Voluit: Wet van 10 december 1964, houdende nadere regelen met betrekking tot kansspelen (Stb. 1964, 483) in werking getreden op 31 december 1964 (Stb. 1964, 508) voor de tenlastegelegde feiten laatstelijk gewijzigd door de Wet van 24 juni 2015 (Stb. 2015, 428).
HR, 26-11-2024, nr. 23/00610 E
ECLI:NL:HR:2024:1728
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
26-11-2024
- Zaaknummer
23/00610 E
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
Bijzonder strafrecht (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:HR:2024:1728, Uitspraak, Hoge Raad, 26‑11‑2024; (Cassatie)
Terugverwijzing naar: ECLI:NL:GHSHE:2025:2550
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2024:665
In cassatie op: ECLI:NL:GHSHE:2023:555
ECLI:NL:PHR:2024:665, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 24‑09‑2024
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2024:1728
Beroepschrift, Hoge Raad, 02‑10‑2023
- Vindplaatsen
SR-Updates.nl 2024-0300
Uitspraak 26‑11‑2024
Inhoudsindicatie
Economische zaak. Opzettelijke overtreding van voorschriften, gesteld bij art. 30t.1 en art. 30b.1 Wet op de kansspelen, meermalen gepleegd, door zonder vergunning in zijn reisbureau gelegenheid te geven om te gokken op voetbalwedstrijden. Is gelet op bestemming van de in reisbureau aangetroffen apparaten sprake van kansspelautomaten (zijnde speelautomaten) a.b.i. art. 30 Wok? O.g.v. wetsgeschiedenis van art. 30 Wok (vgl. HR:2021:157) moet worden aangenomen dat vereiste voor zijn van kansspelautomaat met zich brengt dat spel zelf moet bestaan uit mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, dat door speler in werking wordt gesteld. Hof heeft vastgesteld dat in reisbureau aanwezige computers uitsluitend werden gebruikt om, via daarop geïnstalleerde software, weddenschappen op (voetbal)wedstrijden af te sluiten en dat vervolgens aan de hand van daadwerkelijke sportuitslagen werd bepaald of tot uitkering van geldbedrag moest worden overgegaan. Hof heeft geoordeeld dat computers kunnen worden aangemerkt als ‘kansspelautomaten’, zijnde ‘speelautomaten’. Dat oordeel getuigt (mede in het licht van wetsgeschiedenis van art. 30 Wok) van onjuiste rechtsopvatting. Uit ’s hofs vaststellingen volgt niet dat sprake was van toestel ‘ingericht voor beoefening van spel dat bestaat uit een door speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces’ a.b.i. art. 30 Wok. Bij sportweddenschap (vgl. art. 15.2 Wok) is ‘spel’ immers sportwedstrijd waarop weddenschap wordt afgesloten en niet een door speler in werking gesteld proces als in die bepaling bedoeld. Dat computer (mede) is bestemd voor afsluiten van sportweddenschappen brengt dan ook niet mee dat deze is aan te merken als ‘speelautomaat’ en dus ook niet als ‘kansspelautomaat’ in de zin van art. 30 Wok. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/00610 E
Datum 26 november 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch, economische kamer, van 15 februari 2023, nummer 20-002052-19, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972,
hierna: de verdachte.
1. Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft S.F.W. van ’t Hullenaar, advocaat in Arnhem, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.
2. Beoordeling van het cassatiemiddel
2.1
Het cassatiemiddel klaagt over het oordeel van het hof dat, gelet op de bestemming van de in het reisbureau van de verdachte aangetroffen apparaten, sprake is van kansspelautomaten (zijnde speelautomaten).
2.2.1
Overeenkomstig de tenlastelegging is ten laste van de verdachte bewezenverklaard dat:
“1.hij in of omstreeks de periode van medio april 2017 tot en met 18 november 2017 te Oss opzettelijk speelautomaten, die niet overeenstemmen met het door de raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a van de Wet op de kansspelen, toegelaten model daarvan en die niet ten bewijze daarvan zijn voorzien van het ingevolge artikel 30r van de Wet op de kansspelen, eerste lid, met betrekking tot die toelating vastgestelde merkteken- heeft geëxploiteerd en- aanwezig heeft gehad op plaatsen of in inrichtingen als bedoeld in artikel 30b, eerste lid, van de Wet op de kansspelen;
2.hij in of omstreeks de periode van medio april 2017 tot en met 18 november 2017 te Oss opzettelijk op een voor het publiek toegankelijke plaats, te weten een reisbureau, gelegen aan de [a-straat 1] en/of [b-straat] , zonder (geldige) vergunning van de burgemeester, kansspelautomaten, te weten 3 speelautomaten voorzien van (een computer en) software waarmee sportweddenschappen afgesloten kunnen worden, aanwezig heeft gehad.”
2.2.2
Deze bewezenverklaring steunt op onder meer het volgende bewijsmiddel:
“6. Een geschrift als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef en onder 5 Wetboek van Strafvordering, te weten een fotokopie van het onderzoeksverslag van de Kansspelautoriteit, opgemaakt d.d. 9 januari 2018 door [verbalisant] , handhaver bij de Kansspelautoriteit (p. 42-45 van het politiedossier), voor zover inhoudende -zakelijk weergegeven-:
Ik ben op grond van het Besluit aanwijzing toezichthouders Kansspelautoriteit 2016 ingevolge artikel 34, lid 1 van de Wet op de kansspelen (Wok) aangewezen als zijnde belast met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens die wet bepaalde, met uitzondering van titel VA, paragraaf 2.
