Procestaal: Nederlands.
HvJ EU, 12-05-2016, nr. C-532/14, nr. C-533/14
ECLI:EU:C:2016:337
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
12-05-2016
- Magistraten
R. Silva de Lapuerta, A. Arabadjiev, C. G. Fernlund, S. Rodin, E. Regan
- Zaaknummer
C-532/14
C-533/14
- Conclusie
M. Campos sánchez-bordona
- Roepnaam
Toorank Productions
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen (V)
EU-recht (V)
Europees belastingrecht (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:EU:C:2016:337, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 12‑05‑2016
ECLI:EU:C:2016:23, Conclusie, Hof van Justitie van de Europese Unie, 19‑01‑2016
Uitspraak 12‑05‑2016
R. Silva de Lapuerta, A. Arabadjiev, C. G. Fernlund, S. Rodin, E. Regan
Partij(en)
In de gevoegde zaken C-532/14 en C-533/14,*
betreffende verzoeken om een prejudiciële beslissing krachtens artikel 267 VWEU, ingediend door de Hoge Raad der Nederlanden bij beslissingen van 24 oktober 2014, ingekomen bij het Hof op 24 november 2014, in de procedures
Toorank Productions BV
tegen
Staatssecretaris van Financiën,
wijst
HET HOF (Eerste kamer),
samengesteld als volgt: R. Silva de Lapuerta, kamerpresident, A. Arabadjiev, C. G. Fernlund, S. Rodin (rapporteur) en E. Regan, rechters,
advocaat-generaal: M. Campos Sánchez-Bordona,
griffier: A. Calot Escobar,
gezien de stukken,
gelet op de opmerkingen ingediend door:
- —
Toorank Productions BV, vertegenwoordigd door G. van Slooten, belastingadviseur,
- —
de Nederlandse regering, vertegenwoordigd door B. Koopman, M. Bulterman en H. Stergiou als gemachtigden,
- —
de Griekse regering, vertegenwoordigd door K. Nasopoulou als gemachtigde,
- —
de Poolse regering, vertegenwoordigd door B. Majczyna als gemachtigde,
- —
de Europese Commissie, vertegenwoordigd door A. Caeiros en W. Roels als gemachtigden,
gehoord de conclusie van de advocaat-generaal ter terechtzitting van 19 januari 2016,
het navolgende
Arrest
1
De verzoeken om een prejudiciële beslissing betreffen de uitlegging van de gecombineerde nomenclatuur (hierna: ‘GN’) in bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (PB L 256, blz. 1), zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 1719/2005 van de Commissie van 27 oktober 2005 (PB L 286, blz. 1) en verordening (EG) nr. 1214/2007 van de Commissie van 20 september 2007 (PB L 286, blz. 1).
2
Deze verzoeken zijn ingediend in het kader van gedingen tussen Toorank Productions BV en de Staatssecretaris van Financiën over de tariefindeling van alcoholhoudende dranken.
Toepasselijke bepalingen
GS
3
De Internationale Douaneraad, thans de Werelddouaneorganisatie (WCO), is opgericht bij het op 15 december 1950 te Brussel gesloten verdrag tot instelling van deze raad. Het geharmoniseerde systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen (hierna: ‘GS’) is opgesteld door de WCO en ingevoerd bij het op 14 juni 1983 te Brussel gesloten Internationaal Verdrag betreffende het geharmoniseerde systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen, dat evenals zijn wijzigingsprotocol van 24 juni 1986 namens de Europese Economische Gemeenschap is goedgekeurd bij besluit 87/369/EEG van de Raad van 7 april 1987 (PB L 198, blz. 1).
4
Krachtens artikel 3, lid 1, van dat internationale verdrag verbindt elke verdragsluitende partij zich ertoe om haar tariefnomenclatuur en haar statistieknomenclaturen in overeenstemming te doen zijn met het GS, om alle posten en onderverdelingen ervan, zonder enige toevoeging of wijziging, alsmede de daarop betrekking hebbende numerieke codes te gebruiken en om de volgorde van nummering van het systeem in acht te nemen. Elke verdragsluitende partij verbindt zich er ook toe om de algemene regels voor de interpretatie van het GS, alsmede alle aantekeningen op de afdelingen, de hoofdstukken en de onderverdelingen van het GS toe te passen en de draagwijdte daarvan niet te wijzigen.
5
De WCO keurt onder de in artikel 8 van dat verdrag vastgelegde voorwaarden de toelichtingen en de indelingsadviezen goed die worden vastgesteld door het comité voor het GS.
6
GS-post 22.06 is als volgt verwoord: ‘Andere gegiste dranken (bijvoorbeeld appelwijn, perenwijn, honigdrank); mengsels van gegiste dranken en mengsels van gegiste dranken met alcoholvrije dranken, elders genoemd noch elders onder begrepen’. De tweede alinea van de GS-toelichting op die post luidt:
‘Bedoelde dranken kunnen van nature mousserend zijn of door toevoeging van kooldioxide mousserend zijn gemaakt. Zij blijven ook onder deze post ingedeeld wanneer alcohol is toegevoegd of het alcoholgehalte is verhoogd door een verdere gisting, mits zij het karakter behouden van de onder die post vallende producten.’
7
GS-post 22.08 is als volgt verwoord: ‘Ethylalcohol, niet gedenatureerd, met een alcoholvolumegehalte van minder dan 80 % vol; gedistilleerde dranken, likeuren en andere dranken die gedistilleerde alcohol bevatten’. De GS-toelichting op die post luidt:
‘Deze post omvat, ongeacht het alcoholvolumegehalte:
[…]
- B.
likeuren, dat wil zeggen alcoholhoudende dranken waaraan suiker, honing of andere natuurlijke zoetstoffen en extracten of oliën zijn toegevoegd (bijvoorbeeld alcoholhoudende dranken verkregen door distillatie of door het mengen van ethylalcohol of gedistilleerde dranken met een of meer van de navolgende producten: vruchten, bloemen of andere plantendelen, extracten, oliën, etherische oliën of vruchtensappen, ook indien geconcentreerd). Van deze producten kunnen onder meer worden genoemd: likeuren die suikerkristallen bevatten, likeuren van vruchtensappen, eierlikeuren, likeuren op basis van kruiden, bessen of specerijen, likeuren van thee, chocolade, melk of honing.
[…]’
GN
8
De GN stemt overeen met het GS wat de uit zes cijfers bestaande posten en onderverdelingen betreft. Alleen de postonderverdelingen met een zevende en achtste cijfer zijn specifiek voor de GN.
9
Op grond van artikel 12, lid 1, van verordening nr. 2658/87, zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 254/2000 van de Raad van 31 januari 2000 (PB L 28, blz. 16), stelt de Europese Commissie jaarlijks bij verordening een volledige versie van de GN en van het tarief van de douanerechten vast, zoals die uit de door de Raad van de Europese Unie of de Commissie vastgestelde bepalingen voortvloeit. De bedoelde verordening is van toepassing met ingang van 1 januari van het daaropvolgende jaar.
10
De bewoordingen van de posten 2206 en 2208 en de algemene regels voor de interpretatie van de GN in het eerste deel, titel I, afdeling A, daarvan, zijn identiek in de versies van de GN als vervat in verordening nr. 1719/2005 en verordening nr. 1214/2007.
11
In genoemde afdeling heet het:
‘Voor de indeling van goederen in de gecombineerde nomenclatuur gelden de volgende bepalingen.
- 1.
De tekst van de opschriften van de afdelingen, van de hoofdstukken en van de onderdelen van hoofdstukken wordt geacht slechts als aanwijzing te gelden; voor de indeling zijn wettelijk bepalend de bewoordingen van de posten en de aantekeningen op de afdelingen of op de hoofdstukken en — voor zover dit niet in strijd is met de bewoordingen van bedoelde posten en aantekeningen — de navolgende regels.
[…]
- 3.
Indien goederen met toepassing van het bepaalde onder 2 b) of om enige andere reden vatbaar zijn voor indeling onder twee of meer posten, geschiedt de indeling als volgt:
[…]
- b)
mengsels, werken die zijn samengesteld uit of met verschillende stoffen dan wel zijn vervaardigd door samenvoeging van verschillende goederen, zomede goederen in stellen of assortimenten opgemaakt voor de verkoop in het klein, waarvan de indeling niet mogelijk is aan de hand van het bepaalde onder 3 a), worden ingedeeld naar de stof of naar het goed waaraan de mengsels, de werken, de stellen of de assortimenten hun wezenlijk karakter ontlenen, indien dit kan worden bepaald;
[…]’
12
De bewoordingen van de GN-posten 2206 en 2208 stemmen overeen met die van de GS-posten 22.06 en 22.08.
Hoofdgedingen en prejudiciële vragen
Zaak C-532/14
13
Toorank Productions heeft bij de belastingautoriteiten een aanvraag ingediend voor een bindende tariefinlichting voor een drank met de naam ‘Petrikov Creamy Green’ en daarbij verzocht die drank in te delen onder GN-onderverdeling 2206 00 59. Bij in bezwaar gehandhaafd besluit hebben deze autoriteiten die drank ingedeeld onder GN-tariefonderverdeling 2208 70 10.
14
De drank is vervaardigd door een gegiste drank, aangeduid als ‘Ferm Fruit’, te mengen met gedistilleerde alcohol, suikerstroop, magere melk, plantaardig vet en aroma's. Genoemde drank heeft een alcoholvolumepercentage van 13,4 %, en ten minste 51 % van de alcohol in die drank is afkomstig uit vergisting. Ferm Fruit, met een alcoholvolumepercentage van 16 %, wordt bereid uit door vergisting van fruit ontstane alcohol die vervolgens wordt gezuiverd door filtratie. Wat geur, kleur en smaak betreft, is deze drank neutraal. De drank wordt gebruikt voor de vervaardiging van eindproducten, maar is als zodanig ook geschikt voor menselijke consumptie.
15
Tegen het besluit van de belastingautoriteiten heeft Toorank Productions beroep ingesteld bij de Rechtbank te Amsterdam (Nederland). De rechtbank heeft geoordeeld dat Petrikov Creamy Green moet worden ingedeeld onder GN-onderverdeling 2206 00 59, en op basis daarvan genoemd besluit vernietigd.
16
In het hoger beroep van de Staatssecretaris van Financiën heeft het Gerechtshof te Amsterdam geoordeeld dat Petrikov Creamy Green als likeur moet worden ingedeeld onder GN-onderverdeling 2208 70 10 vanwege het hoge suikergehalte ervan, de toevoeging van gedistilleerde alcohol, aroma's en een roombasis alsmede vanwege zijn groene kleur.
17
Toorank Productions heeft tegen deze uitspraak beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden.
