Een geschrift, zijnde een brief van de Belastingdienst inhoudende een verklaring geregistreerd inkomen 2015 op naam van [naam 1], ZD1, dossierpagina 114.
Hof Den Haag, 20-12-2022, nr. 22-002847-19
ECLI:NL:GHDHA:2022:3044, Cassatie: (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
20-12-2022
- Zaaknummer
22-002847-19
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:GHDHA:2022:3044, Uitspraak, Hof Den Haag, 20‑12‑2022; (Hoger beroep)
Cassatie: ECLI:NL:HR:2025:624, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Uitspraak 20‑12‑2022
Inhoudsindicatie
De verdachte heeft zich samen met zijn broer schuldig gemaakt aan het oplichten van vier woningcorporaties door het verstrekken van valselijk opgemaakte documenten. Daarnaast heeft de verdachte zich samen met zijn broer schuldig gemaakt aan bedreiging van een cliënt die zijn geld terug wilde. Tot slot heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben van een gasdrukpistool. Gepubliceerd naar aanleiding arrest van de Hoge Raad.
Rolnummer: 22-002847-19
Parketnummer: 09-842204-17
Datum uitspraak: 20 december 2022
TEGENSPRAAK
Gerechtshof Den Haag
meervoudige kamer voor strafzaken
Arrest
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Den Haag van 5 juni 2019 in de strafzaak tegen de verdachte:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] ([land]) op [geboortedatum] 1993,
adres: [woonadres], [woonplaats].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen in eerste aanleg en het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van dit hof.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.
Procesgang
In eerste aanleg is de verdachte van het onder 2, 8, 9, 10 en 12 tenlastegelegde vrijgesproken en ter zake van het onder 1, 3, 4, 5, 6, 7 primair, 11 en 13 tenlastegelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden, met aftrek van voorarrest. Voorts is beslist omtrent de vordering van de benadeelde partij en de inbeslaggenomen en niet teruggegeven geldbedragen, als nader omschreven in het vonnis waarvan beroep.
Namens de verdachte en door de officier van justitie is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg - tenlastegelegd dat:
1.
hij, op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 30 oktober 2016 tot en met 23 oktober 2017, te Den Haag, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte]en/of een ander of anderen, althans alleen, meermalen althans eenmaal, met het oogmerk om zichzelf en/of die [medeverdachte]en/of een of meer andere(n) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (onder meer) [slachtoffer 1] en/of medewerkers van [slachtoffer 1] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten het aangaan van een huurovereenkomst ten behoeve van de woning [adres 1] te Den Haag en/of het afgeven van een huurwoning, te weten de [adres 1] te Den Haag, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (zakelijk weergegeven):
- ten behoeve van het verkrijgen van voornoemde (huur)woning voor [getuige 1], althans enig persoon, een stuk, te weten een verklaring geregistreerd inkomen d.d. 20 december 2016, althans enig stuk, valselijk opgemaakt en/of het geregistreerd inkomen in strijd met de waarheid aangepast, en/of
- voornoemd(e) valselijk opgemaakt(e) stuk(ken) aan die [slachtoffer 1] overhandigd, althans laten overhandigen door die [getuige 1], als zijnde echt en onvervalst waardoor (die medewerker(s) van) [slachtoffer 1] werd(en) bewogen tot het verlenen van voornoemde dienst en/of bovenomschreven afgifte;
2.
hij, op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 16 september 2015 tot en met 11 maart 2016, te Den Haag en/of te Wassenaar en/of te Leiden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte]en/of een ander of anderen, althans alleen, meermalen althans eenmaal, met het oogmerk om zichzelf en/of die [medeverdachte]en/of een of meer andere(n) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (onder meer) [slachtoffer 2] en/of medewerker(s) van [slachtoffer 2] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten het aangaan van een huurovereenkomst ten behoeve van de woning [adres 2] te Wassenaar en/of het afgeven van een huurwoning, te weten de [adres 2] te Wassenaar hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (zakelijk weergegeven)
- ten behoeve van het verkrijgen van voornoemde (huur)woning voor [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4], althans enig(e) perso(o)n(en), een (aantal) stuk(ken), te weten een verhuurdersverklaring d.d. 16 september 2019 en/of een inkomensverklaring 2014 d.d. 6 oktober 2015 althans enig(e) stuk(ken), valselijk opgemaakt en/of de verhuurdersverklaring en/of het geregistreerd inkomen (telkens) in strijd met de waarheid aangepast, en/of
- voornoemd(e) valselijk opgemaakt(e) stuk(ken) aan [slachtoffer 2] overhandigd, althans laten overhandigen door die [slachtoffer 3], als zijnde echt en onvervalst waardoor (die medewerker(s) van) [slachtoffer 2] werd(en) bewogen tot het verlenen van voornoemde dienst en/of bovenomschreven afgifte;
3.
hij, op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 19 september 2016 tot en met 17 januari 2017, te Den Haag en/of te Zoetermeer, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte]en/of een ander of anderen, althans alleen, meermalen althans eenmaal, met het oogmerk om zichzelf en/of die [medeverdachte]en/of een of meer andere(n) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (onder meer) [slachtoffer 5] en/of medewerker(s) van [slachtoffer 5] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten het aangaan van een huurovereenkomst ten behoeve van de woning [adres 3] te Zoetermeer en/of het afgeven van een huurwoning, te weten de [adres 3] te Zoetermeer, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (zakelijk weergegeven):
- ten behoeve van het verkrijgen van voornoemde (huur)woning voor [getuige 2], althans enig persoon, een (aantal) stuk(ken), te weten een verhuurdersverklaring van [woningbouwvereniging] 28 juni 2016 en/of een uitdraai van de Gemeentelijke Basis Administratie d.d. 20 mei 2016 en/of een verklaring geregistreerd inkomen 2014 d.d. 22 juni 2016, althans enig(e) stuk(ken), valselijk opgemaakt en/of het geregistreerd inkomen in strijd met de waarheid aangepast, en/of
- voornoemd(e) valselijk opgemaakt(e) stuk(ken) aan [slachtoffer 5] overhandigd, althans laten overhandigen door die [getuige 2], als zijnde echt en onvervalst waardoor (die medewerker(s) van) [slachtoffer 5] werd(en) bewogen tot het verlenen van voornoemde dienst en/of bovenomschreven afgifte;
4.