Op 7 december 2017 omstreeks 08:15 uur, heb ik op het politiebureau van de politie Oss, ondersteuning verleend aan de politie Oss. Deze ondersteuning is verzocht omdat zij het vermoeden hadden dat de door hen op 28 november 2017 bij [A] , gevestigd [a-straat 1] te [plaats] , in beslag genomen goederen gerelateerd konden worden aan overtredingen van de Wok.
Bij navraag in het bedrijfsprocessensysteem van de Kansspelautoriteit is gebleken dat door de Raad van Bestuur van de Kansspelautoriteit aan bovengenoemde onderneming of zijn eigenaren geen vergunning is verstrekt voor het aanbieden van kansspelen. Ambtshalve herkende ik de goederen die door de politie inbeslaggenomen waren als speelautomaten. Dit was omdat deze bestonden uit een houten behuizing waarin een computerscherm, een toetsenbord, een muis, een eenheid voor invoer van munten en een scanner bevestigd waren. Het waren in totaal vijf speelautomaten die door de politie PC1, PC2, PC3, PC4 en PC5 zijn genoemd. Ik zag dat de achterzijde van de vijf speelautomaten open stonden en dat deze speelautomaten waren voorzien van een computer. Ik zag dat de vijf speelautomaten niet waren voorzien van een merkteken als bedoeld in artikel 30r, eerste lid van de Wok. Ik heb de in beslag genomen speelautomaten nader onderzocht op aanwezigheid van software voor het aanbieden van het afsluiten van weddenschappen op sportwedstrijden. Nadat ik speelautomaten aan het elektriciteitsnetwerk had aangesloten, zag en hoorde ik dat de in de speelautomaten aanwezige computers in werking traden. Ik zag dat PC1 en PC2 op identieke wijze opstartten. Ik zag namelijk op de beeldschermen dat het besturingssysteem Windows startte. Vervolgens zag ik dat op PC1 en PC 2 het bestand Terminalstart.bat startte. Ik zag namelijk meerdere regels met de tekst “Prufe internetverbindung” op het beeldscherm verschijnen. Ambtshalve is mij bekend dat Terminalstart.bat een bestand van het softwareprogramma CBC-X is. Met het softwareprogramma CBC-X is het mogelijk om weddenschappen op sportwedstrijden af te sluiten. Tevens is mij ambtshalve bekend dat bij de installatie van het softwareprogramma CBC-X een bestandsmap met de naam CBC op de C-partitie van de harde schijf wordt aangemaakt met daarin gegevens over afgesloten weddenschappen. Hierop heb ik door middel van de toets combinatie “ctrl-alt-del” het programma taakbeheer geopend. In dit programma heb ik het programma explorer.exe geopend waarmee ik de inhoud van de C-partitie van de harde schijf nader kon onderzoeken. Ik zag dat op de C-partitie van de harde schijf van PC1 en PC2 een map met de titel CBC was aangemaakt. Om deze mappen veilig te stellen heb ik een externe harde schijf via de USB-poort gekoppeld aan PC1 en PC 2. Op de aan de PC1 en PC2 gekoppelde harde schijf heb ik vervolgens programmatuur gestart, waarmee configuratie- en programmatuurbestanden van de computers zijn veiliggesteld en weggeschreven naar de aangesloten externe harde schijf om deze op een later tijdstip nader te kunnen onderzoeken. Op 8 december 2017 onderzocht ik op het kantoor van de Kansspelautoriteit te Den Haag, de gekopieerde bestanden van de computers PC1 en PC2 met als doel om te onderzoeken of er informatie was opgenomen met betrekking tot afgesloten sportweddenschappen.
Ik constateerde op basis van de logbestanden van PC1 dat:
- er 944 weddenschappen op sportwedstrijden zijn afgesloten in de periode van 29 september 2017 om 14:23 uur tot en met 18 november 2017 om 20:18 uur met een totaal bedrag van € 14.333,00;
- het identificatienummer van de geïnstalleerde software “ [01] ” is. Dit wordt ook wel het TID nummer genoemd.
Ik constateerde op basis van de logbestanden van PC2 dat:- er 1.409 weddenschappen op sportwedstrijden zijn afgesloten in de periode van 29 september 2017 te 18:32 uur tot en met 18 november 2017 te 20:29 uur met een totaal bedrag van € 19.000,00;
- het identificatienummer van de geïnstalleerde software “ [02] ” is.
Ik zag dat PC3 in het besturingssysteem Windows startte. Vervolgens zag ik dat het programma Terminalstart.bat startte. Ik zag dat dit programma bleef vragen om een internetverbinding. Ik zag namelijk meerdere regels met de tekst “Prufe internetverbindung” op het beeldscherm verschijnen. Hierop heb ik door middel van de toets combinatie “ctrl-alt-del” het programma taakbeheer geopend. In dit programma heb ik het programma explorer.exe geopend waarmee ik de inhoud van de harde schijf van PC3 nader kon onderzoeken. Op de C-partitie van de harde schijf heb ik de mappen “Topbet” en “Topbet old” aangetroffen. In deze beide mappen zag ik een map genaamd “config” en in deze map stond een identiek tekstbestand genaamd “del42.txt”. Nadat ik dit bestand had geopend zag ik dat onder andere de regel “brandname=maxibet” werd weergegeven.
