Omzetting als rechtsvormwijziging
Einde inhoudsopgave
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/5.3:5.3 Overheden; bijzondere derden?
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/5.3
5.3 Overheden; bijzondere derden?
Documentgegevens:
Mr. B. Snijder-Kuipers, datum 20-01-2010
- Datum
20-01-2010
- Auteur
Mr. B. Snijder-Kuipers
- JCDI
JCDI:ADS499102:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hiervoor ging ik uit van privaatrechtelijke rechtspersonen als contractspartij. Of deze conclusies onverkort van toepassing zijn indien de contractspartij een publiekrechtelijke rechtspersoon is, komt nu aan de orde. Overheden kunnen verschillende soorten overeenkomsten aangaan, waaronder overeenkomsten waarbij een overheid als private partij optreedt en overeenkomsten die de uitoefening van publiekrechtelijke bevoegdheden betreffen.
Een publiekrechtelijke rechtspersoon kan op twee manieren met de gevolgen van rechtsvormwijziging te maken krijgen. Allereerst kan een publiekrechtelijke rechtspersoon van rechtsvorm worden gewijzigd.1 Het gaat in dat geval niet om rechtsvormwijziging als bedoeld in Boek 2 BW. Deze vorm van rechtsvormwijziging blijft hier buiten beschouwing aangezien dat buiten het bereik van mijn onderzoek valt. Een andere mogelijkheid is dat een andere contractspartij dan de publiekrechtelijke rechtspersoon van rechtsvorm wordt gewijzigd. Die situatie komt nu aan de orde.
Vooraf wordt vastgesteld dat geen specifieke bepalingen gelden voor overeenkomsten die door overheden worden aangegaan. Dat betekent dat uitgangspunt is dat de gewone contractuele regelingen van kracht zijn als was er sprake van twee private partijen. De regels van uitleg en de algemene leerstukken zoals hiervoor2 aan de orde gekomen gelden ook voor de situaties waarbij overheden als contractspartij optreden. Kort gezegd: overeenkomsten met overheden worden eveneens uitgelegd op basis van de Haviltex-formule. Voor overheden gelden bij de invulling van het Haviltex-criterium wel bijzondere omstandigheden die voor private partijen niet gelden. Zo zijn op overheden op grond van het bestuursrecht de algemene beginselen van behoorlijk bestuur van toepassing. Dat betekent dat in het kader van uitleg naast de factoren zoals die voortvloeien uit het Haviltex-criterium de algemene beginselen van behoorlijk bestuur ook een belangrijke factor bij uitleg vormen.3 Tevens dient de overheid het algemene belang in acht te nemen en kent de overheid bijzondere bevoegdheden op grond van dwingende wetsbepalingen.
Voorbeeld
De gemeente heeft een overeenkomst met de Stichting Kunstuitleen gesloten op grond waarvan de stichting het gemeentehuis voorziet van kunstwerken. De stichting wordt van rechtsvorm gewijzigd in een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid. De gemeente wenst de overeenkomst te beëindigen vanwege de rechtsvormwijziging van de stichting. Blijft de overeenkomst onverminderd in stand?
Stel: in de overeenkomst is geen voorziening opgenomen over rechtsvormwijziging. In dat geval zal de leemte in de overeenkomst aan de hand van de aanvullende werking van redelijkheid en billijkheid uitgelegd dienen te worden. De algemene beginselen van behoorlijk bestuur spelen daarbij een rol aangezien de gemeente de overeenkomst heeft gesloten. Indien bijvoorbeeld sprake is van opgewekt vertrouwen door de gemeente omdat de gemeente heeft aangegeven dat de overeenkomst voor langere tijd zal duren, zal de overeenkomst op basis van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur in stand blijven.
Indien de overeenkomst wél een regeling voor rechtsvormwijziging bevat (in de zin dat rechtsvormwijziging de overeenkomst kan laten beëindigen), kan de beperkende werking van redelijkheid en billijkheid de overeenkomst wellicht aantasten. Ook in dat geval kunnen de algemene beginselen van behoorlijk bestuur een beroep op de beperkende werking van redelijkheid en billijkheid verhinderen en de gemeente bijvoorbeeld binden aan het voortduren van de overeenkomst indien sprake was van opgewekt vertrouwen.
Bij overeenkomsten van overheden betreffende publiekrechtelijke taken zal het algemene belang, naast de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, een belangrijker rol spelen dan in geval van overige overeenkomsten. Dat vloeit voort uit de aard van de overeenkomst.