Executele
Einde inhoudsopgave
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/VII.C.4.4.3:VII.C.4.4.3 De zorgvuldigheidsrichtlijn van HR 16 maart 1994, BNB 1994/179
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/VII.C.4.4.3
VII.C.4.4.3 De zorgvuldigheidsrichtlijn van HR 16 maart 1994, BNB 1994/179
Documentgegevens:
Prof.mr. B.M.E.M. Schols, datum 07-12-2007
- Datum
07-12-2007
- Auteur
Prof.mr. B.M.E.M. Schols
- JCDI
JCDI:ADS403796:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een klein uitstapje naar een arrest uit 1994 waar de Hoge Raad een belangrijke successierechtelijke spelregel ontwierp op het gebiedvan zorgvuldig aanslaan:
'3.8 In het onderhavige geval is het aanslagbiljet niet verzonden naar een notaris of naar een gemachtigde die voor wat betreft kennis en ervaring op het gebied van de heffing en invordering van successierecht met een notaris op eenlijnstaat.In een zodanig geval brengt het tot de beginselen van behoorlijk bestuur behorende zorgvuldigheidsbeginsel mee dat als de ontvanger op de voet van artikel 68 van de Wet (BS: bedoeld wordt de Invorderingswet) een aanslagbiljet waarop verschillende aanslagen zijn verenigd, naar de gekozen woonplaats verzendt, hij aan de geadresseerde meedeelt dat de personen aan wie een aanslag is opgelegd daarover tijdig moeten worden geïnformeerd.' (Curs. BS)
Terzijde en wellicht ten overvloede merk ik op dat J.P. Scheltens in zijn noot onder het arrest de notaris (in het algemeen) eveneens een'tien'geeft wat zijn deskundigheid betreft op successierechtelijk gebied. De notarieel executeur dient derhalve nog meer op zijn hoede te zijn. Noblesse oblige. De overwegingen van de Hoge Raad doen ook weer 'Duits' aan. DeTestamentsvollstrec-ker werdimmers, zoals hiervoor gezien, eveneens uitdrukkelijk op het hart gedrukt dat hij als adressant van de aanslag, de aanslag naar zijn achterban moest doorsturen.
In de hiervoor besproken procedure BNB 2005/375 werd door de belanghebbende bij het hof een beroep gedaan op de zorgvuldigheidsregel uit het arrest BNB 1994/179, aangezien de aanslag niet naar belanghebbende maar naar de executeur was gezonden. Het hof wijst dit echter af met de mededeling dat het in het betreffende arrest (BNB 1994/179), anders dan in casu, ging om toezending van een aanslag aan iemand die zelfaangifte had gedaan en die domicilie had gekozen op het adres van een ander, die tegen die aanslag geen rechtsmiddel kon aanwenden.