NJ 2022/286
Mededingingsregelingen. Gedragingen van ondernemingen in de sector van het luchtvervoer tussen de Europese Economische Ruimte (EER) en derde landen die hebben plaatsgevonden onder vigeur van de artikelen 84 en 85 EG. Vordering tot schadevergoeding. Bevoegdheid van de nationale rechterlijke instanties om artikel 81 EG en artikel 53 van de EER‑Overeenkomst toe te passen.
HvJ EU 11-11-2021, ECLI:EU:C:2021:904 (Stichting Cartel Compensation e.a.)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
11 november 2021
- Magistraten
A. Arabadjiev, I. Ziemele, T. von Danwitz, P.G. Xuereb, A. Kumin
- Zaaknummer
C-819/19
- Conclusie
A-G M. Bobek
- Noot
Red. Aant.
- Roepnaam
Stichting Cartel Compensation e.a.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS668643:1
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / Mededingingsafspraken
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2021:904, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 11‑11‑2021
ECLI:EU:C:2021:373, Conclusie, Hof van Justitie van de Europese Unie (Advocaat-Generaal), 06‑05‑2021
- Wetingang
Art. 81, 84, 85 EG; art. 53 EER‑Overeenkomst
Essentie
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Rechtbank Amsterdam (Nederland) bij beslissing van 18 september 2019.
Mededingingsregelingen. Gedragingen van ondernemingen in de sector van het luchtvervoer tussen de Europese Economische Ruimte (EER) en derde landen die hebben plaatsgevonden onder vigeur van de artikelen 84 en 85 EG. Vordering tot schadevergoeding. Bevoegdheid van de nationale rechterlijke instanties om artikel 81 EG en artikel 53 van de EER‑Overeenkomst toe te passen.
Samenvatting
De artikelen 81, 84 en 85 EG en artikel 53 van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte van 2 mei 1992 moeten aldus worden uitgelegd dat een ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.