Rechtsgevolgen van stille cessie
Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/5.8.4:5.8.4 Conclusie
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/5.8.4
5.8.4 Conclusie
Documentgegevens:
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS588309:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
315. Bij een stille cessie merkt de dochtermaatschappij niets van de overdracht van de vordering. Uit de rechtsverhouding tussen de stille cedent en de stille cessionaris vloeit voort dat de stille cedent in beginsel gehouden is tot overdracht van de 403-vordering jegens de moedermaatschappij. Hij is niet bevoegd tot vervreemding van de 403-vordering aan een derde zonder toestemming van de stille cessionaris. Als de vordering jegens de moedermaatschappij achterblijft bij de stille cedent, is hij op grond van art. 6:16 BW jo art. 3:170 lid 2 Go 3:168) BW bevoegd tot inning van beide vorderingen en zijn de stille cedent en de stille cessionaris in beginsel in gelijke delen tot de opbrengst gerechtigd, tenzij uit een regeling of hun rechtsverhouding anders voortvloeit (art. 3:168 jo respectievelijk 3:166 lid 2 jo 3:172 BW). Vanwege het rechtskarakter van de 403-vordering kan de 403-vordering niet ontstaan na de overgang van de vordering jegens de dochtermaatschappij. De verkrijging van nieuwe rechten is bij de stille cessie derhalve niet aan de orde.