hij, op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 4 juli 2016 tot en met 12 januari 2017, te Den Haag, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte]en/of een ander of anderen, althans alleen, meermalen althans eenmaal, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zichzelf en/of die [medeverdachte]en/of een of meer andere(n) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (onder meer) [slachtoffer 6] en/of medewerker(s) van [slachtoffer 6] te bewegen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten het aangaan van een huurovereenkomst ten behoeve van de [adres 4] te Den Haag en/of het afgeven van een huurwoning, te weten de [adres 4] te Den Haag, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (zakelijk weergegeven):
- ten behoeve van het verkrijgen van voornoemde (huur)woning voor [getuige 3] en/of [getuige 4], althans enig(e) perso(o)n(en), een (aantal) stuk(ken), te weten een verhuurdersverklaring van [woningcorporatie 1] d.d. 4 juli 2016 en/of een afschrift uit de basisregistratie personen (Gemeente Veerle) en/of een verklaring geregistreerd inkomen 2014 d.d. 4 juli 2016, althans enig(e) stuk(ken), valselijk opgemaakt en/of het geregistreerd inkomen in strijd met de waarheid aangepast, en/of
- voornoemd(e) valselijk opgemaakt(e) stuk(ken) aan die [slachtoffer 6] overhandigd, althans laten overhandigen door die [getuige 3] en/of die [getuige 4], als zijnde echt en onvervalst, teneinde (die medewerker(s) van [slachtoffer 6] te bewegen tot het verlenen van voornoemde dienst en/of bovenomschreven afgifte, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf (telkens) niet is voltooid;
5.
hij, op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 7 maart 2017 tot en met 31 oktober 2017, te Den Haag en/of te Amsterdam, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte]en/of een ander of anderen, althans alleen, meermalen althans eenmaal, met het oogmerk om zichzelf en/of die [medeverdachte]en/of een of meer andere(n) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (onder meer) [slachtoffer 7] en/of medewerker(s) van [slachtoffer 7] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten het aangaan van een huurovereenkomst ten behoeve van de woning [adres 5] te Amsterdam en/of het afgeven van een huurwoning, te weten de [adres 5] te Amsterdam, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (zakelijk weergegeven):
- ( ten behoeve van het verkrijgen van voornoemde (huur)woning voor [getuige 5]
, althans enig persoon, een (aantal) stuk(ken), te weten een uitdraai van de Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Zaandam d.d. 28 maart 2017 en/of een verklaring geregistreerd inkomen 2015 d.d. 20 december 2016 , althans enig(e) stuk(ken), valselijk opgemaakt en/of het geregistreerd inkomen in strijd met de waarheid aangepast, en/of
- voornoemd(e) valselijk opgemaakt(e) stuk(ken) aan [slachtoffer 7] overhandigd, althans laten overhandigen door die [getuige 5], als zijnde echt en onvervalst;
6.
hij, op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 10 februari 2017 tot en met 18 oktober 2017, te Den Haag en/of te Zoetermeer en/of te Leiden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte]en/of een ander of anderen, althans alleen, meermalen althans eenmaal, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zichzelf en/of die [medeverdachte]en/of een of meer andere(n) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (onder meer) [slachtoffer 5] en/of medewerker(s) van [slachtoffer 5] te bewegen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten het aangaan van een huurcontract ten behoeve van de J.C. [adres 6] te Zoetermeer en/of het afgeven van een huurwoning, te weten de [adres 6] te Zoetermeer, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (zakelijk weergegeven):
- ten behoeve van het verkrijgen van voornoemde (huur)woning voor [getuige 6], althans enig persoon, een (aantal) stuk(ken), te weten een verhuurdersverklaring van [woonruimteverdeler]
d.d. 2 februari 2017 en/of een verklaring geregistreerd inkomen 2015 d.d. 14 juli 2017, althans enig(e) stuk(ken), valselijk opgemaakt en/of het geregistreerd inkomen in strijd met de waarheid aangepast, en/of
- voornoemd(e) valselijk opgemaakt(e) stuk(ken) aan [slachtoffer 5] overhandigd, althans laten overhandigen door die [getuige 6], als zijnde echt en onvervalst, teneinde (die medewerker(s) van) [slachtoffer 5] te bewegen tot het verlenen van voornoemde dienst en/of bovenomschreven aangifte, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf (telkens) niet is voltooid;
7.
hij, op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 6 augustus 2015 tot en met 27 juni 2017 te 's-Gravenhage, in elk geval in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met één of meer anderen, althans alleen,
- [ zaaksdossier 1, pg 108 en 114] een verhuurdersverklaring 6/4/2017 op naam van [naam 1] en/of een verklaring geregistreerd inkomen 2015 d.d. 13 januari 2015 op naam van [nam 1], en/of
- [ zaaksdossier 1, pg 40] een inkomstenverklaring 2014 d.d. 8 september 2015 op naam van [naam 2], en/of
- [ zaaksdossier 1, pg 327] een verhuurdersverklaring van [woningbouwvereniging] op naam van [getuige 2] d.d. 28 juni 2016, en/of
- [ zaaksdossier 1, pg 460] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente zaanstad, op naam van [getuige 5] d.d. 28 maart 2017, en/of
- [ zaaksdossier 1, pg 513] een uittreksel uit de basisregistratie Personen van de gemeente Utrecht op naam van [getuige 7] d.d. 16 mei 2017, en/of
- [ zaaksdossier 1, pg 532] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Leiden op naam van [getuige 6] d.d. 7 oktober 2016, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 12] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Den Haag op naam van [getuige 8] d.d. 29 november 2016, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 14] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Den Haag op naam van [getuige 9] d.d. 4 augustus 2016, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 19] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Den Haag op naam van [getuige 10], d.d. 7 maart 2017, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 22] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Den Haag op naam van [getuige 11] d.d. 6 maart 2017, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 33] een verklaring geregistreerd inkomen 2015 op naam van [naam 3], d.d. 7 september 2016, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 59] een verklaring geregistreerd inkomen 2015 op naam van [getuige 12] d.d. 3 januari 2017, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 63] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Den Haag op naam van [getuige 13] d.d. 22 maart 2017, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 64] een verhuurdersverklaring van [naam 4] op naam van [getuige 13] d.d. 3 april 2017, en/of - [zaaksdossier 2, pg 65 e.v.] meerdere, te weten 3, althans een, salarisspecificaties op naam van [getuige 13], en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 75] Verklaring geregistreerd inkomen 2015 op naam van [getuige 13], d.d. 20 december 2016, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 78] Verklaring geregistreerd inkomen 2015 op naam van [getuige 14] d.d. 8 augustus 2016
(elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - valselijk heeft opgemaakt of vervalst, immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) toen en daar (telkens) valselijk en/of in strijd met de waarheid die documenten opgemaakt, zulks (telkens) met het oogmerk om die/dat geschrift(en) als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;
Subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij, op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 6 augustus 2015 tot en met 25 oktober 2017, in elk geval in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met één of meer anderen, althans alleen, opzettelijk valselijk opgemaakte en/of vervalste geschriften die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten (onder meer):
- [ zaaksdossier 1, pg 108 en 114] een verhuurdersverklaring 6/4/2017 op naam van [naam 1] en/of een verklaring geregistreerd inkomen 2015 d.d. 13 januari 2015 op naam van [naam 1], en/of
- [ zaaksdossier 1, pg 40] een inkomstenverklaring 2014 d.d. 8 september 2015 op naam van [naam 2], en/of
- [ zaaksdossier 1, pg 327] een verhuurdersverklaring van [woningbouwvereniging] op naam van [getuige 2] d.d. 28 juni 2016, en/of
- [ zaaksdossier 1, pg 460] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente zaanstad, op naam van [getuige 5] d.d. 28 maart 2017, en/of
- [ zaaksdossier 1, pg 513] een uittreksel uit de basisregistratie Personen van de gemeente Utrecht op naam van [getuige 7] d.d. 16 mei 2017, en/of
- [ zaaksdossier 1, pg 532] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Leiden op naam van [getuige 6] d.d. 7 oktober 2016, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 12] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Den Haag op naam van [getuige 8] d.d. 29 november 2016, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 14] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Den Haag op naam van [getuige 9]
d.d. 4 augustus 2016, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 19] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Den Haag op naam van [getuige 10], d.d. 7 maart 2017, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 22] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Den Haag op naam van [getuige 11] d.d. 6 maart 2017, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 33] een verklaring geregistreerd inkomen 2015 op naam van [naam 3], d.d. 7 september 2016, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 59] een verklaring geregistreerd inkomen 2015 op naam van [getuige 12] d.d. 3 januari 2017, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 63] een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Den Haag op naam van [getuige 13] d.d. 22 maart 2017, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 64] een verhuurdersverklaring van [naam 4] op naam van [getuige 13] d.d. 3 april 2017, en/of - [zaaksdossier 2, pg 65 e.v.] meerdere, te weten 3, althans een, salarisspecificaties op naam van [getuige 13], en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 75] Verklaring geregistreerd inkomen 2015 op naam van [getuige 13], d.d. 20 december 2016, en/of
- [ zaaksdossier 2, pg 78] Verklaring geregistreerd inkomen 2015 op naam van [getuige 14] d.d. 8 augustus 2016,
heeft afgeleverd en/of voorhanden heeft gehad, terwijl hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat die geschriften bestemd waren om gebruik van te maken als waren deze echt en onvervalst;
8.
hij, op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 16 september 2015 tot en met 11 maart 2016, te Den Haag en/of te Wassenaar en/of te Leiden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte]en/of een ander of anderen, althans alleen, meermalen althans eenmaal, met het oogmerk om zichzelf en/of die [medeverdachte]en/of een of meer andere(n) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (onder meer)[slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] heeft/hebben bewogen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten een geldbedrag van 1400 EURO hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (zakelijk weergegeven)
- aan voornoemde [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] zich voorgedaan als zijnde werkzaam bij/voor [woonruimteverdeler 2], zulks terwijl hij, verdachte, daar niet werkzaam was, en/of
- in die hoedanigheid/hoedanigheden gesteld inzicht te hebben in alle beschikbare sociale huurwoningen, en/of
- ten behoeve van het bemiddelen tussen voornoemde [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] en de verhuurder, te weten [[slachtoffer 2], een (aan)betaling van een (groot) geldbedrag, te weten 1400 EURO, althans enig geldbedrag te vragen, en/of
- aan die [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] voor te houden dat zij deze aanbetaling retour zouden ontvangen wanneer er geen geslaagde bemiddeling zou plaatsvinden, zulks terwijl hij die aanbetaling niet retourneerde bij uitblijven van de prestatie;
9.
hij, op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 28 december 2015 tot en met 15 mei 2017, te Den Haag, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte]en/of een ander of anderen, althans alleen, meermalen althans eenmaal, met het oogmerk om zichzelf en/of die [medeverdachte]en/of een of meer andere(n) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (onder meer) [naam 5] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten een geldbedrag van 1500 EURO hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (zakelijk weergegeven)
- aan die [naam 5]
zich voorgedaan als zijnde werkzaam bij/voor [woonruimteverdeler 2], zulks terwijl hij, verdachte, daar niet werkzaam was, en/of
- in die hoedanigheid/hoedanigheden gesteld inzicht te hebben in alle beschikbare sociale huurwoningen, en/of
- ten behoeve van het bemiddelen tussen die [naam 5] en de (toekomstige) verhuurder van (huur)woningen, een (aan)betaling van een (groot) geldbedrag, te weten 1500 EURO, althans enig geldbedrag te vragen, en/of
- aan die [naam 5] voor te houden dat zij deze aanbetaling retour zouden ontvangen wanneer er geen geslaagde bemiddeling zou plaatsvinden, zulks terwijl hij die aanbetaling niet retourneerde bij uitblijven van de prestatie;
10.
hij, op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 19 september 2016 tot en met 17 januari 2017, te Den Haag en/of te Zoetermeer, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte]en/of een ander of anderen, althans alleen, meermalen althans eenmaal, met het oogmerk om zichzelf en/of die [medeverdachte]en/of een of meer andere(n) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (onder meer) [getuige 15] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten een geldbedrag van 2500 EURO hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (zakelijk weergegeven)
- ( ten behoeve van het bemiddelen tussen die [getuige 15] en een (toekomstige) verhuurder van (huur)woningen, een (aan)betaling van een (groot) geldbedrag, te weten 2500 EURO, althans enig geldbedrag te vragen, en/of
- aan die [getuige 15] voor te houden dat hij deze aanbetaling retour zouden ontvangen wanneer er geen geslaagde bemiddeling zou plaatsvinden, zulks terwijl hij die aanbetaling niet retourneerde bij uitblijven van de prestatie en/of
- die [getuige 15] een kwitantie van terugbetaling van die 2500 EURO heeft laten ondertekenen d.d. 16 december 2016, terwijl hij, verdachte en/of zijn mededader(s), dit bedrag na ondertekening weer terug heeft genomen en/of het bedrag niet heeft uitgekeerd aan die [getuige 15];
11.
hij op of omstreeks 13 april 2017 te Den Haag, in elk geval in Nederland, tezamen met een ander of anderen, [getuige 16] heeft/hebben bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft/hebben verdachte en of zijn mededader(s) opzettelijk eenmaal of meermalen voornoemde [getuige 16] dreigend de woorden toegevoegd en/of de volgende handelingen verricht, te weten:
-heeft medeverdachte na een verhitte discussie aan [getuige 16] de woorden toegevoegd “je leven is af”;
-is medeverdachte plots opgestaan en naar een kast/bureaulade gelopen;
-heeft medeverdachte een sleutelbos van tafel gegrepen waarna verdachte heeft gezegd: “ga je toch niet eruit halen man. Doe normaal man. Mattie gaan we die ding al pakken voor zulke kleine gasten?”