Ambtshalve is mij bekend dat “maxibet” een programma is waarmee weddenschappen op sportwedstrijden kunnen worden afgesloten. Hierop heb ik een externe harde schijf middels de USB-poort gekoppeld aan PC3. Op deze harde schijf heb ik vervolgens programmatuur gestart waarmee ik de mappen “Topbet” en ”Topbet old” heb veiliggesteld en weggeschreven naar de aangesloten externe harde schijf om deze op een later tijdstip nader te kunnen onderzoeken. In de gekopieerde bestanden van de map “Topbet” heb ik meerdere logbestanden aangetroffen. In deze logbestanden heb ik gegevens gevonden over het succesvol inloggen van “user del42” op 28 november 2017 om 14:18 uur. Ambtshalve is mij bekend dat als bewijs van afgesloten weddenschappen zogenaamde wedtickets worden uitgeprint. Uit de gegevens van de logbestanden is gebleken dat er 15 tickets zijn uitgeprint op 28 november 2017 tussen 14:23 en 20:15 uur. Hieruit kan worden opgemaakt dat er in de genoemde periode 15 sportweddenschappen zijn afgesloten.
Op de speelautomaten zijn geen merkenteken, als bedoeld in artikel 30r eerste lid van de Wok, aangebracht. Tevens waren deze speelautomaten niet voorzien van een firmanaam en exploitatienummer, zoals verplicht gesteld in artikel 6 van de vergunningsvoorschriften van de vergunning tot het exploiteren van speelautomaten als bedoeld in artikel 30h van de Wok. Dit is een overtreding van artikel 30t, lid 1 van de Wok.
De aanwijzing der winnaars van weddenschappen op sportwedstrijden geschiedt door enige kansbepaling waarop de deelnemers in het algemeen geen overwegende invloed kunnen uitoefenen.”
2.2.3
Het hof heeft over de bewezenverklaring verder overwogen:
“Door de verdediging is gewezen op een arrest van de Hoge Raad van 2 februari 2021 en het onderliggende arrest van het hof Den Haag van 18 oktober 2019. In laatstgenoemd arrest overwoog het Haagse hof dat, zoals ook door de verdediging is gesteld, voor de beoordeling of sprake is van een kansspelautomaat de bestemming die aan het apparaat wordt gegeven, doorslaggevend is. De Hoge Raad heeft daarvan gezegd dat hier niet blijkt van een onjuiste rechtsopvatting.
Het hof volgt in de onderhavige zaak die redenering, maar is – anders dan de verdediging – van oordeel dat de feitelijke omstandigheden in deze zaak en de zaak die aan het oordeel van het hof Den Haag was onderworpen, verschillen en daardoor tot een ander oordeel leiden. Immers, in de strafzaak van het hof Den Haag bleek uit zowel de inschrijving van de Kamer van Koophandel van het bedrijf van de verdachte en diens eigen verklaring, dat de bedrijfsvoering erop was gericht om de aldaar aanwezige computers ter beschikking te stellen aan het publiek om daarop te internetten, zoals ‘Skypen’ en ‘Facebooken’. Gelet op deze bestemming was het Haagse hof van oordeel dat in die situatie niet kon worden gesproken van kansspelautomaten.De apparaten in de onderhavige strafzaak zijn aangetroffen in [A] ; het reisbureau van de verdachte. Uit het uittreksel van de Kamer van Koophandel volgt dat de bedrijfsvoering van het reisbureau was gericht op reisbemiddeling en advies en niet op het ter beschikking stellen van computers om daarop te internetten, zoals in de Haagse zaak het geval was. Voorts overweegt het hof dat uit het dossier volgt dat de bij de verdachte aangetroffen apparaten een houten behuizing hadden, waarin een computerscherm, een toetsenbord, een muis, een scanner en een eenheid voor de invoer van munten waren bevestigd. Deze apparaten waren, ook naar hun uiterlijke verschijningsvorm, uitsluitend bedoeld om, via de geïnstalleerde software, op (voetbal)wedstrijden te gokken.De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep d.d. 1 februari 2023 verklaard dat de apparaten waren bedoeld om “in te leggen op voetbalwedstrijden”, dat er “enkel werd gewed op voetbalwedstrijden” en dat hij daarmee geld verdiende.
Gelet op het hiervoor overwogene is het hof van oordeel dat, gelet op de bestemming van de in het reisbureau van de verdachte aangetroffen apparaten, sprake is van kansspelautomaten.
De omstandigheid dat de uitslag van de voetbalwedstrijd waarop via de kansspelautomaat wordt gewed, wordt beïnvloed door de in die wedstrijd opgestelde voetballers en niet door de speler (degene die de weddenschap afsluit), doet hieraan niet af. In het licht van de strekking van de Wet op de kansspelen stelt het hof vast dat het hier immers gaat om apparaten waarop, na aansluiting op het elektriciteitsnetwerk, enkel kansspelen kunnen worden gespeeld, waarbij geld wordt ingezet. Vervolgens start een proces waarbij wedstrijduitslagen door de gokker/speler worden voorspeld en ingevoerd in de apparaten (middels de software), die vervolgens aan de hand van de daadwerkelijke sportuitslagen bepalen of na afloop van de wedstrijd tot uitkering van een geldbedrag wordt overgegaan. De gokker/speler kan hierbij de uitkomst van zijn gok evenmin beïnvloeden als wanneer het apparaat louter mechanisch de resultaten bepaalt.”
