HR, 05-03-2013, nr. 10/00335
ECLI:NL:HR:2013:BZ2938
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
05-03-2013
- Zaaknummer
10/00335
- LJN
BZ2938
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:PHR:2013:BZ2938, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 05‑03‑2013
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2013:BZ2938
Arrest gerechtshof: ECLI:NL:GHAMS:2009:BX5712
ECLI:NL:HR:2013:BZ2938, Uitspraak, Hoge Raad, 05‑03‑2013; (Cassatie)
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2013:BZ2938
In cassatie op: ECLI:NL:GHAMS:2009:BX5712, Niet ontvankelijk
- Vindplaatsen
SR-Updates.nl 2013-0118
Conclusie 05‑03‑2013
Inhoudsindicatie
Geen schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend. Verdachte n-o. in cassatieberoep.
Nr. 10/00335
Mr. Machielse
Zitting 8 januari 2013
Conclusie inzake:
[Verdachte](1)
1. Het Gerechtshof Amsterdam heeft verdachte op 14 december 2009 voor: medeplegen van moord, veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 jaar.
2. Mr. R.C. Honig, advocaat te Amsterdam heeft namens verzoeker beroep in cassatie ingesteld.
3. Binnen de door art. 437 lid 2 Sv gestelde termijn is geen schriftuur met middelen door een advocaat ingediend. Verzoeker kan daarom niet in het cassatieberoep worden ontvangen.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
1 Deze zaak hangt samen met nr. 10/00107 ([medeverdachte 1]), nr. 09/05219 ([medeverdachte 4]) en nr. 10/00456 ([medeverdachte 3]) waarin ik ook vandaag concludeer.
Uitspraak 05‑03‑2013
Inhoudsindicatie
Geen schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend. Verdachte n-o. in cassatieberoep.
5 maart 2013
Strafkamer
nr. S 10/00335
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 14 december 2009, nummer 23/001223-08, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985.
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Middelen van cassatie zijn namens deze niet voorgesteld.
De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd dat de verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het beroep.
2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, tweede lid, Sv, zodat de verdachte in het beroep niet kan worden ontvangen.
3. Beslissing
De Hoge Raad verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en N. Jörg, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 5 maart 2013.