NJ 1927, p. 1093
Miskenning van aard en kracht der ingebrekestelling.
HR 28-04-1927, ECLI:NL:HR:1927:25, m.nt. Prof. Mr. Paul Scholten
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
28 april 1927
- Magistraten
Mrs. Bosch, Jhr. Feith, Visser, van den Dries, Schepel.
- Zaaknummer
[28041927/NJ_1927,_p._1093]
- Conclusie
Mr. Noyon
- Noot
Prof. Mr. Paul Scholten
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS150796:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1927:25, Uitspraak, Hoge Raad, 28‑04‑1927
- Wetingang
(BW art. 1274, 1549-1554.)
Essentie
Miskenning van aard en kracht der ingebrekestelling.
Samenvatting
Krachtens den aard eener ingebrekestelling dient hij die aanmaant, daarbij aan de wederpartij een naar omstandigheden voldoenden termijn te geven, waarbinnen deze alsnog hare verplichtingen kan nakomen. Hij is echter niet bovendien tegenover die wederpartij verplicht dien termijn zóó lang te doen zijn als maar eenigszins zonder verwaarloozing van eigen belangen doenlijk is.
Partij(en)
Max Weinberger, wonende te Amsterdam en aldaar handelende onder den naam Max Weinberger & Co., eischer tot cassatie van een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam d.d. 30 April 1926, advocaat Mr. L. A. Nypels, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.