2.3
De tenlastelegging onder 1 is toegesneden op artikel 30t lid 1 van de Wet op de kansspelen (hierna: Wok). Daarom moet worden aangenomen dat het in de tenlastelegging en bewezenverklaring voorkomende begrip ‘speelautomaten’ is gebruikt in de betekenis die dat begrip heeft in die bepaling. De tenlastelegging onder 2 is toegesneden op artikel 30b lid 1 Wok. Daarom moet worden aangenomen dat het in de tenlastelegging en bewezenverklaring voorkomende begrip ‘kansspelautomaten’ is gebruikt in de betekenis die dat begrip heeft in die bepaling.
2.4.1
De volgende bepalingen zijn van belang:
- artikel 30, aanhef en onder a tot en met c, Wok:
“In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. speelautomaat: een toestel, ingericht voor de beoefening van een spel, dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, waarbij het resultaat kan leiden tot de middellijke of onmiddellijke uitkering van prijzen of premies, daaronder begrepen het recht om gratis verder te spelen;
b. behendigheidsautomaat: een speelautomaat waarvan het spelresultaat uitsluitend kan leiden tot een verlengde speelduur of het recht op gratis spellen en het proces, ook nadat het in werking is gesteld, door de speler kan worden beïnvloed en het geheel of vrijwel geheel van zijn inzicht en behendigheid bij het gebruik van de daartoe geboden middelen afhangt of en in welke mate de spelduur verlengd of het recht op gratis spelen verkregen wordt;
c. kansspelautomaat: een speelautomaat, die geen behendigheidsautomaat is.”
- artikel 30b lid 1, aanhef en onder b, Wok:
“1. Het is verboden, behoudens het in deze Titel bepaalde, zonder vergunning van de burgemeester een of meer kansspelautomaten aanwezig te hebben
b. op voor het publiek toegankelijke plaatsen.”
- artikel 30t lid 1, aanhef en onder b en c, Wok:
“1. Het is verboden een of meer speelautomaten, die niet overeenstemmen met het door de raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, toegelaten model daarvan en die niet ten bewijze daarvan zijn voorzien van het ingevolge artikel 30r, eerste lid, met betrekking tot die toelating vastgestelde merkteken:
b. te exploiteren;
c. aanwezig te hebben op plaatsen of in inrichtingen als bedoeld in artikel 30b, eerste lid.”
2.4.2
Uit artikel 30 Wok volgt dat een ‘kansspelautomaat’ een speelautomaat betreft, die geen behendigheidsautomaat is. Onder ‘speelautomaat’ wordt verstaan ‘een toestel, ingericht voor de beoefening van een spel, dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, waarbij het resultaat kan leiden tot de middellijke of onmiddellijke uitkering van prijzen of premies, daaronder begrepen het recht om gratis verder te spelen’. Op grond van de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 30 Wok, zoals weergegeven in het arrest van de Hoge Raad van 2 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:157, moet worden aangenomen dat dit vereiste met zich brengt dat het spel zelf moet bestaan uit een mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, dat door de speler in werking wordt gesteld.
2.5
Het hof heeft vastgesteld dat de in het reisbureau van de verdachte aanwezige computers uitsluitend werden gebruikt om, via de daarop geïnstalleerde software, weddenschappen op (voetbal)wedstrijden af te sluiten en dat vervolgens aan de hand van de daadwerkelijke sportuitslagen werd bepaald of tot uitkering van een geldbedrag moest worden overgegaan. Het hof heeft geoordeeld dat deze computers kunnen worden aangemerkt als ‘kansspelautomaten’, zijnde ‘speelautomaten’. Dat oordeel getuigt – mede in het licht van de genoemde wetsgeschiedenis – van een onjuiste rechtsopvatting. Uit de vaststellingen van het hof volgt niet dat sprake was van een toestel dat is ‘ingericht voor de beoefening van een spel dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces’ in de zin van artikel 30 Wok. Bij een sportweddenschap (vgl. artikel 15 lid 2 Wok) is het ‘spel’ immers de sportwedstrijd waarop de weddenschap wordt afgesloten en niet een door de speler in werking gesteld proces als in die bepaling bedoeld. Dat een computer (mede) is bestemd voor het afsluiten van sportweddenschappen brengt dan ook niet mee dat deze is aan te merken als een ‘speelautomaat’ en dus ook niet als een ‘kansspelautomaat’ in de zin van artikel 30 Wok.
2.6
Het cassatiemiddel slaagt.
3. Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 26 november 2024.
Conclusie 24‑09‑2024
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Economische zaak. Overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 30t, eerste lid, Wok, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd; overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 30b, eerste lid, Wok, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd. De klacht dat geen sprake is van ‘speelautomaat’/‘kansspelautomaat’ is volgens de AG gegrond. Conclusie strekt tot vernietiging en terugwijzing.
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer23/00610 E
Zitting 24 september 2024
CONCLUSIE
A.E. Harteveld
In de zaak
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972,
hierna: de verdachte
De verdachte is bij arrest van 15 februari 2023 door de economische kamer van het gerechtshof 's-Hertogenbosch wegens 1. "overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 30t, eerste lid, van de Wet op de kansspelen, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd" en 2. "overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 30b, eerste lid, van de Wet op de kansspelen, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd", veroordeeld tot 40 uren taakstraf subsidiair 20 dagen hechtenis. Het hof heeft daarnaast 20 waardebonnen verbeurdverklaard en de onttrekking aan het verkeer bevolen van 5 computers en 1 afstandsbediening.
Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte. S.F.W. van 't Hullenaar, advocaat in Arnhem, heeft één middel van cassatie voorgesteld.