18
Deze rechter wijst er enerzijds op dat GN-post 2206 mede mengsels van gegiste dranken en alcoholvrije dranken omvat en dat dergelijke dranken volgens de GS-toelichting op GS-post 22.06 onder deze post ingedeeld blijven wanneer alcohol is toegevoegd of het alcoholgehalte is verhoogd door een verdere gisting, mits zij het karakter behouden van de onder die post vallende producten. Anderzijds ziet GN-post 2208 op likeuren waarvan het alcoholvolumegehalte in het algemeen hoger is dan 13,4 %. Toevoeging van gedistilleerde alcohol aan een drank die valt onder GN-post 2206 heeft niet tot gevolg dat die drank daar automatisch van wordt uitgesloten. Indien de hoeveelheden gegiste en gedistilleerde alcohol in een product als Petrikov Creamy Green evenwel niet bepalend zijn voor de indeling ervan, en de drank waaraan de gedistilleerde alcohol is toegevoegd de eigenschappen en kenmerken heeft van producten die vallen onder GN-post 2208, dan zou dat product volgens deze rechter onder die post moeten worden ingedeeld.
19
De verwijzende rechter vraagt zich af hoe het arrest van 7 mei 2009, Siebrand (C-150/08, EU:C:2009:294), dient te worden uitgelegd. Hij vraagt zich in het bijzonder af of dit arrest, met name punt 35 ervan, aldus moet worden uitgelegd dat de toegevoegde hoeveelheid gedistilleerde alcohol zowel wat betreft volume als alcoholgehalte bepalend is voor de indeling ervan in GN-post 2208 ongeacht de eventuele overige kenmerken en eigenschappen van het betrokken product, of dat hoe dan ook moet worden nagegaan of de organoleptische kenmerken alsmede de bestemming van het product stroken met die van dranken die onder GN-post 2208 worden ingedeeld.
20
In deze omstandigheden heeft de Hoge Raad der Nederlanden de behandeling van de zaak geschorst en het Hof verzocht om een prejudiciële beslissing over de volgende vragen:
- ‘1)
Dient post 2206 van de GN aldus te worden uitgelegd dat een drank met een alcoholvolumepercentage van 13,4, welke is verkregen door een als ‘Ferm Fruit’ aangeduide, door gisting van appelconcentraat verkregen, gezuiverde alcoholhoudende (basis)drank te mengen met suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen, conserveermiddelen en gedistilleerde alcohol — in die zin dat deze alcohol zowel in volume als in percentage niet meer is dan 49 % van de in de drank voorkomende alcohol, terwijl 51 % daarvan bestaat uit door gisting verkregen alcohol —, moet worden ingedeeld onder deze post?
- 2)
Zo nee, dient postonderverdeling 2208 70 van de GN zo te worden uitgelegd dat een drank als deze als likeur onder deze postonderverdeling moet worden ingedeeld?’
Zaak C-533/14
21
Toorank Productions heeft een naheffingsaanslag ontvangen ter zake van de accijns die van haar is geheven bij de uitslag uit haar belastingentrepot van verschillende alcoholhoudende dranken over de periode van 1 tot en met 31 oktober 2008. De belastingautoriteiten hebben deze aanslag na daartegen gemaakt bezwaar bij besluit gehandhaafd.
22
De producten waarvoor de accijns is betaald, zijn Ferm Fruit en voorts dranken die zijn bereid door aan Ferm Fruit als basisdrank verschillende ingrediënten toe te voegen (hierna: ‘dranken op basis van Ferm Fruit’).
23
Ferm Fruit is een drank met een alcoholvolumepercentage van 16 %. Een liter van dit product wordt bereid uit 275 ml suikersiroop, 711 ml gedemineraliseerd water, 10 ml appelconcentraat en 4 ml mineralen en vitaminen. Deze ingrediënten worden gemengd, daarna wordt het mengsel gepasteuriseerd en wordt wijngist toegevoegd waardoor het mengsel gaat gisten. De hiermee verkregen vloeistof wordt gezuiverd door toepassing van verschillende filtratieprocessen, waaronder ultrafiltratie, Kiezelguhrfiltratie, microfiltratie en carbonfiltratie. Ferm Fruit bevat geen gedistilleerde alcohol en er wordt geen procedé toegepast om het alcoholgehalte te verhogen. Ferm Fruit is wat geur, kleur en smaak betreft neutraal. De drank is geschikt voor menselijke consumptie en niet uitsluitend bestemd voor de bereiding van andere producten.
24
De dranken op basis van Ferm Fruit zijn dranken met een alcoholvolumepercentage van 14 % die worden bereid door aan Ferm Fruit suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen en/of conserveermiddelen, en in een enkel geval ook room, toe te voegen. De alcohol in deze dranken wordt uitsluitend door gisting verkregen. Er wordt geen gedistilleerde alcohol toegevoegd. De dranken bestaan voor 80 % tot 90 % uit Ferm Fruit.
25
In het besluit in het hoofdgeding hebben de belastingautoriteiten geoordeeld dat Ferm Fruit en de dranken op basis van Ferm Fruit onder GN-post 2208 vallen.
26
Toorank Productions heeft tegen dit besluit beroep ingesteld bij de Rechtbank te Breda (Nederland), die dit besluit heeft vernietigd en het bedrag van de naheffing heeft verlaagd.
27
Op het hoger beroep van Toorank Productions en de Staatssecretaris van Financiën heeft het Gerechtshof te 's‑Hertogenbosch (Nederland) de uitspraak van de Rechtbank te Breda bevestigd en daarbij geoordeeld dat Ferm Fruit onder GN-post 2206 valt en de dranken op basis van Ferm Fruit onder GN-post 2208.
28
Toorank Productions heeft bij de Hoge Raad der Nederlanden beroep in cassatie ingesteld en de Staatssecretaris van Financiën heeft incidenteel beroep in cassatie ingesteld.
29
De verwijzende rechter is van oordeel dat Ferm Fruit zou kunnen worden ingedeeld zowel onder GN-post 2206, aangezien de alcohol in die drank door gisting is verkregen, als onder GN-post 2208, aangezien de drank kleur-, geur- en smaakloos is en aldus in zijn organoleptische eigenschappen gelijkenis vertoont met een door distillatie verkregen alcoholhoudend product. Evenwel lijken de GS-toelichtingen door gisting verkregen dranken van laatstgenoemde post uit te sluiten.
30
De verwijzende rechter merkt echter op dat uit het arrest van 14 juli 2011, Paderborner Brauerei Haus Cramer (C-196/10, EU:C:2011:487), volgt dat door gisting verkregen producten die vervolgens ultrafiltratie hebben ondergaan, onder GN-post 2208 kunnen vallen wanneer zij de eigenschappen van de onder die post vallende producten hebben verkregen.
31
Wat betreft dranken op basis van Ferm Fruit is de verwijzende rechter van oordeel dat, ingeval Ferm Fruit onder GN-post 2206 moet worden ingedeeld, die dranken niet onder GN-post 2208 kunnen vallen. Deze rechter leidt uit de bewoordingen van GN-post 2208 en de toelichtingen op die post af dat deze post enkel ziet op dranken met gedistilleerde alcohol, inclusief likeuren. Hij wijst er ook op dat dranken op basis van Ferm Fruit in vergelijking met het in het algemeen hoge alcoholvolumegehalte van likeuren en andere dranken die gedistilleerde alcohol bevatten een relatief laag alcoholvolumegehalte van 14 % hebben. De verwijzende rechter onderkent echter dat indeling van de dranken op basis van Ferm Fruit onder GN-post 2206 voor discussie vatbaar is aangezien die dranken de eigenschappen van de onder die post vallende producten hebben verloren.
32
In die omstandigheden heeft de Hoge Raad der Nederlanden de behandeling van de zaak geschorst en de volgende prejudiciële vragen gesteld:
- ‘1)
Dient post 2206 van de GN aldus te worden uitgelegd dat een door gisting van appelconcentraat verkregen, als ‘Ferm Fruit’ aangeduide drank, die mede wordt gebruikt als basisdrank voor de vervaardiging van diverse andere dranken, een alcoholvolumepercentage heeft van 16, door zuivering (waaronder ultrafiltratie) neutraal is wat betreft kleur, geur en smaak, en waaraan geen gedistilleerde alcohol is toegevoegd, onder deze post moet worden ingedeeld? Zo nee, moet post 2208 van de GN zo worden uitgelegd dat een drank als deze onder deze post moet worden ingedeeld?
- 2)
Dient post 2206 van de GN aldus te worden uitgelegd dat een drank met een alcoholvolumepercentage van 14, welke drank is verkregen door de hiervoor in vraag 1 omschreven (basis)drank te mengen met suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen en conserveermiddelen en dat geen gedistilleerde alcohol bevat, moet worden ingedeeld onder deze post? Zo nee, dient post 2208 van de GN zo te worden uitgelegd dat een drank als deze onder deze post moet worden ingedeeld?’
33
Bij beslissing van de president van het Hof van 7 januari 2015 zijn de zaken C-532/14 en C-533/14 gevoegd voor de schriftelijke en de mondelinge behandeling en het arrest.
Beantwoording van de prejudiciële vragen
Opmerkingen vooraf
34
Om te beginnen moet volgens vaste rechtspraak van het Hof het beslissende criterium voor de tariefindeling van goederen in het belang van de rechtszekerheid en van gemakkelijke controle in de regel worden gezocht in de objectieve kenmerken en eigenschappen ervan, zoals deze in de bewoordingen van de GN-post en in de aantekeningen bij de afdelingen of hoofdstukken zijn omschreven (zie arrest van 11 juni 2015, Amazon EU, C-58/14, EU:C:2015:385, punt 20 en aldaar aangehaalde rechtspraak).
35
Verder staat vast dat de bestemming van het product een objectief indelingscriterium kan zijn, wanneer die bestemming gelet op de objectieve kenmerken en eigenschappen van het product daaraan inherent is (zie arrest van 30 april 2014, Nutricia, C-267/13, EU:C:2014:277, punt 21 en aldaar aangehaalde rechtspraak). De bestemming van het product is echter slechts een relevant criterium indien de indeling niet uitsluitend op basis van de objectieve kenmerken en eigenschappen van het product kan worden verricht (zie arrest van 16 december 2010, Skoma-Lux, C-339/09, EU:C:2010:781, punt 47 en aldaar aangehaalde rechtspraak).
36
Ten slotte zijn de door de Commissie — wat de GN betreft — en door de WCO — wat het GS betreft — uitgewerkte toelichtingen, hoewel rechtens niet bindend, belangrijke hulpmiddelen bij de uitlegging van de draagwijdte van de verschillende tariefposten (zie arrest van 4 maart 2015, Oliver Medical, C-547/13, EU:C:2015:139, punt 46 en aldaar aangehaalde rechtspraak).
Eerste vraag in zaak C-533/14
37
Met zijn eerste vraag in zaak C-533/14 wenst de verwijzende rechter in essentie te vernemen of de GN aldus moet worden uitgelegd dat een drank zoals Ferm Fruit, die is verkregen door gisting van appelconcentraat, bestemd is om als zodanig of als basisingrediënt in andere dranken te worden geconsumeerd, neutraal is wat betreft kleur, geur en smaak als gevolg van zuivering, met name ultrafiltratie, en waarvan het alcoholvolumegehalte zonder toevoeging van gedistilleerde alcohol 16 % bedraagt, onder GN-post 2206 valt, of dat de GN aldus moet worden uitgelegd dat die drank onder GN-post 2208 valt.
