Nemo tenetur in belastingzaken
Einde inhoudsopgave
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/18.5.1:18.5.1 Inleiding
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/18.5.1
18.5.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. L.C.A. Wijsman, datum 27-11-2016
- Datum
27-11-2016
- Auteur
Mr. L.C.A. Wijsman
- JCDI
JCDI:ADS500733:1
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie § 14.5.3.3 hiervoor.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Naast het aanhouden voor verhoor, worden in de (fiscaal-)strafvorderlijke sfeer andere dwangmiddelen tegen de verdachte ingezet, die niet strekken tot het doen afleggen van een verklaring door de verdachte. Voor deze studie zijn vooral van belang de middelen die in de AWR zijn vastgelegd, te weten de vordering uitlevering ter inbeslagneming ex art. 81 AWR en het betreden van plaatsen ex art. 83 AWR.1 Anders dan geldt voor het verhoor, zijn er met betrekking tot deze bijzondere dwangmiddelen geen nationaalrechtelijke waarborgen aanwijsbaar, die uitdrukking geven aan het nemo tenetur-beginsel of althans rechtstreeks aan de realisatie ervan bijdragen. Wel komt het niet-meewerkrecht in art. 6 EVRM in beeld. De (mogelijke) betekenis van dit recht voor de vordering uitlevering is onderwerp van § 18.5.2. Aansluitend zal ik in § 18.5.3 de (mogelijke) betekenis van dit recht voor de bevoegdheid tot het betreden van plaatsen nagaan.