Aanvullen van subjectieve rechten
Einde inhoudsopgave
Aanvullen van subjectieve rechten (O&R nr. 109) 2019/12.5:12.5 Einde status als onderdeel van een subjectief recht
Aanvullen van subjectieve rechten (O&R nr. 109) 2019/12.5
12.5 Einde status als onderdeel van een subjectief recht
Documentgegevens:
mr. drs. T.E. Booms, datum 01-01-2019
- Datum
01-01-2019
- Auteur
mr. drs. T.E. Booms
- JCDI
JCDI:ADS300453:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
498. Zodra een aanspraak ophoudt onderdeel uit te maken van een subjectief recht, is er geen reden meer om de aanspraak op dezelfde manier als het subjectieve recht te behandelen. Beschikkingshandelingen die worden verricht ten aanzien van het subjectieve recht, raken de eruit verwijderde aanspraak niet meer. Dat kan ofwel het geval zijn omdat de aanspraak is opgehouden te bestaan, dan wel omdat de aanspraak los van het subjectieve recht waartoe het behoorde gaat bestaan. Een voorbeeld van het eerste doet zich voor indien de rechthebbende van het subjectieve recht afstand doet van de in zijn recht besloten liggende aanspraak, zoals wanneer de rechthebbende van een vorderingsrecht afstand doet van zijn bevoegdheid om de vordering vervroegd opeisbaar te maken. Het tweede is lastiger voor te stellen. Het doet zich voor zodra de aanspraak niet meer voldoet aan de vereisten om onderdeel van het subjectieve recht uit te maken, zoals wanneer de subjectief gerechtigde met de verschaffer van de aanspraak afspreekt dat de aanspraak voortaan niet-overdraagbaar is.