38
Er zij aan herinnerd dat uit de GS-toelichting op de aan GN-post 2206 identieke GS-post 22.06 volgt dat door gisting verkregen producten onder die post ingedeeld blijven mits zij het karakter behouden van de onder deze post vallende producten, te weten dat van gegiste dranken (zie in deze zin arresten van 7 mei 2009, Siebrand, C-150/08, EU:C:2009:294, punt 26, en 16 december 2010, Skoma-Lux, C-339/09, EU:C:2010:781, punt 46 en aldaar aangehaalde rechtspraak).
39
Voorts dient erop te worden gewezen dat producten die niet uitsluitend door gisting worden verkregen maar ook door een zuiveringsproces dat ertoe leidt dat die producten de kenmerken en eigenschappen van gegiste dranken verliezen en de eigenschappen en kenmerken verkrijgen van ethylalcohol, vallend onder GN-post 2208, onder deze post vallen (zie in deze zin arrest van 14 juli 2011, Paderborner Brauerei Haus Cramer, C-196/10, EU:C:2011:487, punt 37).
40
Uit de verwijzingsbeslissing blijkt dat Ferm Fruit, dat een alcoholgehalte van 16 % heeft, wordt verkregen door gisting van appelconcentraat gevolgd door verschillende filtratieprocedés. Wat betreft de kenmerken en eigenschappen van Ferm Fruit blijkt eveneens uit de verwijzingsbeslissing dat deze drank een neutrale kleur, geur en smaak heeft en dus gelijkenis vertoont met een door distillatie verkregen alcoholhoudend product.
41
Allereerst dient eraan te worden herinnerd dat volgens de in punt 34 van dit arrest genoemde rechtspraak de indeling van een product hoofdzakelijk afhangt van de objectieve kenmerken en eigenschappen ervan.
42
Verder volgt uit de bewoordingen van GN-post 2208 ten eerste dat deze post zowel ziet op dranken als op voor de bereiding van andere producten gebruikte tussenproducten, ten tweede dat voor het alcoholgehalte als enig criterium is voorzien in een maximaal alcoholvolumegehalte van 80 %, en ten derde dat er geen criterium is geformuleerd voor de productiemethode van de onder die post vallende producten.
43
Ten slotte volgt uit de in de punten 38 en 39 van dit arrest aangehaalde rechtspraak dat een door gisting verkregen product dat vervolgens een zuiveringsprocedé ondergaat, onder GN-post 2208 valt, aangezien dit product de eigenschappen van onder GN-post 2206 vallende gegiste dranken heeft verloren en de eigenschappen van het tot GN-post 2208 behorende ethylalcohol heeft verkregen.
44
Aangezien Ferm Fruit als gevolg van verschillende zuiveringsprocedés de objectieve eigenschappen van het onder GN-post 2208 vallende ethylalcohol — te weten een neutrale kleur, geur en smaak — heeft verkregen, valt deze drank dus onder GN-post 2208.
45
Gelet op een en ander dient op de eerste vraag in zaak C-533/14 te worden geantwoord dat de GN aldus moet worden uitgelegd dat een drank zoals Ferm Fruit, die is verkregen door gisting van appelconcentraat, bestemd is om als zodanig of als basisingrediënt in andere dranken te worden geconsumeerd, neutraal is wat betreft kleur, geur en smaak als gevolg van zuivering, met name ultrafiltratie, en waarvan het alcoholvolumegehalte zonder toevoeging van gedistilleerde alcohol 16 % bedraagt, valt onder GN-post 2208.
Tweede vraag in zaak C-533/14
46
Met zijn tweede vraag in zaak C-533/14 wenst de verwijzende rechter in essentie te vernemen of de GN aldus moet worden uitgelegd dat dranken met een alcoholvolumepercentage van 14 % die worden bereid door aan Ferm Fruit suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen en conserveermiddelen, en in een enkel geval ook room, toe te voegen, en die geen gedistilleerde alcohol bevatten, vallen onder GN-post 2206, of dat de GN aldus moet worden uitgelegd dat die dranken onder GN-post 2208 vallen.
47
Om te beginnen dient te worden geconstateerd dat uit de verwijzingsbeslissing in zaak C-533/14 blijkt dat aan Ferm Fruit, een drank die valt onder GN-post 2208, een aantal toevoegingsmiddelen zoals suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen en conserveermiddelen, en in een enkel geval ook room, is toegevoegd.
48
Zoals de advocaat-generaal in punt 76 van zijn conclusie heeft opgemerkt, blijkt uit de bewoordingen van de GS-toelichting op GS-post 22.08, die overeenkomt met GN-post 2208, dat die post producten met verschillende toevoegingsmiddelen zoals suiker en aroma's omvat.
49
Bijgevolg hebben de dranken op basis van Ferm Fruit, waaraan onder meer suiker en aroma's zijn toegevoegd, de objectieve kenmerken van een likeur en vallen zij onder GN-post 2208.
50
Derhalve dient op de tweede vraag in zaak C-533/14 te worden geantwoord dat de GN aldus moet worden uitgelegd dat dranken met een alcoholvolumepercentage van 14 % die worden bereid door aan Ferm Fruit suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen en conserveermiddelen, en in een enkel geval ook room, toe te voegen, en die geen gedistilleerde alcohol bevatten, vallen onder GN-post 2208.
Prejudiciële vraag in zaak C-532/14
51
Met zijn vraag wenst de verwijzende rechter in essentie te vernemen of de GN aldus moet worden uitgelegd dat een drank met een alcoholvolumepercentage van 13,4 % die wordt bereid door aan Ferm Fruit suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen, conserveermiddelen en gedistilleerde alcohol toe te voegen — in die zin dat deze alcohol zowel in volume als in percentage niet meer is dan 49 % van de in de drank voorkomende alcohol en de overige 51 % is ontstaan uit een gistingsproces — valt onder GN-post 2206, of dat de GN aldus moet worden uitgelegd dat die drank onder GN-post 2208 valt.
52
Om te beginnen dient erop te worden gewezen dat uit de verwijzingsbeslissing blijkt dat de verwijzende rechter van oordeel is dat de in het hoofdgeding in zaak C-532/14 bedoelde drank de kenmerken en eigenschappen van onder GN-post 2208 vallende producten heeft.
53
De verwijzende rechter twijfelt echter over de uitlegging van de in het arrest van 7 mei 2009, Siebrand (C-150/08, EU:C:2009:294), ontwikkelde criteria voor de tariefindeling van dranken die worden bereid door aan een gegiste basisdrank gedistilleerde alcohol en andere stoffen toe te voegen.
54
Meer in het bijzonder vraagt deze rechter zich af of sprake is van een verzameling criteria die alle moeten zijn vervuld wil een drank kunnen worden ingedeeld onder GN-post 2208, of dat meer betekenis moet worden toegekend aan de hoeveelheid gegiste alcohol onderscheidenlijk gedistilleerde alcohol dan aan de overige objectieve kenmerken en eigenschappen van de producten.
55
In dit verband dient te worden opgemerkt dat het Hof in punt 35 van het arrest van 7 mei 2009, Siebrand (C-150/08, EU:C:2009:294), duidelijk heeft aangegeven dat voor de bepaling van het wezenlijke karakter in de zin van regel 3 b) van de GN, verschillende objectieve kenmerken en eigenschappen in aanmerking kunnen worden genomen. Zo heeft het Hof beoordeeld in welke omvang de gedistilleerde alcohol in de betrokken producten bijdroeg aan het alcoholvolume en -gehalte van die producten. Vervolgens heeft het Hof in de punten 36 en 37 van dat arrest de organoleptische eigenschappen van de producten onderzocht en in punt 38 de bestemmingen ervan. Na een algemene toetsing aan de drie vermelde criteria is het Hof in punt 39 tot een antwoord gekomen.
56
Zoals de advocaat-generaal in punt 84 van zijn conclusie heeft opgemerkt, werd het belang dat het Hof in punt 35 van het arrest van 7 mei 2009, Siebrand (C-150/08, EU:C:2009:294), heeft gehecht aan het feit dat het aandeel gedistilleerde alcohol groter was dan het aandeel gegiste alcohol, verklaard door de omstandigheid dat het alcoholvolumegehalte van de betrokken producten in de zaak die tot dat arrest heeft geleid, voor een veel groter deel was terug te voeren op de daarin aanwezige gedistilleerde alcohol dan op de gegiste alcohol.
57
Uit het voorgaande volgt dat het grotere aandeel van één soort alcohol ten opzichte van een andere soort alcohol slechts één van meerdere in aanmerking te nemen criteria is om overeenkomstig regel 3 b) van de GN te bepalen aan welke stof het betrokken product zijn wezenlijke karakter ontleent.
58
Er dient evenwel op te worden gewezen dat, anders dan het geval was bij de producten die zijn beoordeeld in de zaak die heeft geleid tot het arrest van 7 mei 2009, Siebrand (C-150/08, EU:C:2009:294), de indeling van de drank in het hoofdgeding niet wordt beheerst door regel 3 b) van de GN. Zoals de advocaat-generaal in punt 88 van zijn conclusie heeft opgemerkt, is voor de indeling van de drank Petrikov Creamy Green het criterium van de organoleptische eigenschappen en kenmerken ervan van doorslaggevend belang.
59
Aangezien die drank niet de organoleptische eigenschappen en kenmerken van onder GN-post 2206 vallende dranken heeft, maar die van dranken die vallen onder GN-post 2208, valt deze bijgevolg onder laatstgenoemde post.
60
Uit een en ander volgt dat op de vraag in zaak C-532/14 dient te worden geantwoord dat de GN aldus moet worden uitgelegd dat een drank met een alcoholvolumepercentage van 13,4 % die wordt bereid door aan Ferm Fruit suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen, conserveermiddelen en gedistilleerde alcohol toe te voegen — in die zin dat deze alcohol zowel in volume als in percentage niet meer is dan 49 % van de in de drank voorkomende alcohol en de overige 51 % is ontstaan uit een gistingsproces — valt onder GN-post 2208.
Kosten
61
Ten aanzien van de partijen in het hoofdgeding is de procedure als een aldaar gerezen incident te beschouwen, zodat de verwijzende rechterlijke instantie over de kosten heeft te beslissen. De door anderen wegens indiening van hun opmerkingen bij het Hof gemaakte kosten komen niet voor vergoeding in aanmerking.