Het hof heeft ten laste van de verdachte bewezenverklaard dat:
‘1.
hij in of omstreeks de periode van medio april 2017 tot en met 18 november 2017 te Oss opzettelijk speelautomaten, die niet overeenstemmen met het door de raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a van de Wet op de kansspelen, toegelaten model daarvan en die niet ten bewijze daarvan zijn voorzien van het ingevolge artikel 30r van de Wet op de kansspelen, eerste lid, met betrekking tot die toelating vastgestelde merkteken
- heeft geëxploiteerd en
- aanwezig heeft gehad op plaatsen of in inrichtingen als bedoeld in artikel 30b, eerste lid, van de Wet op de kansspelen;
2.
hij in of omstreeks de periode van medio april 2017 tot en met 18 november 2017 te Oss opzettelijk op een voor het publiek toegankelijke plaats, te weten een reisbureau, gelegen aan de [a-straat 1] en/of [b-straat] , zonder (geldige) vergunning van de burgemeester, kansspelautomaten, te weten 3 speelautomaten voorzien van (een computer en) software waarmee sportweddenschappen afgesloten kunnen worden, aanwezig heeft gehad.’
4. De bewezenverklaring berust onder meer op het volgende in een aanvulling op het arrest opgenomen bewijsmiddel:
‘6. Een geschrift als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef en onder 5 Wetboek van Strafvordering, te weten een fotokopie van het onderzoeksverslag van de Kansspelautoriteit, opgemaakt d.d. 9 januari 2018 door [verbalisant] , handhaver bij de Kansspelautoriteit (…), voor zover inhoudende -zakelijk weergegeven-:
Ik ben op grond van het Besluit aanwijzing toezichthouders Kansspelautoriteit 2016 ingevolge artikel 34, lid 1 van de Wet op de kansspelen (Wok) aangewezen als zijnde belast met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens die wet bepaalde, met uitzondering van titel VA, paragraaf 2.
Op 7 december 2017 omstreeks 08:15 uur, heb ik op het politiebureau van de politie Oss, ondersteuning verleend aan de politie Oss. Deze ondersteuning is verzocht omdat zij het vermoeden hadden dat de door hen op 28 november 2017 bij [A] , gevestigd [a-straat 1] te [plaats] , in beslag genomen goederen gerelateerd konden worden aan overtredingen van de Wok.
Bij navraag in het bedrijfsprocessensysteem van de Kansspelautoriteit is gebleken dat door de Raad van Bestuur van de Kansspelautoriteit aan bovengenoemde onderneming of zijn eigenaren geen vergunning is verstrekt voor het aanbieden van kansspelen. Ambtshalve herkende ik de goederen die door de politie inbeslaggenomen waren als speelautomaten. Dit was omdat deze bestonden uit een houten behuizing waarin een computerscherm, een toetsenbord, een muis, een eenheid voor invoer van munten en een scanner bevestigd waren. Het waren in totaal vijfspeelautomaten die door de politie PC1. PC2, PC3, PC4 en PC 5 zijn genoemd. Ik zag dat de achterzijde van de vijfspeelautomaten open stonden en dat deze speelautomaten waren voorzien van een computer. Ik zag dat de vijf speelautomaten niet waren voorzien van een merkteken als bedoeld in artikel 30r, eerste lid van de Wok. Ik heb de in beslag genomen speelautomaten nader onderzocht op aanwezigheid van software voor het aanbieden van het afsluiten van weddenschappen op sportwedstrijden. Nadat ik speelautomaten aan het elektriciteitsnetwerk had aangesloten, zag en hoorde ik dat de in de speelautomaten aanwezige computers in werking traden. Ik zag dat PC1 en PC2 op identieke wijze opstartten. Ik zag namelijk op de beeldschermen dat het besturingssysteem Windows startte. Vervolgens zag ik dat op PC1 en PC 2 het bestand Terminalstart.bat startte. Ik zag namelijk meerdere regels met de tekst "Prufe internetverbindung" op het beeldscherm verschijnen. Ambtshalve is mij bekend dat Terminalstart.bat een bestand van het softwareprogramma CBC-X is. Met het softwareprogramma CBC-X is het mogelijk om weddenschappen op sportwedstrijden af te sluiten. Tevens is mij ambtshalve bekend dat bij de installatie van het softwareprogramma CBC-X een bestandsmap met de naam CBC op de C-partitie van de harde schijf wordt aangemaakt met daarin gegevens over afgesloten weddenschappen. Hierop heb ik door middel van de toets combinatie "ctrl-alt-del" het programma taakbeheer geopend. In dit programma heb ik het programma explorer.exe geopend waarmee mee ik de inhoud van de C-partitie van de harde schijf nader kon onderzoeken. Ik zag dat op de C-partitie van de harde schijf van PC1 en PC2 een map met de titel CBC was aangemaakt. Om deze mappen veilig te stellen heb ik een externe harde schijf via middels de USB-poort gekoppeld aan PC1 en PC 2. Op de aan de PC1 en PC2 gekoppelde harde schijf heb ik vervolgens programmatuur gestart, waarmee configuratie- en programmatuurbestanden van de computers zijn veiliggesteld en weggeschreven naar de aangesloten externe harde schijf om deze op een later tijdstip nader te kunnen onderzoeken. Op 8 december 2017 onderzocht ik op het kantoor van de Kansspelautoriteit te Den Haag, de gekopieerde bestanden van de computers PC1 en PC2 met als doel om te onderzoeken of er informatie was opgenomen met betrekking tot afgesloten sportweddenschappen. Ik constateerde op basis van de logbestanden van PC1 dat:
- er 944 weddenschappen op sportwedstrijden zijn afgesloten in de periode van 29 september 2017 om 14:23 uur tot en met 18 november 2017 om 20:18 uur met een totaal bedrag van € 14.333,00;
- het identificatienummer van de geïnstalleerde software " [01] " is. Dit wordt ook wel het TID nummer genoemd.
