theaters te bevorderen.