Inhoudsopgave
EB 2019/92:De veronderstelde, vermoedelijke wil van de buitenlandse erflater
EB 2019/92
De veronderstelde, vermoedelijke wil van de buitenlandse erflater
Documentgegevens:
Mr. dr. E.M.J.M.C. van Wijk-Verhagen, datum 19-09-2019
- Datum
19-09-2019
- Auteur
Mr. dr. E.M.J.M.C. van Wijk-Verhagen1
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS87037:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht / Testamenten
Erfrecht / Europees erfrecht
Internationaal privaatrecht / Algemeen
Personen- en familierecht / Huwelijk, relaties en echtscheiding
Personen- en familierecht / Relatievermogensrecht
Erfrecht / Algemeen
Personen- en familierecht (V)
- Wetingang
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
1. Inleiding
In dit artikel wordt ingegaan op de discussie of een erfrechtelijke verkrijging afkomstig van een buitenlandse erflater, onder het huwelijksvermogensrecht geldend voor echtgenoten wiens gemeenschap is ontstaan vóór 1 januari 2018, zonder meer in de huwelijksgoederengemeenschap valt, als er geen uitsluitingsclausule is gemaakt. Hierbij is het van belang dat de kwalificatievraag ‘of deze erfrechtelijke verkrijging tot de huwelijksgoederengemeenschap behoort’ in Nederland wordt aangemerkt als een kwestie van huwelijksvermogensrecht en niet van erfrecht (vergelijk artikel 1 lid 2, onder d Erfrechtverordening), en wordt geregeld door artikel 1:94 lid 2, aanhef en onder a (oud) BW. Dit wetsartikel ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.