Ik constateerde op basis van de logbestanden van PC2 dat:
- er 1.409 weddenschappen op sportwedstrijden zijn afgesloten in de periode van 29 september 2017 te 18:32 uur tot en met 18 november 2017 te 20:29 uur met een totaal bedrag van € 19.000,00;
- het identificatienummer van de geïnstalleerde software " [02] " is.
Ik zag dat PC3 in het besturingssysteem Windows startte. Vervolgens zag ik dat het programma Terminalstart.bat startte. Ik zag dat dit programma bleef vragen om een internetverbinding. Ik zag namelijk meerdere regels met de tekst "Prufe internetverbindung" op het beeldscherm verschijnen. Hierop heb ik door middel van de toets combinatie "ctrl-alt-del" het programma taakbeheer geopend. In dit programma heb ik het programma explorer.exe geopend waarmee ik de inhoud van de harde schijf van PC3 nader kon onderzoeken. Op de C-partitie van de harde schijf heb ik de mappen "Topbet" en "Topbet old" aangetroffen. In deze beide mappen zag ik een map genaamd "config" en in deze map stond een identiek tekstbestand genaamd "del42.txt". Nadat ik dit bestand had geopend zag ik dat onder andere de regel "brandname-maxibet" werd weergegeven.
Ambtshalve is mij bekend dat "maxibet" een programma is waarmee weddenschappen op sportwedstrijden kunnen worden afgesloten. Hierop heb ik een externe harde schijf middels de USB-poort gekoppeld aan PC3. Op deze harde schijf heb ik vervolgens programmatuur gestart waarmee ik de mappen "Topbet" en "Topbet old" heb veiliggesteld en weggeschreven naar de aangesloten externe harde schijf om deze op een later tijdstip nader te kunnen onderzoeken. In de gekopieerde bestanden van de map "Topbet" heb ik meerdere logbestanden aangetroffen. In deze logbestanden heb ik gegevens gevonden over het succesvol inloggen van "user del42" op 28 november 2017 om 14:18 uur. Ambtshalve is mij bekend dat als bewijs van afgesloten weddenschappen zogenaamde wedtickets worden uitgeprint. Uit de gegevens van de logbestanden is gebleken dat er 15 tickets zijn uitgeprint op 28 november 2017 tussen 14:23 en 20:15 uur. Hieruit kan worden opgemaakt dat er in de genoemde periode 15 sportweddenschappen zijn afgesloten.
Op de speelautomaten zijn geen merkteken, als bedoeld in artikel 30r eerste lid van de Wok. aangebracht. Tevens waren deze speelautomaten niet voorzien van een firmanaam en exploitatienummer, zoals verplicht gesteld in artikel 6 van de vergunningsvoorschriften van de vergunning tot het exploiteren van speelautomaten als bedoeld in artikel 30h van de Wok. Dit is een overtreding van artikel 30t, lid 1 van de Wok.
De aanwijzing der winnaars van weddenschappen op sportwedstrijden geschiedt door enige kansbepaling waarop de deelnemers in het algemeen geen overwegende invloed kunnen uitoefenen.’
5. Het middel bevat de klacht dat ’s hofs oordeel, dat gelet op de bestemming van de in het reisbureau van de verdachte aangetroffen apparaten, sprake is van kansspelautomaten getuigt van een onjuiste rechtsopvatting en/of – mede in het licht van hetgeen door de raadsman van de verdachte naar voren is gebracht – onbegrijpelijk is.
5.1
De Wet op de kansspelen (verder: Wok) hield, voor zover hier van belang, ten tijde van de tenlastegelegde gedragingen het volgende in:1.
‘Titel I. Algemene bepalingen
Artikel 1
1. Behoudens het in Titel Va van deze wet bepaalde is het verboden:
a. gelegenheid te geven om mede te dingen naar prijzen of premies, indien de aanwijzing der winnaars geschiedt door enige kansbepaling waarop de deelnemers in het algemeen geen overwegende invloed kunnen uitoefenen, tenzij daarvoor ingevolge deze wet vergunning is verleend;
(...)
Titel Va. Speelautomaten
§ 1. Inleidende bepalingen
Artikel 30
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. speelautomaat: een toestel, ingericht voor de beoefening van een spel, dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, waarbij het resultaat kan leiden tot de middellijke of onmiddellijke uitkering van prijzen of premies, daaronder begrepen het recht om gratis verder te spelen;
b. behendigheidsautomaat: een speelautomaat waarvan het spelresultaat uitsluitend kan leiden tot een verlengde speelduur of het recht op gratis spellen en het proces, ook nadat het in werking is gesteld, door de speler kan worden beïnvloed en het geheel of vrijwel geheel van zijn inzicht en behendigheid bij het gebruik van de daartoe geboden middelen afhangt of en in welke mate de spelduur verlengd of het recht op gratis spelen verkregen wordt;
c. kansspelautomaat: een speelautomaat, die geen behendigheidsautomaat is;
(...)