Het Hof van Justitie (Eerste kamer) verklaart voor recht:
- 1)
De gecombineerde nomenclatuur in bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 1719/2005 van de Commissie van 27 oktober 2005 en verordening (EG) nr. 1214/2007 van de Commissie van 20 september 2007, moet aldus worden uitgelegd dat een drank zoals Ferm Fruit, die is verkregen door gisting van appelconcentraat, bestemd is om als zodanig of als basisingrediënt in andere dranken te worden geconsumeerd, neutraal is wat betreft kleur, geur en smaak als gevolg van zuivering, met name ultrafiltratie, en waarvan het alcoholvolumegehalte zonder toevoeging van gedistilleerde alcohol 16 % bedraagt, valt onder GN-post 2208.
- 2)
De gecombineerde nomenclatuur in bijlage I bij verordening nr. 2658/87, zoals gewijzigd bij verordening nr. 1719/2005 en verordening nr. 1214/2007, moet aldus worden uitgelegd dat dranken met een alcoholvolumepercentage van 14 % die worden bereid door aan Ferm Fruit suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen en conserveermiddelen, en in een enkel geval ook room, toe te voegen, en die geen gedistilleerde alcohol bevatten, vallen onder GN-post 2208.
- 3)
De gecombineerde nomenclatuur in bijlage I bij verordening nr. 2658/87, zoals gewijzigd bij verordening nr. 1719/2005 en verordening nr. 1214/2007, moet aldus worden uitgelegd dat een drank met een alcoholvolumepercentage van 13,4 % die wordt bereid door aan Ferm Fruit suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen, conserveermiddelen en gedistilleerde alcohol toe te voegen — in die zin dat deze alcohol zowel in volume als in percentage niet meer is dan 49 % van de in de drank voorkomende alcohol en de overige 51 % is ontstaan uit een gistingsproces — valt onder GN-post 2208.
ondertekeningen
Voetnoten
Voetnoten Uitspraak 12‑05‑2016
Conclusie 19‑01‑2016
M. Campos sánchez-bordona
Partij(en)
Zaken C-532/14 en C-533/141.
Toorank Productions BV
tegen
Staatssecretaris van Financiën
(verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Hoge Raad der Nederlanden)
I — Inleiding
1.
Uit de twee bij de Hoge Raad aanhangige zaken blijken duidelijk de moeilijkheden om nieuwe producten in de gecombineerde nomenclatuur van de Europese Unie (hierna: ‘GN’) in te delen. In beide zaken gaat het om alcoholhoudende dranken. De eerste drank wordt verkregen door gisting en de andere dranken door de toevoeging van verschillende stoffen aan die eerste vloeistof.
2.
Met zijn vragen verzoekt de Hoge Raad om verduidelijking van eerdere rechtspraak, die misschien nog geen vaste rechtspraak is, volgens welke producten die worden gedistilleerd uit door gisting verkregen dranken onder bepaalde GN-posten kunnen worden ingedeeld.
3.
Aangezien de GN volgens de GN zelf in eerste instantie volgens de bewoordingen ervan moet worden uitgelegd, kan die rechtspraak leiden tot een beperkte afwijking van de uitleggingscriteria die volgens het internationale recht bindend zijn voor de Unie. De Hoge Raad verzoekt derhalve de in de aangehaalde rechtspraak gevolgde zienswijze te bevestigen dan wel te herzien. In dit laatste geval zou het noodzakelijk zijn nieuwe criteria vast te stellen.
II — Toepasselijke bepalingen
A — Unierecht
4.
Bij besluit 87/369/EEG2. heeft de Raad het door de Werelddouaneorganisatie (hierna: ‘WDO’) opgestelde geharmoniseerde systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen (hierna: ‘GS’)3. namens de Europese Economische Gemeenschap goedgekeurd. Voorts heeft de Raad op 23 juli 1987 verordening (EEG) nr. 2658/87 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief vastgesteld.4.
5.
Volgens artikel 3, lid 1, van het GS-Verdrag verbindt elke verdragsluitende partij zich ertoe om haar tariefnomenclatuur en haar statistieknomenclaturen in overeenstemming te doen zijn met het GS, de algemene regels voor de interpretatie van het GS, alsmede alle aantekeningen op de afdelingen en de hoofdstukken en de aanvullende aantekeningen op de onderverdelingen toe te passen en de draagwijdte van de afdelingen, hoofdstukken, posten of onderverdelingen van het GS niet te wijzigen.
6.
Artikel 3, lid 1, onder a), van verordening nr. 2658/87 bepaalt dat de nomenclatuur een 6-cijferige indeling gebruikt voor de posten en onderverdelingen die identiek zijn aan die van het GS en dat een zevende en een achtste cijfer worden toegevoegd om de onderverdelingen te vormen die eigen zijn aan de nomenclatuur.
7.
De algemene regels voor de interpretatie van de GN, die zijn opgenomen in deel I, titel I, A, van de GN, zijn identiek aan de algemene regels voor de interpretatie van het GS en bepalen met name:
‘Voor de indeling van goederen in de [GN] gelden de volgende bepalingen:
- 1.
De tekst van de opschriften van de afdelingen, van de hoofdstukken en van de onderdelen van hoofdstukken wordt geacht slechts als aanwijzing te gelden; voor de indeling zijn wettelijk bepalend de bewoordingen van de posten en de aantekeningen op de afdelingen of op de hoofdstukken […]:
[…]
- 6.
Voor de indeling van goederen onder de onderverdelingen van een post zijn wettelijk bepalend de bewoordingen van die onderverdelingen en de aanvullende aantekeningen, alsmede ‘mutatis mutandis’ de vorenstaande regels […]. Voor de toepassing van deze regel en voor zover niet anders is bepaald, zijn de aantekeningen op de afdelingen en op de hoofdstukken eveneens van toepassing.’
8.
Wat de in de hoofdgedingen aan de orde zijnde producten betreft, is afdeling IV van de GN gewijd aan ‘dranken, alcoholhoudende vloeistoffen en azijn’. Die afdeling omvat hoofdstuk 22, met als opschrift ‘Dranken, alcoholhoudende vloeistoffen en azijn’. Dat hoofdstuk bevat post 2206, die van toepassing is op ‘Andere gegiste dranken (bijvoorbeeld appelwijn, perenwijn, honingdrank): […]’, en post 2208, met als opschrift ‘Ethylalcohol, niet-gedenatureerd, met een alcoholvolumegehalte van minder dan 80 % vol; gedistilleerde dranken, likeuren en andere dranken die gedistilleerde alcohol bevatten’.
9.
Volgens de artikelen 9, lid 1, onder a), tweede streepje, en 10 van verordening nr. 2658/87 stelt de Commissie toelichtingen op het GN op.
10.
De GN-toelichting op post 2208 bepaalt:
‘Gedistilleerde dranken, likeuren en andere dranken die gedistilleerde alcohol bevatten in de zin van deze post zijn in het algemeen voor menselijke consumptie bestemde alcoholhoudende vloeistoffen die verkregen worden:
- —
hetzij door rechtstreeks distilleren […],
- —
hetzij door het enkel toevoegen van bepaalde aromatische stoffen en eventueel suiker aan door distillatie verkregen alcohol.
[…]
Door gisting verkregen alcoholhoudende dranken vallen niet onder deze onderverdeling (posten 2203 00 t/m 2206 00).’
B — Toelichtingen op het geharmoniseerd systeem
11.
De WDO stelt toelichtingen op het GS op. De toelichting op post 2206 bepaalt:5.
‘Deze post omvat gegiste dranken van alle soorten, andere dan die bedoeld bij de posten 22.03 tot en met 22.05.
Onder deze post wordt onder meer ingedeeld:
- 1)
appeldrank, ook cider of appelwijn genoemd, verkregen door gisting van appelsap;
[…]
Bedoelde dranken […]. […] blijven ook onder deze post ingedeeld wanneer alcohol is toegevoegd of het alcoholvolumegehalte is verhoogd door een verdere gisting, voor zover zij het karakter hebben behouden van producten als bedoeld bij deze post.
[…]’
12.
De GS-toelichting op post 2208 bepaalt:
‘Deze post omvat, ongeacht het volumegehalte alcohol:
[…]
- B)
likeuren, dat wil zeggen alcoholhoudende dranken waaraan suiker, honing of andere natuurlijke zoetstoffen en extracten of essences zijn toegevoegd (bijvoorbeeld alcoholhoudende dranken verkregen door distillatie of door het mengen van ethylalcohol of gedistilleerde dranken met een of meer van de navolgende producten: vruchten, bloemen of andere plantendelen, extracten, essences, etherische oliën of vruchtensappen, ook indien geconcentreerd). […]
- C)
Alle andere dranken die gedistilleerde alcohol bevatten en niet zijn genoemd of niet zijn begrepen onder andere posten van dit hoofdstuk.’
III — Feiten van de hoofdgedingen en prejudiciële vragen
A — Dranken
13.
De geschillen zijn ontstaan met betrekking tot de tariefindeling van verschillende dranken: a) de drank met de handelsnaam ‘Ferm Fruit’, die ik hierna ook ‘basisdrank’ zal noemen, en b) andere dranken die worden bereid door aan de basisdrank verschillende stoffen toe te voegen, zoals suiker, aroma's, kleurstoffen, verdikkingsmiddelen, conserveermiddelen en zelfs gedistilleerde alcohol (dat is het geval voor Petrikov Creamy Green, de in zaak C-532/14 aan de orde zijnde drank).
14.
Volgens de verwijzingsbeslissing in zaak C-533/14 wordt één liter van de basisdrank (Ferm Fruit) bereid uit 275 ml suikersiroop, 711 ml gedemineraliseerd water, 10 ml appelconcentraat en 4 ml mineralen en vitaminen. Het mengsel van deze bestanddelen wordt gepasteuriseerd en er wordt wijngist aan toegevoegd. Vervolgens vindt gisting plaats, waardoor het product alcoholhoudend wordt en een alcoholvolumepercentage van 16 heeft. De na gisting ontstane vloeistof wordt daarna gezuiverd door toepassing van verschillende filtratieprocessen (ultrafiltratie, Kiezelguhr-filtratie, microfiltratie en carbonfiltratie) en vormt aldus de uiteindelijke basisdrank. Ferm Fruit bevat geen gedistilleerde alcohol en is wat geur, kleur en smaak betreft neutraal.
15.
Ferm Fruit wordt weliswaar voornamelijk gebruikt voor de bereiding van eindproducten, maar dat is niet de uitsluitende bestemming van dat product, aangezien het geschikt is voor menselijke consumptie. Het staat vast dat Ferm Fruit in het verleden zelfs aan het publiek werd verkocht.
16.
Binnen de andere alcoholhoudende dranken die zijn afgeleid van Ferm Fruit moet een onderscheid worden gemaakt tussen de drank die gedistilleerde alcohol bevat (Petrikov Creamy Green, die in zaak C-532/14 aan de orde is) en de dranken die geen gedistilleerde alcohol bevatten (de andere dranken die in zaak C-533/14 aan de orde zijn).
17.
Deze laatste producten, die voor 80 tot 90 % uit de basisdrank bestaan, hebben een alcoholvolumepercentage van 14 en worden bereid door aan de basisdrank de voornoemde stoffen, en in een enkel geval ook een roombase, toe te voegen. De alcohol van die dranken is uitsluitend afkomstig van vergisting.
