Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/3.5.2.4
3.5.2.4 Conclusie
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS588297:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Voetnoten
Voetnoten
De stille cedent behoudt jegens de schuldenaar op vergelijkbare wijze de hoedanigheid van schuldeiser tot dat mededeling plaatsvindt, als de oude schuldeiser zijn hoedanigheid van formele procespartij behoud t totdat een processuele handeling plaatsvindt. Vgl. ook ten aanzien van de overgang van de bevoegdheid tot het ten uitvoer leggen van executoriale titels, het vereiste van betekening van de overgang ex art. 431a Rv voordat de executie kan worden aangevangen of voortgezet.
125. Procesrechtelijk gezien verschilt de stille cessie in een belangrijk opzicht niet van andere vormen van overgang van vorderingen. Door de overgang van de vordering vindt niet van rechtswege een verandering van de formele procespartij plaats. De nieuwe schuldeiser is vanaf het moment van overgang de materiële procespartij, maar de oude schuldeiser blijft de formele procespartij. Hetzelfde geldt voor de stille cessie: de stille cessionaris wordt de materiële procespartij; de stille cedent blijft de formele procespartij. Wordt de vordering eerst stil gecedeerd, en maakt de stille cedent vervolgens pas het geding aanhangig, dan treedt de stille cedent óók op als formele procespartij en is de stille cessionaris van meet af aan de materiële procespartij. Omdat bij de overgang van de vordering de oude schuldeiser de hoedanigheid van formele procespartij behoudt totdat een processuele handeling plaatsvindt, vertoont de overgang van de vordering in het burgerlijk procesrecht overeenkomsten met de stille cessie.1