NJ 1914, p. 627
HR, 13-03-1914
HR 13-03-1914, ECLI:NL:HR:1914:98
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 maart 1914
- Magistraten
Jhr. Mr. S. Laman Trip. Raden: Mrs. A. J. L. Nypels; C. Krabbe; J. A. A. Bosch; A. P. L. Nelissen.
- Zaaknummer
[13031914/NJ_1914,_p._627]
- Conclusie
Mr. T. J. Noyon
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Schenk- en erfbelasting (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1914:98, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑03‑1914
- Wetingang
(SW 1859 art. 1.)
Samenvatting
Ter verklaring van het begrip „woonplaats" in art. 1 derde lid der Successiewet moeten de artt. 74 tot èn met 82 B. W. worden geraadpleegd en toegepast.
Dit volgt niet alleen uit het ontbreken van een omschrijving van dat begrip in de Successiewet zelve, doch is ook duidelijk bij de totstandkoming der wet als de bedoeling van den wetgever gebleken.
Nergens is bepaald, dat de bepalingen van het B. W. omtrent woonplaats uitsluitend zullen mogen gelden op het gebied van het privaatrecht; de toepassing van regelen van publiekrecht is vaak afhankelijk en moet vaak afhankelijk worden gesteld ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.