18.
Petrikov Creamy Green wordt vervaardigd door Ferm Fruit te mengen met gedistilleerde alcohol, suikerstroop, magere melk, plantaardig vet en aroma's. Het alcoholvolumepercentage van de uiteindelijke drank bedraagt 13,4. Minstens 51 % van de alcohol is afkomstig van de gegiste drank en de overige 49 % is afkomstig van distillatie.
B — Gedingen voor de Nederlandse rechter en de desbetreffende prejudiciële vragen
1. Zaak C-532/14 (Petrikov Creamy Green)
19.
Het geding vindt zijn oorsprong in een verzoek om een bindende tariefinlichting met betrekking tot het product Petrikov Creamy Green, waarbij Toorank Productions heeft verzocht de drank in te delen onder GN-postonderverdeling 2206 00 59 (niet-mousserende gegiste dranken). In antwoord op dat verzoek heeft de belastinginspecteur (‘Inspecteur’) de drank onder postonderverdeling 2208 70 10 (likeuren) ingedeeld. Het daaropvolgende bezwaar is afgewezen, maar in eerste aanleg heeft de Rechtbank te Haarlem Toorank Productions in het gelijk gesteld. In hoger beroep heeft het Gerechtshof te Amsterdam daarentegen de Inspecteur in het gelijk gesteld.
20.
Toorank Productions heeft tegen de uitspraak van het Gerechtshof beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad, die twijfelt over de juiste uitlegging van de door het Hof in zijn arrest Siebrand ontwikkelde richtsnoeren.6.
21.
De Hoge Raad weet niet onder welke van de betrokken posten met Petrikov Creamy Green vergelijkbare dranken moeten worden ingedeeld, gelet op het feit dat GN-post 2206 ook mengsels van gegiste dranken met alcoholvrije dranken omvat. Bovendien omvat de GS-toelichting op post 2206 alle in de tekst ervan vermelde dranken waarvan het alcoholgehalte is verhoogd door toevoeging of door verdere gisting. Uit diezelfde toelichting valt naar het oordeel van de verwijzende rechter af te leiden dat toevoegingen aan gegiste dranken van andere stoffen dan gedistilleerde alcohol niet in de weg staan aan de indeling ervan onder post 2206.
22.
Aangaande GN-post 2208 wijst de Nederlandse rechter er voorts op dat likeuren die onder deze post vallen, gewoonlijk een minimumalcoholvolumepercentage van 15 hebben, dat derhalve hoger is dan het alcoholvolumepercentage van 13,4 van Petrikov Creamy Green.
23.
De Hoge Raad vraagt zich in het bijzonder af hoe de door het Hof in de punten 35 tot en met 38 van het arrest Siebrand7. gegeven aanwijzingen moeten worden uitgelegd en toegepast om te bepalen of de litigieuze drank het wezenlijke karakter van een onder GN-post 2208 vallende drank heeft of heeft verkregen. Om precies te zijn, wenst de Hoge Raad te vernemen of die aanwijzingen een opsomming van criteria vormen waaraan cumulatief moet zijn voldaan om een drank vanwege zijn wezenlijke karakter te beschouwen als een drank die onder post 2208 valt dan wel of, integendeel, het belangrijkste criterium de loutere aanwezigheid van een hoger percentage gegiste alcohol dan gedistilleerde alcohol — of vice versa — is, waardoor het niet nodig is de organoleptische eigenschappen en de bestemming van de drank te onderzoeken.
24.
Indien de drank vanwege het wezenlijke karakter daarvan niet onder GN-post 2206 maar onder GN-post 2208 kan worden ingedeeld, vraagt de Hoge Raad zich eveneens af onder welke onderverdeling van GN-post 2208 (tot op 8-cijferniveau) Petrikov Creamy Green moet worden ingedeeld.
25.
Daarom heeft de Hoge Raad de behandeling van de zaak geschorst en het Hof bij beschikking van 24 oktober 2014 de volgende prejudiciële vragen gesteld:
- ‘1)
Dient post 2206 van de GN aldus te worden uitgelegd dat een drank met een alcoholvolumepercentage van 13,4, welke is verkregen door een als ‘Ferm fruit’ aangeduide, door gisting van appelconcentraat verkregen, gezuiverde alcoholhoudende (basis)drank te mengen met suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen, conserveermiddelen en gedistilleerde alcohol — in die zin dat deze alcohol zowel in volume als in percentage niet meer is dan 49 percent van de in de drank voorkomende alcohol, terwijl 51 percent daarvan bestaat uit door gisting verkregen alcohol —, moet worden ingedeeld onder deze post?
- 2)
Zo nee, dient postonderverdeling 2208 70 van de GN zo te worden uitgelegd dat een drank als deze als likeur onder deze postonderverdeling moet worden ingedeeld?’
2. Zaak C-533/14 (Ferm Fruit en andere dranken)
26.
Toorank Productions heeft over oktober 2008 een bepaald bedrag aan accijns voldaan ter zake van de uitslag uit haar accijnsgoederenplaats van diverse alcoholhoudende dranken, waaronder de drank genaamd ‘Ferm Fruit’ en de andere in punt 17 van deze conclusie bedoelde alcoholhoudende producten.
27.
Toorank Productions had al die dranken aangegeven als ‘niet-mousserende tussenproducten’ in de zin van artikel 11b van de Wet op de accijns, dat ziet op de niet als bier of wijn aan te merken dranken van GN-codes 2204, 2205 en 2206 met een alcoholgehalte van meer dan 1,2 % vol maar niet meer dan 22 % vol. Voor deze laatste producten geldt een aanzienlijk lager tarief dan voor de producten van GN-code 2208 met een alcoholgehalte van meer dan 1,2 % vol.
28.
De Inspecteur was het oneens met de aangifte van Toorank Productions en heeft haar een naheffingsaanslag opgelegd op grond dat de aan de accijns onderworpen producten onder GN-post 2208 vielen.
29.
Toorank Productions heeft tegen die aanslag zonder succes bezwaar gemaakt. Tegen de afwijzing van haar bezwaar heeft zij in eerste aanleg beroep ingesteld bij de Rechtbank te Breda, die het beroep gegrond heeft verklaard, de uitspraak van de Inspecteur vernietigd en de naheffingsaanslag verminderd. Beide partijen hebben hoger beroep ingesteld. In hoger beroep heeft het Gerechtshof te 's‑Hertogenbosch de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.
30.
Zowel Toorank Productions als de Staatssecretaris van Financiën heeft bij de Hoge Raad beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van het Gerechtshof.
31.
De verwijzende rechter wijst erop dat de basisdrank uitsluitend door gisting verkregen alcohol bevat, zodat hij volgens post 2206 en de GS-toelichting op die post kan worden ingedeeld onder GN-post 2206, ‘Andere gegiste dranken’. Tot dat resultaat leidt de toepassing van algemene indelingsregel 1 van de GN, ook nu vóór de gisting gedemineraliseerd water, vitaminen en mineralen zijn toegevoegd.
32.
Aangezien Ferm Fruit kleur-, geur- en smaakloos is, vertoont die drank niettemin gelijkenis met door distillatie verkregen alcoholhoudende producten. De Hoge Raad vraagt zich af of uit de punten 26, 27 en 37 van het arrest Siebrand(8) en punt 46 van het arrest Skoma-Lux9. moet worden afgeleid dat een gegiste drank die niet de organoleptische eigenschappen heeft van uit een bepaalde vrucht of uit een bepaald natuurproduct vervaardigde dranken, niet meer onder GN-post 2206 valt.
33.
Indien indeling onder GN-post 2206 is uitgesloten, kan de drank onder post 2208 worden ingedeeld, gelet op de gelijkenis ervan vanuit organoleptisch oogpunt met dranken die onder deze laatste post ingedeelde ethylalcohol bevatten. De verwijzende rechter stelt dat voor die uitlegging steun is te vinden in het arrest Cramer10., zij het dat het in dat arrest niet ging om een voor menselijke consumptie bestemde drank maar om een tussenproduct. Voorts is hij van oordeel dat een relatief laag alcoholvolumepercentage (van 16) in de weg lijkt te staan aan de indeling als ethylalcohol onder GN-post 2208.
34.
Het is evenwel mogelijk dat die uitlegging niet strookt met de GN-toelichting op post 2208 (die door gisting verkregen alcoholhoudende dranken uitsluit) en de GS-toelichting op post 2206 (die gegiste dranken, met uitzondering van die bedoeld in de posten 2203-2205, omvat).
35.
Vanwege het verlies van de organoleptische eigenschappen die typisch zijn voor een uit een bepaalde vrucht of een bepaald natuurproduct vervaardigde drank als gevolg van de toevoeging van suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen en/of conserveermiddelen, is de Hoge Raad van oordeel dat het in het licht van het arrest Siebrand11. niet passend is om de andere dranken, zelfs niet met de onder post 2206 ingedeelde basisdrank, onder diezelfde post in te delen. De verwijzende rechter wijst er echter op dat een dergelijk verlies van eigenschappen volgens de GS-toelichting op post 2206 niet eraan in de weg staat dat de producten onder deze post worden ingedeeld.
36.
Voorts stelt de Hoge Raad dat, indien de basisdrank onder GN-post 2206 valt, indeling van de andere dranken onder GN-post 2208 met toepassing van algemene indelingsregel 1 niet mogelijk is. Volgens de tekst van GN-post 2208 (zie punt 8 van deze conclusie) omvat die post uitsluitend dranken, met inbegrip van likeuren, die gedistilleerde alcohol bevatten. Hierop wijst ook de GS-toelichting op post 2208, volgens welke een likeur een gedistilleerde drank is, gemengd met bepaalde stoffen.
37.
De twijfel die de bij hem ingestelde beroepen in cassatie bij hem doen ontstaan omtrent de uitlegging van de GN en de rechtspraak van het Hof, heeft de Hoge Raad ertoe gebracht de behandeling van de zaak te schorsen en het Hof bij beschikking van 24 oktober 2014 de volgende prejudiciële vragen te stellen:
- ‘1)
Dient post 2206 van de GN aldus te worden uitgelegd dat een door gisting van appelconcentraat verkregen, als ‘Ferm fruit’ aangeduide drank, die mede wordt gebruikt als basisdrank voor de vervaardiging van diverse andere dranken, een alcoholvolumepercentage heeft van 16, door zuivering (waaronder ultrafiltratie) neutraal is wat betreft kleur, geur en smaak, en waaraan geen gedistilleerde alcohol is toegevoegd, onder deze post moet worden ingedeeld? Zo nee, moet post 2208 van de GN zo worden uitgelegd dat een drank als deze onder deze post moet worden ingedeeld?
