NJFS 2022/112
Bijzondere opsporingsmethoden; verregaande inbreuk op o.a. rechten en veiligheidsgevoelens onschuldig familielid; strafvermindering.
Rb. Amsterdam 29-07-2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:3941
- Instantie
Rechtbank Amsterdam
- Datum
29 juli 2021
- Magistraten
Mrs. M.A.E. Somsen, E.G.C. Groenendaal, E. van den Brink
- Zaaknummer
13/650324-19 (Promis)
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Voorfase
Politierecht / Bevoegdheden
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:2021:3941, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 29‑07‑2021
- Wetingang
Essentie
Opsporingsbevoegdheden. Bijzondere opsporingsmethoden; verregaande inbreuk op o.a. rechten en veiligheidsgevoelens onschuldig familielid; strafvermindering.
Samenvatting
Het slachtoffer is doodgeschoten in zijn auto welke, voordat door de verdediging verzocht nader onderzoek kon plaatsvinden, is teruggegeven aan de weduwe. Terwijl er voldoende duidelijkheid was om de zaak te kunnen berechten, zijn daarnaast bijzondere opsporingsmethoden ingezet (bedreiging/poging tot afpersing) die een verregaande inbreuk maakten op de rechten en veiligheidsgevoelens van de zus van verdachte, een onschuldige derde, en van verdachte. Deze opsporingsmethoden voldeden niet aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. Hoewel het hierdoor veroorzaakte nadeel geen processueel nadeel betreft, leidt dit ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.