§ 2. Vergunning tot het aanwezig hebben van kansspelautomaten
Artikel 30b
1. Het is verboden, behoudens het in deze Titel bepaalde, zonder vergunning van de burgemeester een of meer kansspelautomaten aanwezig te hebben
(...);
b. op voor het publiek toegankelijke plaatsen;
(…)
§ 5. Overige verbodsbepalingen
Artikel 30t
1. Het is verboden een of meer speelautomaten, die niet overeenstemmen met het door de raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, toegelaten model daarvan en die niet ten bewijze daarvan zijn voorzien van het ingevolge artikel 30r, eerste lid, met betrekking tot die toelating vastgestelde merkteken:
(…)
c. aanwezig te hebben op plaatsen of in inrichtingen als bedoeld in artikel 30b, eerste lid.
Titel VIC Strafbepalingen
Artikel 36
1. Gedragingen in strijd met de voorschriften vastgesteld bij of krachtens de artikelen 1, eerste lid, onder a, 30b, eerste lid, 30h, eerste lid, 30m, eerste lid, en 30t, eerste, tweede en vijfde lid, zijn misdrijven, voorzover zij opzettelijk zijn begaan, en overigens overtredingen.
(…)
3. Gedragingen, die in dit artikel als misdrijf of als overtreding zijn aangemerkt, zijn economische delicten in de zin van artikel 1, aanhef en onder 3°, van de Wet op de economische delicten.’
5.2
In HR 2 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:157 overwoog de Hoge Raad:
‘2.4.1 De Wet op de kansspelen kent voor speelautomaten - waaronder op grond van artikel 30 van die wet ook kansspelautomaten zijn begrepen - een afzonderlijk wettelijk regime, met het oog waarop speelautomaten zijn uitgezonderd van het algemene verbod van artikel 1 lid 1, onder a, Wok. Deze regeling inzake speelautomaten vormt een lex specialis ten opzichte van artikel 1 Wok (vgl. HR 16 november 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM3630).
2.4.2
De geschiedenis van de totstandkoming van artikel 30 Wok houdt het volgende in:
"Artikel 30
De omschrijving van het begrip speelautomaat bepaalt de omvang van het toepassingsgebied van de nieuwe regeling. De definitie is zo geformuleerd, dat zowel de kansspel- als de behendigheidsautomaten daaronder zijn begrepen. De reden daarvan ligt in de wenselijkheid om van overheidswege toezicht uit te oefenen op verschillende soorten speelautomaten, die in versluierde vorm als kansspelautomaten kunnen worden geëxploiteerd. In § 5.1 werd reeds een korte beschrijving gegeven van de kenmerken van beide categorieën speelautomaten, waarop de definitie betrekking heeft.
Het vereiste dat het toestel moet zijn «ingericht voor de beoefening van een spel» stelt buiten twijfel dat de regeling niet van toepassing is op wisselautomaten, sigarettenautomaten, muziekautomaten (jukeboxes) e.d. Onder de werking van de nieuwe voorschriften vallen ook niet biljarts, tafelvoetbalspelen, tafeltennisspelen e.d. Als criterium immers geldt onder meer dat het spel zelf moet bestaan uit een mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, dat door de speler in werking wordt gesteld. De wijze waarop het proces in werking wordt gesteld is niet relevant.” (Kamerstukken II 1980/81, 16 481, nr. 3, p. 10)".’
5.3
De raadsman van de verdachte heeft in zijn pleitnota bij het hof aangevoerd dat geen sprake is van speelautomaten of kansspelautomaten als bedoeld in Titel Va van de Wok, omdat de computers waarmee weddenschappen op sportwedstrijden werden geplaatst niet zijn ingericht voor de beoefening van een spel dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, waarbij het resultaat kan leiden tot de middellijke of onmiddellijke uitkering van een geldbedrag. Het zouden de kwaliteiten van de opgestelde sporters in de wedstrijd zijn die bepalen of na de wedstrijd tot uitkering van een geldbedrag wordt overgegaan en niet een bepaald proces.
5.4
Het hof heeft geoordeeld dat, gelet op de bestemming van de in het reisbureau van de verdachte aangetroffen apparaten en anders dan de raadsman heeft betoogd wel sprake is van kansspelautomaten. Het hof heeft overwogen dat de computers zijn ‘aangetroffen in [A] ; het reisbureau van de verdachte’, dat uit het uittreksel van de Kamer van Koophandel volgt dat de bedrijfsvoering van het reisbureau was gericht op reisbemiddeling en advies, dat uit het dossier volgt dat de bij de verdachte aangetroffen apparaten een houten behuizing hadden, waarin een computerscherm, een toetsenbord, een muis, een scanner en een eenheid voor de invoer van munten waren bevestigd en deze apparaten ook naar hun uiterlijke verschijningsvorm, uitsluitend bedoeld waren om, via de geïnstalleerde software, op (voetbal)wedstrijden te gokken en dat de verdachte heeft verklaard dat ‘de apparaten waren bedoeld om "in te leggen op voetbalwedstrijden", dat er "enkel werd gewed op voetbalwedstrijden" en dat hij daarmee geld verdiende’.
5.5
In de toelichting op het middel wordt aangevoerd dat bij het afsluiten van sportweddenschappen via een computer geen sprake is van een spel, dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces.