- 2)
Dient post 2206 van de GN aldus te worden uitgelegd dat een drank met een alcoholvolumepercentage van 14, welke drank is verkregen door de hiervoor in vraag 1 omschreven (basis)drank te mengen met suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen en conserveermiddelen en dat geen gedistilleerde alcohol bevat, moet worden ingedeeld onder deze post? Zo nee, dient post 2208 van de GN zo te worden uitgelegd dat een drank als deze onder deze post moet worden ingedeeld?’
IV — Procedure bij het Hof
38.
Beide verwijzingsbeslissingen zijn op 24 november 2014 ingekomen bij de griffie van het Hof. Gelet op de objectieve samenhang van de zaken C-532/14 en C-533/14 zijn die zaken overeenkomstig artikel 54 van het Reglement voor de Procesvoering bij beschikking van 7 januari 2015 gevoegd voor de schriftelijke en de mondelinge behandeling alsmede voor het arrest.
39.
De onderneming Toorank Productions BV, de Europese Commissie en de Nederlandse, de Griekse en de Poolse regering hebben binnen de in artikel 23, tweede alinea, van het Statuut van het Hof van Justitie gestelde termijn schriftelijke opmerkingen ingediend.
40.
Aangezien geen van de in het vorige punt vermelde partijen hierop had aangedrongen, is geen pleitzitting gehouden.
V — Samenvatting van de aangevoerde argumenten
41.
Met uitzondering van de Commissie, hebben de aan de procedure deelnemende partijen eerst geantwoord op de vraag in zaak C-533/14 betreffende de indeling van de drank Ferm Fruit en vervolgens op de vraag betreffende de indeling van de andere dranken. Zij hebben hun antwoorden verbonden met de vraag in zaak C-532/14, betreffende Petrikov Creamy Green. Zowel bij de beknopte uiteenzetting van hun argumenten als bij het onderzoek van de prejudiciële vragen zal ik diezelfde structuur volgen, die volgens mij meer samenhangend is.
A — Eerste vraag in zaak C-533/14
42.
Toorank Productions betoogt dat Ferm Fruit onder GN-post 2206 moet worden ingedeeld. Zij stelt dat het om een door gisting verkregen product gaat en dat er andere aan zuiveringsprocessen (filtratie) onderworpen gegiste alcoholhoudende dranken bestaan, zoals sake, die onder GN-post 2206 worden ingedeeld. Bovendien is zij van mening dat Ferm Fruit de objectieve kenmerken en eigenschappen van gegiste dranken in de zin van post 2206 niet is verloren en dat zowel de GN-toelichtingen als de GS-toelichtingen beletten om een verband te leggen tussen Ferm Fruit en likeuren of andere gedistilleerde dranken, aangezien zij gegiste dranken uitsluiten van de werkingssfeer van post 2208.
43.
De Nederlandse regering pleit ervoor Ferm Fruit onder post 2208 in te delen, gelet op de organoleptische eigenschappen en de bestemming ervan. Zij verklaart dat het product door de vele filtraties waaraan het wordt onderworpen, wordt omgezet in een geur- en smaakloze neutrale drank zonder de eigenschappen die typisch zijn voor de goederen van post 2206. Zij merkt op dat een laag alcoholvolumepercentage irrelevant is voor de indeling onder post 2208. Aangaande de bestemming van Ferm Fruit wijst zij erop dat die drank hoofdzakelijk als basis voor de bereiding van andere alcoholhoudende dranken dient en dat die drank ten tijde van de feiten weliswaar voor menselijke consumptie werd verkocht, maar dat dit al lang niet meer het geval is.
44.
De Griekse regering voert dezelfde argumenten aan als de Nederlandse regering om Ferm Fruit onder post 2208 in te delen. Zij benadrukt dat de gisting van de drank in grote mate uit de suiker voortvloeit en in veel mindere mate uit het appelsapconcentraat. Aan dit feit, alsmede aan de toepassing van zuiveringstechnieken bij de vervaardiging van die drank, zijn de neutrale kenmerken toe te schrijven waarnaar de Nederlandse regering verwijst.
45.
Zoals de twee vorige regeringen, pleit ook de Poolse regering voor indeling van Ferm Fruit onder GN-post 2208. Zij is van mening dat de vervaardigingswijze van de drank volgens de GS-toelichtingen op post 2207 meebrengt dat die drank een ethylalcohol is. Ferm Fruit moet, gelet op het lage alcoholvolumepercentage ervan, niettemin onder GN-postonderverdeling 2208 90 91 of 2208 90 99 worden ingedeeld. Voorts voert zij aan dat volgens het arrest Cramer12. een vloeistof als de basisdrank, die door toepassing van een filtratieproces de organoleptische eigenschappen is verloren en een laag alcoholgehalte heeft, onder post 2208 moet worden ingedeeld, ofschoon zij door gisting is verkregen. De Poolse regering voegt hieraan toe dat dit standpunt wordt bevestigd door de indelingsadviezen van de WDO die tijdens de 46ste zitting van het Comité GS zijn vastgesteld.
46.
Ook de Commissie verwijst naar de wijzigingen die door het Comité GS zijn aangebracht in de GS-toelichtingen op de posten 2207 en 2208. Zij wijst erop dat hierin tot dezelfde conclusie wordt gekomen als in het arrest Cramer(13), namelijk dat gegiste dranken die nadien filtratieprocessen hebben ondergaan, onder post 2208 moeten worden ingedeeld. Bovendien is zij van mening dat de aanwezigheid van 1 % appelsapconcentraat in het totale volume van de drank als eigenschap niet volstaat of overtuigend genoeg is om die drank gelijk te stellen met de vruchtenwijnen van GN-post 2206. Gelet op de eigenschappen van Ferm Fruit deelt de Commissie die drank in onder postonderverdeling 2208 90 (‘andere dranken’).
B — Tweede vraag in zaak C-533/14 (indeling van de andere dranken)
47.
Toorank Productions stelt dat de andere dranken in de tweede vraag in zaak C-533/14 gearomatiseerde appelwijnen zijn voor de indeling waarvan de toegevoegde bestanddelen, zoals suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen of conserveermiddelen, niet bepalend zijn. Zij bestrijdt de indeling van die dranken onder post 2208 op grond dat zij geen gedistilleerde alcohol bevatten, hetgeen, samen met hun lagere alcoholgehalte, belet ze met likeuren te vergelijken. Zij voegt hieraan toe dat de andere dranken als appelwijn worden verkocht, voor menselijke consumptie zijn bestemd en derhalve, net als de basisdrank Ferm Fruit, volgens algemene indelingsregels 1, 4 en 6 onder post 2206 moeten worden ingedeeld.
48.
De Nederlandse regering wijst erop dat die andere dranken de organoleptische eigenschappen van de producten van post 2208, om precies te zijn van likeuren, aan de vermelde toevoegingsmiddelen ontlenen. Volgens haar wordt dat standpunt bevestigd door de GS-toelichtingen op post 2206 en de daarin gegeven voorbeelden van likeuren die over het algemeen weinig alcohol bevatten. Wat ten slotte de bestemming betreft, vestigt de Nederlandse regering de aandacht erop dat verzoekster tot cassatie de andere dranken als producten van post 2208 in de handel brengt. Die regering legt in het bijzonder een verband met wodka.
49.
De Griekse regering is van mening dat, wegens het neutrale karakter van Ferm Fruit, de eigenschappen van de andere dranken alleen aan de toegevoegde stoffen (suiker, aroma's, enzovoort en in een enkel geval een roombase) kunnen worden toegeschreven, die verhinderen dat de andere dranken gelijkgesteld worden met de dranken van post 2206. Bovendien vermelden de toelichtingen op post 2206, anders dan de toelichtingen op post 2208, niet de mogelijkheid dat aan de producten van post 2206 die soorten stoffen of toevoegingsmiddelen worden toegevoegd.
50.
De Poolse regering is het er met de Nederlandse en de Griekse regering over eens dat de andere dranken onder post 2208 moeten worden ingedeeld. Hierbij wijst zij erop dat alle mengsels van ethylacohol met dranken of stoffen als vermeld in de (GS- en de GN-)toelichtingen op post 2208 noodzakelijkerwijs onder die post worden ingedeeld. Gelet op de ontoereikende informatie over de vervaardigingswijze van de andere dranken op basis van Ferm Fruit, vraagt zij zich evenwel af onder welke postonderverdeling die dranken moeten worden ingedeeld.
51.
De Commissie ontwikkelt een reeks argumenten die voor zowel deze vraag als de vraag betreffende Petrikov Creamy Green gelden. Zij verwijst in het bijzonder naar de drie criteria van het arrest Siebrand(14) voor de indeling van een uit de basisdrank vervaardigd eindproduct, waaraan cumulatief moet zijn voldaan, en benadrukt het belang om de organoleptische eigenschappen te onderzoeken. Een uit een bepaalde vrucht vervaardigde drank (post 2206) die deze eigenschappen verliest, moet onder post 2208 worden ingedeeld. Volgens de Commissie is de bestemming van het product slechts een objectief indelingscriterium dat moet worden toegepast in het licht van de objectieve eigenschappen van dat product. Over de indeling van de andere dranken spreekt zij zich evenwel niet duidelijk uit.
C — Prejudiciële vraag in zaak C-532/14 (Petrikov Creamy Green)
52.
Toorank Productions is van mening dat, aangezien de toevoeging van gedistilleerde alcohol het enige bijzondere kenmerk van Petrikov Creamy Green is in vergelijking met de dranken waarvan sprake is in de tweede vraag in zaak C-533/14, het meest zekere juridische criterium erin bestaat uitsluitend het alcoholpercentage van het product te vergelijken. Het vereiste om de organoleptische eigenschappen te controleren, dat zou blijken uit punt 36 van het arrest Siebrand15., resulteert volgens haar in subjectieve beoordelingen die onvermijdelijk aanleiding geven tot uiteenlopende meningen, hetgeen de uniforme toepassing van de GN in gevaar brengt. Indien dranken die meer dan 51 % gedistilleerde alcohol bevatten, onder post 2208 moeten worden ingedeeld, moet de drank Petrikov Creamy Green, die niet meer dan 49 % gedistilleerde alcohol bevat, onder GN-postonderverdeling 2206 00 93 of 2206 00 99 worden ingedeeld.
53.
De Nederlandse regering neigt ertoe de drank Petrikov Creamy Green onder post 2208, met name als likeur onder postonderverdeling 2208 70, in te delen op grond dat het alcoholvolumepercentage volgens het arrest Siebrand16. niet het enige criterium is voor de indeling van alcoholhoudende dranken onder een post. Petrikov Creamy Green bezit niet langer de organoleptische eigenschappen die typisch zijn voor gegiste dranken en kan derhalve niet onder post 2206 worden ingedeeld, maar wel onder de post met de producten waarmee hij overeenstemt. Ten slotte voert zij aan dat de betrokken drank de organoleptische eigenschappen en het wezenlijke karakter van een likeur heeft.
54.