-heeft verdachte, vervolgens tegen [getuige 16] gezegd:
“Je bent ook een kleine gast, doe normaal man, wat ben je serieus?!”
En vervolgens richting [getuige 16] de woorden toegevoegd:
“Hier, wil je zien, hier. Ik pak alleen het pasje.”
Waarna er iets op tafel is gelegd onder toevoeging van de woorden:
“Weet je wat dat is? Een kanker wapenvergunning”
“Hij wou pistool op je kankerhoofd zetten ” en/of “ga pistool op je kankerhoofd zetten ”
“Hij wou een pistool op je hoofd gooien” en/of ”ga pistool op je hoofd gooien"
“Is een wapenvergunning dat wou ik jou laten zien”
Waarna verdachte, na enige discussie, richting [getuige 16] de woorden heeft toegevoegd:
“Die twee ogen van jou, die gaan erin”
althans woorden van gelijke (dreigende) aard en/of strekking,
-waarna verdachte, nadat aangever [getuige 16] de ruimte had verlaten, aan de in de ruimte overgebleven personen uit een kast/bureaulade een pistool, althans een op een pistool gelijkend voorwerp, heeft gepakt, en/of met dit (op een) pistool (gelijkend voorwerp) enkele wapenhandelingen heeft verricht;
12.
hij, op of omstreeks 14 april 2017 te 's-Gravenhage, in elk geval in Nederland, een reisdocument en/of identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht, te weten een verblijfsdocument, land: Nederland, nummer: [nummer ID document], te name van [getuige 6], waarvan hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze vals of vervalst was, heeft afgeleverd en/of voorhanden heeft gehad;
13.
hij op of omstreeks 13 april 2017 te Den Haag, (een) wapen(s) van categorie I onder 7°, te weten een (gasdruk)pistool en/of een ingekort luchtdrukgeweer (fabrikant WE, kaliber 6 mm, model 1911A1), zijnde (een) voorwerp(en) vermeld op lijst a of lijst b van de bij de Regeling Wapens en Munitie behorende bijlage I, voorhanden heeft gehad.
Ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie in het hoger beroep
Blijkens de akte rechtsmiddel van 18 juni 2019 heeft de officier van justitie onbeperkt hoger beroep ingesteld.
Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de advocaat-generaal medegedeeld dat het hoger beroep niet gericht is tegen de vrijspraken van de onder 2, 8, 9, 10 en 12 tenlastegelegde feiten.
Gelet hierop concludeert het hof dat het Openbaar Ministerie het ingestelde hoger beroep tegen de onder 2, 8, 9, 10 en 12 tenlastegelegde feiten niet langer wenst te handhaven. Het hof verklaart de officier van justitie derhalve niet-ontvankelijk in het hoger beroep voor zover dat is gericht tegen de in het vonnis waarvan beroep gegeven vrijspraken van hetgeen aan de verdachte onder 8, 9, 10 en 12 is tenlastegelegd.
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
De verdachte is in eerste aanleg vrijgesproken van hetgeen hem onder 2, 8, 9, 10 en 12 is tenlastegelegd. Het hoger beroep is namens de verdachte onbeperkt ingesteld en mitsdien mede gericht tegen de in eerste aanleg gegeven vrijspraken.
Gelet op hetgeen is bepaald in artikel 404, vijfde lid, van het Wetboek van Strafvordering staat voor de verdachte tegen deze vrijspraken geen hoger beroep open. Het hof zal de verdachte mitsdien niet-ontvankelijk verklaren in het ingestelde hoger beroep voor zover dat is gericht tegen de in het vonnis waarvan beroep gegeven vrijspraken van hetgeen hem onder 2, 8, 9, 10 en 12 is tenlastegelegd.
Vordering van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd behoudens de in dat vonnis opgenomen straf. De advocaat-generaal heeft te dien aanzien gevorderd dat aan de verdachte – rekening houdende met de overschrijding van de redelijke termijn - een gevangenisstraf voor de duur van 3 jaar en 8 maanden zal worden opgelegd.
Het vonnis waarvan beroep
De behandeling van de zaak in hoger beroep heeft het hof niet gebracht tot andere beschouwingen en beslissingen dan die van de eerste rechter, behalve ten aanzien van de oplegging van de straf en de motivering daarvan.
In dit opzicht zal het hof het vonnis waarvan beroep vernietigen. Voor het overige verenigt het hof zich met de gronden en beslissingen in het vonnis, met dien verstande dat het hof daarin de hierna te vermelden aanvullingen en verbetering aanbrengt.
Het vonnis waarvan beroep dient derhalve -behoudens voor zover het wordt vernietigd- onder aanvulling en verbetering van gronden te worden bevestigd.
Medeplegen
Het hof neemt de bewijsmiddelen, als opgenomen in het vonnis waarvan beroep en weergegeven op pagina 3 tot en met 6, over en vult deze aan met de volgende bewijsmiddelen:
De getuigenverklaring [getuige 17], zoals afgelegd bij de rechter-commissaris op 12 juli 2018:
U vraagt mij of ik binnen het kantoor contact heb gehad met beide broers of alleen met [medeverdachte]. Met allebei, maar eigenlijk meestal met [medeverdachte]. Ze werken wel samen. Als je contact met [medeverdachte] opneemt, dan neem je contact met [verdachte] op. Er was geen verschil.
De getuigenverklaring van [getuige 13], als afgelegd bij de rechter-commissaris op 12 juli 2018:
Tijdens het eerste gesprek heeft [medeverdachte] om bepaalde formulieren gevraagd. Ik geloof dat dat inleveren bij [verdachte] was, maar dat durf ik niet met zekerheid te zeggen. Ik ben wel nog een keer teruggegaan naar het kantoor om de formulieren te leveren.
