Gst. 2019/149
Begrip niet in enig opzicht van slecht levensgedrag. Vrijspraak door strafrechter laat bevoegdheid burgemeester tot intrekking exploitatievergunning onverlet. (Rotterdam)
RvS 19-06-2019, ECLI:NL:RVS:2019:1931, m.nt. C.M.M. van Mil
- Instantie
Raad van State
- Datum
19 juni 2019
- Magistraten
Mrs. J.A.W. Scholten-Hinloopen, H. Bolt en F.D. van Heijningen
- Zaaknummer
201805798/1/A3
- Noot
C.M.M. van Mil
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS88623:1
- Vakgebied(en)
Horecarecht / Exploitatievergunning (APV)
Bestuursrecht algemeen / Handhaving algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2019:1931, Uitspraak, Raad van State, 19‑06‑2019
- Wetingang
Essentie
Begrip niet in enig opzicht van slecht levensgedrag. Vrijspraak door strafrechter laat bevoegdheid burgemeester tot intrekking exploitatievergunning onverlet. (Rotterdam)
Samenvatting
Dat de strafrechter [appellant] ter zake van de in de bovenwoning aangetroffen verdovende middelen heeft vrijgesproken en ter zake van de in zijn woning aangetroffen verdovende middelen geen straf heeft opgelegd, laat de bevoegdheid van de burgemeester tot intrekking van de exploitatievergunning wegens het in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn op zichzelf beschouwd onverlet. De intrekking van de exploitatievergunning betreft een herstelsanctie gericht op de bescherming van de openbare orde en de bestrijding van laakbaar gedrag van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.