De Griekse regering is van mening dat, zoals het geval is voor de andere dranken, de in Petrikov Creamy Green vervatte alcohol voor het grootste deel afkomstig is van de in Ferm Fruit gebruikte gegiste suiker. Aangezien die regering door deze omstandigheid ertoe neigt de basisdrank onder post 2208 in te delen, kan zij niet anders dan de indeling van Petrikov Creamy Green onder diezelfde post te verdedigen. Bovendien ontleent dit laatste product aan de toegevoegde stoffen de organoleptische eigenschappen van onder post 2208 vallende dranken.
55.
Volgens de Poolse regering volgt uit de beschrijving van de vervaardigingswijze van de drank, in het bijzonder de toevoeging van gedistilleerde alcohol, dat die drank onder GN-postonderverdeling 2208 70 10 moet worden ingedeeld.
56.
In aansluiting op de uiteenzetting in punt 51 van deze conclusie voert de Commissie aan dat het Hof door de vaststelling van het criterium van het arrest Siebrand17. inzake het aandeel gedistilleerde alcohol in het alcoholvolumepercentage, geen regel heeft vastgesteld volgens welke, wanneer het aandeel van een van de soorten alcohol, gedistilleerde dan wel gegiste alcohol, in het alcoholvolumepercentage meer dan 50 % bedraagt, een drank noodzakelijkerwijs moet worden ingedeeld onder een bepaalde post, namelijk post 2206 dan wel 2208. Daarom, en omdat Petrikov Creamy Green de objectieve kenmerken van een likeur heeft verkregen, is zij van mening dat die drank onder post 2208 70 moet worden ingedeeld.
VI — Beoordeling
A — Opmerking vooraf en benadering
57.
Het is intussen traditie om, wanneer aan het Hof een prejudiciële vraag wordt gesteld op het gebied van de tariefindeling, eraan te herinneren dat het Hof veeleer tot taak heeft de nationale rechter de criteria aan te reiken aan de hand waarvan deze de goederen correct in de GN kan indelen, dan zelf deze indeling te verrichten.18.
58.
Die taakverdeling vloeit voort uit het feit dat de nationale rechter beter toegerust is om de indeling te verrichten. Niettemin heeft het Hof zich, met het oog op de samenwerking met de nationale rechter, herhaaldelijk het recht voorbehouden die rechter alle aanwijzingen te verstrekken die het noodzakelijk acht opdat zijn antwoord nuttig is.19. Het zich voorbehouden van dat recht heeft het Hof meestal ertoe gebracht in concreto zelfs de GN-onderverdeling aan te wijzen die overeenkwam met de in ieder geding aan de orde zijnde goederen. Desondanks acht ik het passend vast te houden aan de bedoelde taakverdeling. Derhalve zal ik alleen criteria aanreiken die de Hoge Raad uitsluitend kunnen helpen om in elk van de zaken de juiste post te bepalen.
B — Eerste vraag in zaak C-533/14
59.
De verwijzende rechter wenst te vernemen of een drank als Ferm Fruit, die wordt verkregen door gisting van appelconcentraat, een alcoholvolumepercentage van 16 heeft en door zuivering door middel van verschillende filtratiemethoden neutraal is wat geur, kleur en smaak betreft, onder GN-post 2206 dan wel 2208 moet worden ingedeeld.
60.
Voor de beantwoording van deze vraag moet in de eerste plaats worden herinnerd aan de vaste rechtspraak volgens welke in het belang van de rechtszekerheid en van een gemakkelijke controle het beslissende criterium voor de tariefindeling van goederen in het algemeen moet worden gezocht in hun objectieve kenmerken en eigenschappen, zoals deze in de tekst van de GN-posten en in de aantekeningen bij de afdelingen of hoofdstukken zijn omschreven.20. Bovendien moeten die objectieve kenmerken en eigenschappen bij inklaring geverifieerd kunnen worden. Het is logisch dat dit vereist is voor een veilig en snel economisch verkeer.21.
61.
In de tweede plaats heeft het Hof beklemtoond dat de aantekeningen op de hoofdstukken van het gemeenschappelijk douanetarief, net als de (door de Commissie voor de GN en door de WDO voor het GS uitgewerkte) toelichtingen, hoewel rechtens niet bindend, belangrijke hulpmiddelen zijn bij de uitlegging van de draagwijdte van de verschillende tariefposten.22. Aangezien die aantekeningen een directe band hebben met de instelling die ze heeft opgesteld en zij de uitdrukking vormen van de voluntas legislatoris van de verdragsluitende partijen bij het GS-Verdrag, zijn zij in ieder geval belangrijk voor de uitlegging.23.
62.
In de derde plaats gaat het in de onderhavige zaak, anders dan in het arrest Siebrand24., niet om mengsels waaraan een bepaalde GN-post is gewijd. Bijgevolg is niet de subsidiaire indelingsregel 3b voor mengsels van toepassing, maar wel indelingsregel 1, op grond waarvan goederen in de GN moeten worden ingedeeld rekening houdend met de bewoordingen van de posten, de aantekeningen op de afdelingen of op de hoofdstukken en de toelichtingen.
63.
In het licht van deze premissen staat vast dat het alcoholvolumepercentage van Ferm Fruit, althans aanvankelijk, afkomstig is van de gisting van de suiker en het appelconcentraat door de toevoeging van gist (zie punt 14 van deze conclusie). Om te bepalen onder welke post Ferm Fruit valt, moet derhalve gebruik worden gemaakt van de GS-toelichting op post 2206 inzake gegiste dranken, die in de derde alinea bepaalt dat de onder post 2206 vallende dranken onder die post blijven ingedeeld, ook al wordt er alcohol aan toegevoegd, voor zover zij het karakter hebben behouden van producten als bedoeld bij deze post, dat wil zeggen van gegiste dranken.
64.
Het verlies van de organoleptische eigenschappen van gegiste dranken is weliswaar in beginsel een feitenkwestie die door de verwijzende rechter moet worden beoordeeld en in een prejudiciële procedure nog niet kan worden besproken. Er is niettemin een aantal aanwijzingen waaruit nuttige richtsnoeren kunnen worden afgeleid aan de hand waarvan de Hoge Raad kan nagaan of het Gerechtshof de GN-posten onjuist heeft uitgelegd.
65.
Zo blijkt uit de verwijzingsbeslissing dat na de zuivering van de drank (filtratieproces), de vloeistof neutraal is wat kleur, geur en smaak betreft. Volgens de rechtspraak van het Hof25. en zoals in wezen wordt betoogd door de regeringen die in deze prejudiciële zaak opmerkingen hebben ingediend, vertoont Ferm Fruit, door het neutrale karakter van de essentiële eigenschappen van een drank, gelijkenis met ethylalcohol met een laag alcoholgehalte, om precies te zijn met de likeuren van GN-post 2208.
66.
Bovendien valt de drank Ferm Fruit, door de verschillende filtraties (zuivering) waaraan hij wordt onderworpen, niet onder de gegiste dranken van post 2206, doordat hij niet uitsluitend door gisting wordt vervaardigd, zoals ook het Hof te kennen heeft gegeven.26.
67.
Ook al hebben enkele van de partijen voor de indeling van het product ook op het criterium van de bestemming van dat product een beroep gedaan, ik ben niet van mening dat dit criterium in casu relevant is. In de rechtspraak van het Hof is immers reeds geoordeeld dat dit criterium slechts relevant is indien de indeling niet uitsluitend op basis van de objectieve kenmerken en eigenschappen van het product kan worden verricht.27.
68.
Uit de in de voorgaande punten ter sprake gebrachte rechtspraak volgt dat de organoleptische eigenschappen van dranken als Ferm Fruit, die wat geur, kleur en smaak betreft neutraal zijn en aan zuiveringsprocessen zijn onderworpen, overeenstemmen met die van de gedistilleerde alcohol van post 2208 en meer in het bijzonder dat de drank op likeur lijkt. Bijgevolg valt niet in te zien wat het nut is om andere aspecten te onderzoeken, aangezien de indeling op basis van die eigenschappen kan geschieden.
69.
Gelet op de voorgaande verklaringen, geef ik in overweging op de eerste prejudiciële vraag van de Hoge Raad in zaak C-533/14 te antwoorden dat een drank als Ferm Fruit, die wordt verkregen door gisting van appelconcentraat, een alcoholvolumepercentage van 16 heeft en door zuivering door middel van verschillende filtratiemethoden neutraal is wat geur, kleur en smaak betreft, moet worden ingedeeld onder post 2208, betreffende onder andere likeuren.
C — Tweede vraag in zaak C-533/14
70.
De verwijzende rechter wenst te vernemen of dranken die worden verkregen door aan Ferm Fruit een reeks stoffen toe te voegen, zoals suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen en conserveermiddelen, maar geen gedistilleerde alcohol, onder post 2206 dan wel 2208 worden ingedeeld.
71.
Voor de beantwoording van die vraag moet vooraf een aantal opmerkingen worden gemaakt. In de eerste plaats ben ik van mening dat, ook al is die vraag van de Hoge Raad als zodanig in het enkelvoud gesteld (zij heeft namelijk slechts op één drank betrekking), uit de verwijzingsbeslissing blijkt dat die vraag op verschillende dranken betrekking heeft.
72.
In de tweede plaats ben ik het eens met de Poolse regering dat de verstrekte informatie niet voldoende volledig is. De uitleggingscriteria die hier kunnen worden aangereikt, zijn derhalve noodzakelijkerwijs algemeen van aard en bieden niet de mogelijkheid om dieper in te gaan op de onderverdeling waaronder de betrokken producten moeten worden ingedeeld.
73.
In de derde en laatste plaats zorgt de toevoeging van stoffen aan Ferm Fruit weliswaar voor een vergelijkbaar probleem als in zaak C-532/14, maar het verschillende percentage gedistilleerde alcohol in deze laatste zaak rechtvaardigt een afzonderlijk onderzoek van de vragen.
74.
Gelet op dit alles ben ik van mening dat het antwoord kan worden afgeleid uit de indeling van de basisdrank, zoals uiteengezet in de vorige vraag. Ik deel de mening van de Griekse regering dat, gelet op het hoge alcoholpercentage dat afkomstig is van de gisting van de andere dranken en de neutraliteit van hun organoleptische eigenschappen, de kenmerken van dranken die worden verkregen door aan Ferm Fruit stoffen toe te voegen, alleen van die stoffen afkomstig kunnen zijn.
75.
Bijgevolg kunnen de andere dranken alleen worden geacht eveneens onder post 2206 te kunnen worden ingedeeld, indien zij aan de toegevoegde stoffen de essentiële kenmerken van gegiste dranken ontlenen. Hypothetisch gesproken kan dat resultaat worden bereikt door bijvoorbeeld aan Ferm Fruit een ongezuiverde, uitsluitend gegiste drank toe te voegen. Dat is evenwel niet de door de verwijzende rechter beschreven situatie. In de door de Hoge Raad overgelegde stukken wordt vermeld dat aan de andere dranken in het bijzonder aroma's en suiker zijn toegevoegd.
76.