U vraagt mij van wie ik de kwitantie heb gekregen. Die heb ik van [medeverdachte] tijdens het eerste gesprek gekregen.
U vraagt mij of ik voor de rest alles met [verdachte] heb besproken. Ja, dat is drie of vier keer geweest.
U vraagt mij of [verdachte] erbij was toen ik het eerste gesprek met [medeverdachte] had. Ja, hij zat ernaast.
De getuigenverklaring van [getuige 6], als afgelegd bij de rechter-commissaris op 17 juli 2018:
U zegt mij dat u heeft begrepen dat ik op het kantoor ben geweest om een woning te krijgen. Ja. U vraagt met wie ik de eerste keer toen ik op het kantoor kwam sprak. Ik sprak met [medeverdachte]. [verdachte] was aanwezig.
Een proces-verbaal van bevindingen van de politie d.d. 24 juli 2017 met proces-verbaal nr. 88 in het onderzoek Avignon/DH1R0723, zaaksdossier oplichting 2, p. 90-97. Dit proces-verbaal houdt onder meer in -zakelijk weergegeven- als relaas van de betreffende opsporingsambtenaar:
Op 16 juli 2017 werd [getuige 18] als getuige gehoord. Zij verklaarde in het kort dat zij op
10 april 2017 in het [administratiekantoor]
, gelegen aan de [adres 7] te Den Haag was geweest om een woning te kunnen regelen. Naar aanleiding van daarvan heb ik, verbalisant, de uit de [administratiekantoor] inbeslaggenomen beelden van 10 april 2017 uitgekeken.
Door de aangeefster [getuige 18] wordt een
mapje met daarin wat documenten afgegeven
aan [medeverdachte] (het hof begrijpt: de medeverdachte [medeverdachte]).
[medeverdachte] is bezig met de computer en print daarna
een aantal documenten.
[medeverdachte] gaat vervolgens zelf de formulieren invullen.
[medeverdachte] is nog steeds bezig met het papierwerk en
vraagt aan [verdachte] om een formulier op te
halen. Er wordt daarover volgende gesproken:
[medeverdachte]= Kan je voor mij een formuliertje meenemen
[verdachte] niet.
[medeverdachte]= Hallo
[verdachte]= Ja
[medeverdachte]= Eventjes halen voor mij
[verdachte] reageert weer niet.
[medeverdachte]= Ik ga wel
[verdachte]= In de achterbak…zit in de achterbak.
[medeverdachte] kreeg vervolgens sleutels van [verdacht]d en gaat zelf formulieren ophalen uit de achterbak, kennelijk van een auto.
Een proces-verbaal van bevindingen van de politie, districtsrecherche Den Haag-Centrum, d.d. 24 oktober 2017 met proces-verbaal nr. 129 in het onderzoek Avignon/DH1R0723, zaaksdossier zaak 2 valsheid in geschrifte, p. 124-127. Dit proces-verbaal houdt onder meer in -zakelijk weergegeven- als relaas van de betreffende opsporingsambtenaar:
Ik, verbalisant, bekeek de camerabeelden van [administratiekantoor] van 13 januari 2017.
10.28
uur: Ik zag dat [verdachte] samen met een voor
mij onbekende man (hierna: NN2) via de achterdeur het kantoor van [administratiekantoor] in liepen. Ik zag dat [verdachte] direct blauwe vuilniszakken pakte. Hij zei tegen NN2: ”lk laat je zien wat de bedoeling is.”
ll.27 uur: Ik zag dat [verdachte] met een gevulde blauwe vuilniszak in zijn handen liep en dat hij
achter het linker bureau ging zitten. Ik zag dat hij meerdere mappen opende en dat hij er documenten uithaalde. Ik zag dat hij de documenten in de blauwe vuilniszak stopte. Ik zag dat NN2 achter het linker bureau ging zitten en dat hij ook mappen opende, uit de mappen documenten haalde en deze documenten in de blauwe vuilniszak stopte.
Ik, verbalisant, zag dat de voorgenoemde documenten afkomstig waren van persoonsdossiers van klanten van
[administratiekantoor]. Ik zag dat er in ieder geval documenten gelijkend op GBA-uittreksels, verhuurders-verklaringen en inkomensverklaringen in de vuilniszak gestopt werden.
13.10
uur: Ik zag dat inmiddels twee blauwe vuilniszakken gevuld waren met documenten uit de
administratie van [administratiekantoor] en dat er een derde vuilniszak door [verdachte] werd geopend.
15.35
uur: Ik hoorde dat het volgende werd gezegd:
NNI: “Je moet een voor een controleren.”
Ik zag dat [verdachte] documenten in zijn handen had en dat NN1 naar de documenten keek.
[verdachte]: “Ik heb een voor een gecontroleerd.”
NN1: “Anders krijgen wij hoofdpijn, echt.”
[verdachte]: “Alles is weg, ga maar, als jij een neppe ziet (niet te verstaan).”
NN1: “Origineel?”
[verdachte]: “Ook origineel weggegooid.”
NN1: “Dus het is hier helemaal leeg? Wat zit er in die map?”
[verdachte]: “Al.”
15.44
uur: Ik hoorde dat het volgende werd gezegd:
[verdachte]: “Alles is weg, niks meer.”
Ik zag dat [verdachte] de kasten open deed en aan NN1 liet zien.
NN1: “Als een papier.”
[verdachte]: “We hebben alles weggehaald per stuk.”
NN2: “We begonnen hier [naam 6] (fonetisch) toen van zijn bureau naar die bureau.
Vuilniszakken gaan we bij mij thuis weggooien Harderwijk. Daar valt het niet op.”
16.14
uur: Ik zag dat [medeverdachte]via de achterdeur het kantoor inliep.
Ik hoorde dat het volgende werd gezegd:
[medeverdachte]: “Er is geen enkel papier?”
NN2: “Twee vuilniszakken vol met papier weggegooid. Zoek maar je gaat niks vinden."
Ik zag dat [medeverdachte]de kasten deed en erin keek.
[medeverdachte]: “Letterlijk geen een papier?”
NN1: “Een voor een.”
[medeverdachte]: “Jullie hebben alle mappen doorheen. Als jullie. Als ik eentje vind. Originele zitten
erin?”
[verdachte]: “Twee vuilniszakken vol he in de auto.”
NN2: “Weggooien bij mij thuis.”
