AB 2020/78
Bij laattijdige aanvraag ligt de bewijslast bij de aanvrager Wajong-uitkering. Geen sprake van inequality of arms.
CRvB 24-07-2019, ECLI:NL:CRVB:2019:2565, m.nt. A.C. Hendriks
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
24 juli 2019
- Magistraten
Mrs. E.W. Akkerman, E.J.J.M. Weyers, D. Hardonk-Prins
- Zaaknummer
16/6861 WAJONG
- Noot
A.C. Hendriks
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS184269:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
Sociale zekerheid kinderen en jongeren / Kinderen
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2019:2565, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 24‑07‑2019
- Wetingang
Essentie
Appellant had vanaf zijn achttiende levensjaar functionele mogelijkheden. Appellant komt terecht niet in aanmerking voor Wajong-uitkering.
Samenvatting
Over het standpunt van het Uwv, dat niet eerder dan op 29 mei 2015 sprake is van een gebrek aan arbeidsvermogen van appellant, wordt als volgt overwogen. De verzekeringsarts (bezwaar en beroep) heeft opgemerkt dat appellant op 29 mei 2015 gedwongen is opgenomen in het ziekenhuis-a in verband met een psychose en depressieve klachten. Uit de informatie van de psychiater van het ziekenhuis blijkt dat de psychiatrische voorgeschiedenis van appellant blanco is. Uit de beschikbare gegevens blijkt dat appellant vanaf zijn achttiende ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.