Bovendien voorziet de GN-toelichting op post 2208, maar niet die op post 2206, zoals de Griekse regering opmerkt, uitdrukkelijk precies in de toevoeging van suiker en aroma's als wijze van verkrijging van gedistilleerde dranken, likeuren en andere dranken die gedistilleerde alcohol bevatten. Dat document betreft weliswaar aan de gedistilleerde alcohol toegevoegde suiker en aroma's, maar kan worden uitgebreid tot dranken met als basis Ferm Fruit, op grond van de juridische fictie dat het — gelet op de organoleptische eigenschappen ervan — gaat om een drank die gedistilleerde alcohol bevat, waarschijnlijk een likeur.
77.
Derhalve geef ik in overweging op de tweede prejudiciële vraag in zaak C-533/14 te antwoorden dat dranken die worden verkregen door aan Ferm Fruit een reeks stoffen toe te voegen, zoals suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen en conserveermiddelen, maar geen gedistilleerde alcohol, onder post 2208 moeten worden ingedeeld.
D — Vraag in zaak C-532/14 (Petrikov Creamy Green)
78.
De Hoge Raad wenst te vernemen onder welke van de twee posten, 2206 dan wel 2208, een drank met een alcoholvolumepercentage van 13,4, die wordt verkregen door de gezuiverde alcoholhoudende (basis)drank (dat wil zeggen Ferm Fruit) te mengen met suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen, conserveermiddelen en gedistilleerde alcohol, moet worden ingedeeld, gelet op het feit dat de gedistilleerde alcohol zowel in volume als in percentage niet meer is dan 49 % van de in de drank voorkomende alcohol, terwijl 51 % daarvan bestaat uit door gisting verkregen alcohol.
79.
Specifiek voor deze vraag is, zoals ik reeds heb benadrukt, dat Petrikov Creamy Green, naast gegiste alcohol die afkomstig is van de drank Ferm Fruit, gedistilleerde alcohol bevat. Derhalve moet deze vraag afzonderlijk worden behandeld door de noodzaak, volgens de Hoge Raad, om het arrest Siebrand (in het bijzonder punten 35–38)28. uit te leggen.
80.
In de zaak Siebrand29. moest het Hof bepalen aan welke van de twee bij de posten 2206 en 2208 bedoelde stoffen — gegiste alcohol respectievelijk gedistilleerde alcohol — twee dranken die alcohol bevatten, hun wezenlijke karakter ontleenden. In punt 35 van het arrest staat te lezen dat verschillende objectieve kenmerken en eigenschappen in aanmerking konden worden genomen en dat de gedistilleerde alcohol niet alleen aan het totale alcoholvolume van de dranken maar ook aan het alcoholgehalte ervan meer bijdroeg dan de gegiste alcohol. Voorts heeft het Hof in dat arrest de organoleptische eigenschappen (punten 36 en 37) en de bestemming van het product (punt 38) onderzocht, maar het is niet noodzakelijk dat onderzoek hier nader te omschrijven.
81.
De twijfel van de Hoge Raad in zaak C-532/14 spitst zich toe op de draagwijdte van punt 35 van het arrest Siebrand.30. De Hoge Raad vraagt zich af of, zoals Toorank Productions suggereert, in dat punt een absoluut criterium is vastgesteld op grond waarvan, wanneer het percentage van de ene soort alcohol hoger is dan dat van de andere soort, het niet nodig is de criteria inzake de organoleptische eigenschappen en de bestemming van het product te onderzoeken.
82.
Ik deel de mening van de Commissie dat het Hof in punt 35 van het arrest Siebrand31. geen criterium wilde vaststellen volgens hetwelk, wanneer het aandeel van een van de soorten alcohol, gegiste dan wel gedistilleerde, in het alcoholvolumepercentage meer dan 50 % bedraagt, een drank noodzakelijkerwijs moet worden ingedeeld onder post 2206 dan wel 2208, afhankelijk van welke van de twee soorten alcohol overheerst.
83.
Ik ben van mening dat de door Toorank Productions voorgestane uitlegging van het arrest Siebrand32. alleen uit een tendentieuze of onvolledige lezing van dat arrest kan voortvloeien.
84.
In die zaak heeft het Hof immers indelingsregel 3b van de GN voor mengsels toegepast, op grond waarvan het moest onderzoeken aan welke stof de betrokken producten hun wezenlijke karakter ontleenden.33. In punt 35 heeft het duidelijk erop gewezen dat het verschillende objectieve kenmerken en eigenschappen in aanmerking zou nemen, waaronder in de eerste plaats het hogere percentage gedistilleerde alcohol, wat logisch is gelet op het feit dat die producten een alcoholvolumegehalte van 14,5 % hadden, waarvan 12 % aan gedistilleerde alcohol en slechts 2,5 % aan gegiste alcohol.34. In die context lijkt het evident dat het percentage gedistilleerde alcohol, dat aanzienlijk hoger is dan het percentage gegiste alcohol, als kenmerk van de dranken is aangemerkt.
85.
Bovendien heeft het Hof in de punten 36 en 37 van het betrokken arrest de organoleptische eigenschappen van de producten onderzocht en in punt 38 de bestemmingen ervan. Na een globale toetsing van de drie vermelde citeria is het Hof in punt 39 tot een antwoord gekomen.
86.
Uit het voorgaande kan worden afgeleid dat het eventuele grotere percentage van één soort alcohol in vergelijking met een andere soort alcohol slechts een van meerdere citeria is om volgens indelingsregel 3b van de GN te bepalen aan welke stof de producten hun wezenlijke karakter ontlenen.
87.
Ik ben derhalve geneigd te denken dat het criterium van punt 35 van het arrest Siebrand niet van toepassing is in het geval van Petrikov Creamy Green.(35) Uit de verhouding van 51 % gegiste alcohol tegen 49 % gedistilleerde alcohol blijkt immers onvoldoende duidelijk aan welk product het wezenlijke karakter wordt ontleend.
88.
Bijgevolg is het criterium van de organoleptische eigenschappen of kenmerken opnieuw van doorslaggevend belang voor de beoordeling. Aangezien het criterium van de verhouding het enige echte verschil met de tweede vraag in zaak C-533/14 is, kan de twijfel over de indeling van Petrikov Creamy Green worden weggenomen door uit te gaan van dezelfde postulaten, waarnaar ik verwijs.
89.
Kortom, ik ben van mening dat op de door de Hoge Raad in zaak C-532/14 gestelde prejudiciële vraag moet worden geantwoord dat een drank met een alcoholvolumepercentage van 13,4 die wordt verkregen door een als ‘Ferm Fruit’ aangeduide, door gisting van appelconcentraat verkregen, gezuiverde alcoholhoudende drank te mengen met suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen, conserveermiddelen en gedistilleerde alcohol, onder GN-post 2208 moet worden ingedeeld, ook al is die alcohol zowel in volume als in percentage niet meer dan 49 % van de in de drank voorkomende alcohol en bestaat 51 % daarvan uit door gisting verkregen alcohol.
VII — Conclusie
90.
Op grond van de bovengenoemde argumenten geef ik het Hof in overweging de prejudiciële vragen als volgt te beantwoorden:
In zaak C-533/14:
- ‘1)
Een drank als ‘Ferm Fruit’, die wordt verkregen door gisting van appelconcentraat, een alcoholvolumepercentage van 16 heeft en door zuivering door middel van verschillende filtratiemethoden neutraal is wat geur, kleur en smaak betreft, moet worden ingedeeld onder GN-post 2208, betreffende onder andere likeuren.
- 2)
Dranken die worden verkregen door aan de drank ‘Ferm Fruit’ een reeks stoffen toe te voegen, zoals suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen en conserveermiddelen, maar geen gedistilleerde alcohol, moeten worden ingedeeld onder GN-post 2208.’
In zaak C-532/14:
- ‘3)
Een drank met een alcoholvolumepercentage van 13,4 die wordt bereid door een als ‘Ferm Fruit’ aangeduide, door gisting van appelconcentraat verkregen, gezuiverde alcoholhoudende drank te mengen met suiker, aroma's, kleur- en smaakstoffen, verdikkingsmiddelen, conserveermiddelen en gedistilleerde alcohol, moet onder GN-post 2208 worden ingedeeld, ook al is die alcohol zowel in volume als in percentage niet meer dan 49 % van de in de drank voorkomende alcohol en bestaat 51 % daarvan uit door gisting verkregen alcohol.’
Voetnoten
Voetnoten Conclusie 19‑01‑2016
Oorspronkelijke taal: Spaans.
Besluit van 7 april 1987 (PB L 198, blz. 1).
Ingevoerd bij het op 14 juni 1983 te Brussel gesloten Internationaal Verdrag betreffende het geharmoniseerde systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen (‘GS-Verdrag’).
PB L 256, blz. 1.
Alleen de in de twee officiële talen van de WDO, Frans en Engels, gepubliceerde toelichtingen zijn officieel.
Zaak C-150/08, EU:C:2009:294.
Zaak C-150/08, EU:C:2009:294.
Zaak C-339/09, EU:C:2010:781.
Paderborner Brauerei Haus Cramer (C-196/10, EU:C:2011:487; hierna: ‘arrest Cramer’).
Zaak C-150/08, EU:C:2009:294.
Zaak C-196/10, EU:C:2011:487.
Zaak C-150/08, EU:C:2009:294.
Idem.
Zaak C-150/08, EU:C:2009:294.
Zie, om slechts twee zeer recente arresten aan te halen, de arresten Amazon EU (C-58/14, EU:C:2015:385, punt 17) en Rohm Semiconductor (C-666/13, EU:C:2014:2388, punt 23).
Zie in het bijzonder de arresten Rohm Semiconductor (C-666/13, EU:C:2014:2388, punt 23), Data I/O (C-370/08, EU:C:2010:284, punt 24) en Data I/O (C-297/13, EU:C:2014:331, punt 36 en aldaar aangehaalde rechtspraak).
Arrest Cramer (C-196/10, EU:C:2011:487, punt 31 en aldaar aangehaalde rechtspraak).
Arrest Pacific World Limited (C-215/10, EU:C:2011:528, punt 40 en aldaar aangehaalde rechtspraak).
Arresten Oliver Medical (C-547/13, EU:C:2015:139) en Delphi Deutschland (C-423/10, EU:C:2011:315, punt 24 en aldaar aangehaalde rechtspraak).
Zie in soortgelijke zin arrest Nederlandse Spoorwegen (38/75, EU:C:1975:154, punt 10).
Zaak C-150/08, EU:C:2009:294.
Arrest Skoma-Lux (C-339/09, EU:C:2010:781, punt 46 en aldaar aangehaalde rechtspraak).
Arrest Cramer (C-196/10, EU:C:2011:487, punt 37).
Arrest Skoma-Lux (C-339/09, EU:C:2010:781, punt 47 en aldaar aangehaalde rechtspraak).
Zaak C-150/08, EU:C:2009:294.
Idem.
Idem.
Idem.
Idem.
Arrest Siebrand (C-150/08, EU:C:2009:294, punten 31 en 32).
Idem, punt 33.