[medeverdachte]: “Jullie hebben vernietigd toch?”
[medeverdachte]: “Scheuren.”
[verdachte]: “Maar broer weet je hoeveel?”
NN1: “Maakt niet uit.”
[medeverdachte]: “Dan wordt hij niet hier weggegooid.”
NN2: “We gooien het in Harderwijk weg.”
Ik zag dat [medeverdachte]vanaf 16.34 uur meerdere klanten ontving en voor hen aan het werk ging.
Een proces-verbaal van bevindingen van de politie, districtsrecherche Den Haag-Centrum, d.d. 26 juni 2017 met proces-verbaal nr. 45 in het onderzoek Avignon/DH1R0723, zaaksdossier zaak 2 valsheid in geschrifte, p. 128-130 en 133-135. Dit proces-verbaal houdt onder meer in -zakelijk weergegeven- als relaas van de betreffende opsporingsambtenaar:
Ik, verbalisant, bekeek de camerabeelden van administratiekantoor [administratiekantoor] op de camerabeelden zag ik het volgende:
Camerabeelden van 1-12-2016 (15.06 uur t/m 15.12 uur)
Omstreeks 15.07 uur, zag ik dat [medeverdachte] bij zijn printer een voor mij onbekend aantal grote vellen
papier pakte. Ik zag dat de papieren in ieder geval groter waren dan A4 formaat. Ik zag dat er op de
vellen papier een leeg formulier van het Rijk stond. Dit waren dezelfde papieren als de papieren die
voor een verklaring geregistreerd inkomen (IB-60) worden gebruikt. Ik zag dat [medeverdachte]een
papiersnijder pakte en dat hij het lege formulier van het Rijk uit de grote vellen papier sneed. Ik zag dat hij de vellen op zijn bureau legde. Ik zag dat [verdachte] naast [medeverdachte]zat terwijl [medeverdachte]de voornoemde handelingen verrichtte. Ik zag dat [verdachte] een verklaring geregistreerd inkomen voor zich had liggen. Ik hoorde dat [medeverdachte]en [verdachte] tegen elkaar praatten, maar ik kon niet verstaan wat er werd gezegd. Ik zag dat [medeverdachte]de
uitgesneden vellen papier aan [verdachte] gaf en dat [verdachte] de vellen bekeek. Vervolgens legde
[verdachte] de vellen naast zich neer.
Camerabeelden van 7-12-2016 (18.13 uur t/m 18.20 uur)
Om 18.14 uur zag ik dat [verdachte] in gesprek was met een voor mij onbekende man (hierna: NN4).
[verdachte] zat achter de linker computer. Ik hoorde het geluid van een printer en zag dat [verdachte]
een inkomensverklaring uit de printer haalde. Ik zag dat [verdachte] de inkomensverklaring aan [medeverdachte] liet zien en dat [medeverdachte] naar de voorzijde en achterzijde van de verklaring keek.
NN4: Netjes man.
NN4 lacht.
[medeverdachte]: [woningcorporatie 2] heeft origineel nodig.
NN4: Welke woningcorporatie is dat?
[medeverdachte]: [woningcorporatie 2]. (het hof begrijpt: [woningcorporatie 2])
[verdachte]: Originele IB is (niet te verstaan).
NN4: Origineel? Die heb ik.
[medeverdachte]: Is weinig watje hebt.
[verdachte]: Is toch weinig?
NN4: Wat moet ik allemaal regelen dan voor die.
[medeverdachte]: Jouw IB-60 is weinig voor die woning.
NN4: Oh is weinig.
[medeverdachte] laat de onbekende man twee inkomensverklaring zien.
[medeverdachte]: Dit is jouw originele.
[verdachte]: Ik was dat eh.
[medeverdachte]: Ook origineel bro.
NN4: Ja sowieso is origineel. Lekker man.
[medeverdachte]geeft de onbekende man een schouderklopje.
18.16
uur
[medeverdachte]: Hij controleert deze.
[medeverdachte]houdt een inkomensverklaring onder een UV lamp.
NN4: Wat zit erin?
[medeverdachte]: Vezels broer. Zie je die vezel?
NN4: Ja.
[verdachte] pakt de inkomensverklaring onder de UV lamp vandaan.
[medeverdachte] lacht hard.
NN4: Sterk, jullie zijn goed man: Jullie zijn top.
[verdachte] toont de onbekende man de achterzijde van de inkomensverklaring.
[verdachte]: achterkant (niet te verstaan).
NN4: Saaaa.
[medeverdachte]lacht hard.
NN4: Sterk man. Jullie kunnen het regelen man. We kunnen het toch ook met geld doen?
[medeverdachte]: Ook.
NN4: Als ik geld regel voor jullie.
[medeverdachte]: Wat voor geld?
NN4: (niet te verstaan) toevallig twintigjes.
[verdachte] overhandigt onbekende man een inkomensverklaring. NN4 kijkt ernaar.
NN4: Sterk, ze gaan er nooit achter komen.
[verdachte]: Ik ga je het voorbeeld van een neppe laten zien. We hebben klanten gehad die neppe
kwamen brengen.
NN4: Neppe?
[verdachte] overhandigt NN4 een vel papier.
[verdachte]: Voorbeeld papier.
[medeverdachte]: (niet te verstaan) na te maken. Hij zegt tegen mij ik kan papier regelen. Je weet toch
(niet te verstaan). Ik kan papier regelen. Toen hij dat zei (niet te verstaan). Hij zegt IB-60 kijk. Ik kijk zo. Ik zeg heb jij lekker gekopieerd broer, (niet te verstaan).
[verdachte]: Voel je die papier of niet.
NN4: Ja. Is anders.
[medeverdachte] houdt een inkomensverklaring in de lucht.
[medeverdachte]: Ik zeg broer dit moet je hebben.
[verdachte]: Die heeft achterkant.
18.19
uur
[verdachte]: Trouwens ik heb jouw broer weggehaald.
NN4: Waarom?
[verdachte]: Een persoon. Woning krijg je vanaf een persoon.
NN4: Wallah?
[verdachte]: Wallah. Is beter. Je inkomen mocht lager zijn. Anders moet je rond de 30 verdienen.
[medeverdachte]: (niet te verstaan) uittreksel.
[verdachte]: Legitimatie.
NN4: (niet te verstaan) woning. Je weet toch ik ben blij.
Camerabeelden van 7-12-2016 (18.40 uur t/m 18.50 uur)
[verdachte] geeft map met documenten aan [medeverdachte]. [medeverdachte]haalt de documenten eruit en kijkt
ernaar.
[medeverdachte]: Waarom 2 verhuurdersverklaringen?
[verdachte]: Kopie en origineel toch?
[medeverdachte]: Oh ja zo. (niet te verstaan).
NN4: (niet te verstaan).
[verdachte]: Nee is kopie.
NN4: Oh is kopie.
[verdachte]: (niet te verstaan) originele.
NN4: Ja ja ja , sterk man.
[medeverdachte] pakt een inkomensverklaring uit de map.
[medeverdachte]: Die moet je hier apart in een envelope laten, (niet te verstaan) weet hij dat we origineel
meegeven. Kopieert alles al. Die bewaart hij in de auto. Kijk ik leg even uit.
[verdachte]: Ik weet wat je bedoelt, nee moet je niet doen. Ik zou gewoon dit geven.
[medeverdachte]: Die moet je gewoon zo apart laten. Laat mij uitpraten ik weet hoe het gaat daar. Geef dit
gewoon aan hem, gewoon dit aan hem. Hij controleert ze. Wat gaat zeggen. Oke dit is goed, ik wil
graag de originele. Oh die heb ik ook.
NN4: Nog in de auto.
[medeverdachte]: Zit in de auto. (niet te verstaan) hij kijkt zo.
[medeverdachte]haalt een inkomensverklaring uit een enveloppe.
[medeverdachte]: Ja, nee het is goed. Klaar, snap je. Slim he.
[medeverdachte]: Ik ga je precies nadoen hoe het gaat daar. Jouw eerste bezichtiging toch?
NN4: (niet te verstaan).
[medeverdachte]: (niet te verstaan) 2011. Hij gaat kijken zo, huurdersverklaring, (niet te verstaan)
gemeentelijk uittreksel. [woningcorporatie 2] kijkt niet naar uittreksel, [woningcorporatie 2] kijkt alleen IB-60. Dit is niks voor [woningcorporatie 2]. Hij gaat naar jou toe dit is oke. Nee meneer die is niet geldig. Originelen? Ligt in de auto.
NN3: (niet te verstaan).
[medeverdachte]: Maar moet je echt in de auto laten. Originele ja in de auto. Kom je zo gewoon. Dit
gewoon met de enveloppe. Hij gaat zo doen. Hij gaat zo kijken. Hij gaat deze misschien (niet te
verstaan) om te kijken of origineel.
[medeverdachte]loopt met de inkomensverklaring naar de UV lamp, reikt met de inkomensverklaring naar
de lamp, maar stop vlak ervoor.
[verdachte]: Vooral als Marokkaan voor de deur komt, sowieso controle.
[medeverdachte]: IB-60 heeft drie soorten papieren en dat weten ze.
NN4: Ik heb ook gezegd tegen hem, die een is te dik.
[verdachte]: Dat kan.
[medeverdachte]: Kijk, IB-60 worden drie papieren verstuurd. Vanaf (niet te verstaan), Emmen en Den
Haag. En alle drie hebben verschillende. Je hebt zelfs IB-60 die wat langer is.
[verdachte]: Klopt wacht even. Ik laat je zien. Dit is originele toevallig. Kijk bro.
[medeverdachte]: Allebei origineel.
[verdachte]: Je hebt zelf kortere, langere, (niet te verstaan). Papier verschilt ook kijk.
NN4: Een van die papieren is langer dan die andere.
[verdachte]: Dat kan. Ze snijden die dingen. Ik heb ook papieren met zwarte rand nog.
NN4: Hun maken zelf de fout.
[verdachte]: Zijn geen fouten, ze snijden, (niet te verstaan).
[medeverdachte]: Weet je de originele formaat hoe dit is. Hoe belastingdienst binnenkrijgt.
[medeverdachte]haalt een groot formaat papier uit de kast met daarop een leeg formulier van het rijk en
laat deze aan de onbekende man zien.
NN4: Originele papier? Eng man, echt eng.
[verdachte]: Gewoon kant en klaar binnen (niet te verstaan).
[medeverdachte]: Dat is allemaal geld. Niks is gratis, (niet te verstaan). Zou jij voor 10 papieren 500 euro
betalen?
NN4: Uh nee.
[medeverdachte]: 500 euro voor tien papieren. Stel voor je bent met jouw vrouw he. Geef ik jou een
voorbeeld. Je bent met jouw vrouw dus je hebt twee papieren al gebruikt. Je hebt een vrouw en een
dochter dus je hebt twee papieren al gebruikt. Je hebt een vrouw en een dochter en alle drie hebben
geen inschrijving geen adres niks. Dat betekent drie papieren voor een gezin, (niet te verstaan).
Erratum
Het hof is van oordeel dat het vonnis waarvan beroep zowel in de tenlastelegging als in de bewezenverklaring in feit 7 primair, onder het eerste gedachtestreepje, abusievelijk “13 januari 2015” vermeldt, hetgeen dient te worden beschouwd als een kennelijke verschrijving en verbeterd moet worden gelezen als “13 januari 2017”.1.
Het hof is voorts van oordeel dat het vonnis waarvan beroep zowel in de tenlastelegging als in de bewezenverklaring in feit 7 primair, onder het vijfde gedachtestreepje, abusievelijk “7 oktober 2016” vermeldt, hetgeen dient te worden beschouwd als een kennelijke verschrijving en verbeterd moet worden gelezen als “19 januari 2017”.2.
Het hof is verder van oordeel dat in het vonnis waarvan beroep in noot 7 abusievelijk pagina 40, met bijlagen
(p. 48 en 49) staat vermeld. Dit moet zijn ZD2, proces-verbaal van bevindingen, p. 46, met bijlagen (p.48 en 49).
Strafmotivering
Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.
Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.
De verdachte heeft zich samen met zijn broer schuldig gemaakt aan het oplichten van vier woningcorporaties door het verstrekken van valselijk opgemaakte documenten. In twee gevallen is het door oplettendheid van medewerkers van de woningcorporaties bij een poging gebleven. Daarnaast hebben zij ten minste een twintigtal documenten vervalst of valselijk opgemaakt. Met deze vervalste stukken waren de cliënten van de verdachte in staat bij de woningcorporaties te doen voorkomen alsof zij op grond van hun inkomen en woningduur in aanmerking konden komen voor een sociale huurwoning. In enkele gevallen is door deze handelwijze daadwerkelijk een huurovereenkomst aangegaan en een woning afgegeven. Dit kon gebeuren doordat de verdachte gebruik maakte van originele blanco formulieren voor uittreksels uit de gemeentelijke basisadministratie en originele blanco formulieren van het Rijk. De omstandigheid dat de verdachte de beschikking had over deze formulieren is opmerkelijk en wijst mogelijk op het corrumperen van (rijks)ambtenaren ten gunste van hun onderneming. Hiervoor zijn aanwijzingen gevonden in het dossier. Op grond van het dossier kan bovendien worden aangenomen dat deze vorm van oplichting het verdienmodel van de (onderneming van de) verdachte en zijn broer was en dat de bewezenverklaarde feiten slechts het topje van de ijsberg zijn. Van andere, legale, activiteiten binnen [administratiekantoor] is niet gebleken terwijl op camerabeelden is te zien en te horen dat verdachte en zijn broer op 13 januari 2013 alle dossiers schonen en tenminste drie vuilniszakken met ‘neppe’ documenten afvoeren ter vernietiging.
Het gevolg van de handelwijze van de verdachte is niet alleen dat daadwerkelijk rechthebbenden voor sociale huurwoningen werden achtergesteld ten opzichte van de cliënten van de verdachte, maar ook dat deze cliënten in een aantal gevallen – na ontdekking van de valsheid – zonder pardon op straat zijn gezet. Ook zullen deze personen na ontdekking van de valsheid nog meer moeite hebben gehad om in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning, omdat ze daarna te boek stonden als verstrekkers van valse informatie. Dat de verdachte daarmee deze personen, die vanwege hun achtergrond vaak als kwetsbaar kunnen worden beschouwd, en hun gezinsleden waaronder kinderen eveneens ernstig heeft benadeeld, laat het hof zwaar meewegen. De verdachte heeft kennelijk slechts uit financieel gewin gehandeld en daarbij op geen enkele wijze rekening gehouden met de mogelijke gevolgen voor deze personen. Dat sommige van hun cliënten op de hoogte waren van de frauduleuze handelingen met betrekking tot hun inschrijving, doet aan het voorgaande niets af.
Daarnaast heeft de verdachte zich samen met zijn broer schuldig gemaakt aan bedreiging van een cliënt die zijn geld terug wilde. De verdachte en zijn broer hebben toen dreigende taal geuit. Daarnaast heeft de verdachte de cliënt een wapenvergunning getoond en hem medegedeeld dat zijn broer een pistool op zijn hoofd wilde zetten. Dit soort feiten veroorzaakt bij de slachtoffers daarvan in het algemeen gevoelens van onveiligheid.
Tot slot heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben van een gasdrukpistool. Dit wapen werd aangetroffen onder de bodemplaat in de achterbak van de bedrijfsauto, waar het door de verdachte was verborgen. Dergelijk ongecontroleerd wapenbezit verdient strenge bestraffing omdat het leidt tot onaanvaardbare veiligheidsrisico’s en bij burgers gevoelens van onveiligheid met zich meebrengt. Dat klemt temeer nu vuurwapens te vaak worden gebruikt bij het plegen van zeer ernstige misdrijven.
Het hof heeft in het nadeel van de verdachte acht geslagen op een de verdachte betreffend uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 22 november 2022, waaruit blijkt dat de verdachte reeds eerder onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van een soortgelijk feit. Dat heeft hem er kennelijk niet van weerhouden de onderhavige feiten te plegen.
Met betrekking tot de persoon van de verdachte heeft het hof onder meer acht geslagen op het rapport van Reclassering Nederland van 9 november 2021.
Daarnaast stelt het hof vast dat de redelijke termijn, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, in eerste aanleg is overschreden. De redelijke termijn is aangevangen op 14 april 2017, zijnde het moment dat de verdachte in verzekering is gesteld. Vervolgens is op 5 juni 2019 vonnis gewezen. Hieruit volgt dat de zaak niet binnen een redelijke termijn van twee jaar, maar eerst na twee jaar en bijna twee maanden is afgerond met een eindvonnis. Derhalve is er in de onderhavige zaak sprake van een lichte overschrijding van de redelijke termijn in eerste aanleg.
Het hof stelt voorts vast dat de zaak in hoger beroep niet binnen een redelijke termijn van twee jaar na het instellen van het hoger beroep op 14 juni 2019 met een eindarrest is afgerond. De zaak wordt immers eerst op 20 december 2022 afgerond met een eindarrest. Hierdoor is er sprake van een overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep met één jaar en zes maanden.
Tot slot constateert het hof dat de procedure in zijn geheel onwenselijk lang heeft geduurd en niet binnen vier jaar is afgerond, maar eerst binnen vijf jaar en acht maanden.
Het hof zal de overschrijdingen van de redelijke termijn verdisconteren in de strafmaat in die zin dat in plaats van een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden, een gevangenisstraf voor de duur van 32 maanden zal worden opgelegd.
Het hof is - alles afwegende - van oordeel dat een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf van voormelde duur een passende en geboden reactie vormt.
Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de veroordeelde in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering, aan de orde is.
Het hof overweegt ten overvloede dat het ter terechtzitting in hoger beroep besproken vonnis van de rechtbank Midden Nederland van 27 oktober 2022 niet bij de beoordeling van deze zaak is betrokken, nu de betrokkenheid van de verdachte bij voornoemd vonnis niet is komen vast te staan.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
Aangezien de verdachte na de datum waarop de door de eerste rechter bewezenverklaarde feiten zijn gepleegd opnieuw tot straf is veroordeeld, zal het hof de in het vonnis waarvan beroep aangehaalde toepasselijke wettelijke voorschriften aanvullen met artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte en de officier van justitie niet-ontvankelijk in het hoger beroep voor zover gericht tegen de beslissing ter zake van het onder 2, 8, 9, 10 en 12 tenlastegelegde.
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de straf en de motivering daarvan en doet in zoverre opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 32 (tweeëndertig) maanden.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige, met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door mr. G. Knobbout,
mr. J.A. van Dorp en mr. J.A.M.J. Janssen-Timmermans,
in bijzijn van de griffier mr. S.S. Mangal.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 20 december 2022.
Mr. J.A.M.J. Janssen-Timmermans is buiten staat dit arrest te ondertekenen.
Voetnoten
Voetnoten Uitspraak 20‑12‑2022
Een geschrift, zijnde een uittreksel Gemeentelijke Basis Administratie van de gemeente Leiden op naam van [getuige 6] d.d. 19 januari 2017, ZD1, dossierpagina 540.