5.6
Art. 30, onder a, Wok definieert het begrip speelautomaat. Dit is een toestel, ingericht voor de beoefening van een spel, dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, waarbij het resultaat kan leiden tot de middellijke of onmiddellijke uitkering van prijzen of premies, daaronder begrepen het recht om gratis verder te spelen. Een kansspelautomaat is een speelautomaat, die geen behendigheidsautomaat is (art. 30, onder b, Wok). Een behendigheidsautomaat is een speelautomaat waarvan het spelresultaat uitsluitend kan leiden tot een verlengde speelduur of het recht op gratis spellen en het proces, ook nadat het in werking is gesteld, door de speler kan worden beïnvloed en het geheel of vrijwel geheel van zijn inzicht en behendigheid bij het gebruik van de daartoe geboden middelen afhangt of en in welke mate de spelduur verlengd of het recht op gratis spelen verkregen wordt (art. 30, onder c, Wok).
5.7
Of een toestel is aan te merken als speelautomaat – en meer specifiek als kansspelautomaat – is afhankelijk van de feitelijke bestemming die daaraan wordt gegeven.2.Zo was een internetzuil, zolang daarmee ‘een fruitmachine werd gesimuleerd’, in essentie ‘een fruitmachine, met inbegrip van de faciliteit van directe uitbetaling van gokwinsten door medewerkers van de cafetaria’.3.
5.8
Bij het vaststellen van de feitelijke bestemming van een toestel is het karakter van de gelegenheid die wordt gegeven om mede de dingen naar prijzen of premies doorslaggevend. Uit art. 30, onder a, Wok volgt dat het toestel moet zijn ‘ingericht voor de beoefening van een spel’. Wisselautomaten, sigarettenautomaten en muziekautomaten zijn om die reden niet aan te merken als speelautomaten.4.Dit spel moet zelf bestaan uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, waarbij het resultaat kan leiden tot de middellijke of onmiddellijke uitkering van prijzen of premies, daaronder begrepen het recht om gratis verder te spelen. De wijze waarop het proces in werking wordt gesteld is niet relevant.5.
5.9
Het inzetten van geld door een persoon, al dan niet via een op een apparaat bevestigde eenheid voor de invoer van munten, waarna die persoon wedstrijduitslagen voorspelt en invoert middels de op dit apparaat geïnstalleerde software, welke vervolgens aan de hand van de daadwerkelijke uitslag bepaalt of na afloop van de wedstrijd tot uitkering van een geldbedrag wordt overgegaan, is echter - en anders dan het hof oordeelde - niet aan te merken als een spel in de zin van art. 30 Wok, omdat het spel niet zelf bestaat uit een mechanisch, elektrisch of elektronische proces, dat door de speler in werking wordt gesteld, waarbij het resultaat kan leiden tot de middellijke of onmiddellijke uitkering van prijzen of premies. Het zijn, in de woorden van A-G Keulen in zijn conclusie voor HR 2 februari 2021, de inspanningen en kwaliteiten van de sporters die zijn opgesteld in de wedstrijd waarop de weddenschap betrekking heeft, die bepalen of na de wedstrijd tot uitkering van een geldbedrag wordt overgegaan.6.Dat de persoon die geld inzet hierbij de uitkomst van zijn gok evenmin kan beïnvloeden als wanneer het apparaat louter mechanisch de resultaten bepaalt, doet aan het bovenstaande niet af. ’s Hofs oordeel dat, gelet op de bestemming van de in het reisbureau van de verdachte aangetroffen apparaten, ten aanzien van het onder 1 en 2 tenlastegelegde sprake is van respectievelijk speelautomaten en kansspelautomaten, getuigt van een onjuiste rechtsopvatting.
5.10
Het middel slaagt.
6. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak aanleiding behoren te geven.
7. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak en terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
Voetnoten
Voetnoten Conclusie 24‑09‑2024
Vgl. conclusie A-G Aben voor HR 16 november 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM3630, NJ 2010/625, waarin A-G zich voorstander toonde van een functionele benadering. Deze benadering is, aldus de conclusie A-G Keulen voor HR 2 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:157, door de Hoge Raad gevolgd in HR 16 november 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM3630, NJ 2010/625 en HR 30 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:3644. Ik leid uit het arrest van de Hoge Raad, gewezen na de voornoemde conclusie van A-G Keulen, af dat de Hoge Raad de functionele benadering nog steeds aanhangt.
Vgl. conclusie A-G Aben voor HR 16 november 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM3630, NJ 2010/625.
Kamerstukken II 1980/81, 16 481, nr. 3, p. 10. Vgl. HR 11 januari 2000, ECLI:NL:HR:2000:ZD1680.
Conclusie A-G Keulen voor HR 2 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:157.
Beroepschrift 02‑10‑2023
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
SCHRIFTUUR, houdende één middel van cassatie in de zaak van:
[verdachte] verzoeker van cassatie van een hem betreffend arrest van het Gerechtshof te 's‑Hertogenbosch van 15 februari 2023, waarbij verzoeker tot straf is veroordeeld.
Middel
Schending van het recht en/of verzuim van vormen waarvan de niet-inachtneming met nietigheid is bedreigd of zodanige nietigheid voortvloeit uit de aard van de niet in acht genomen vorm. In het bijzonder heeft het hof t.a.v. de feiten 1 en 2 de naleving verzuimd van de artikelen 30b en 30t Wet op de kansspelen en van artikel 359 juncto 415 Wetboek van Strafvordering, omdat het oordeel van het hof dat ‘gelet op de bestemming van de in het reisbureau van de verdachte aangetroffen apparaten, sprake is van kansspelautomaten’ getuigt van een onjuiste rechtsopvatting en/of — mede in het licht van hetgeen door de raadsman van verzoeker naar voren is gebracht — onbegrijpelijk is.
Toelichting:
1.
Het bestreden arrest houdt als bewezenverklaring het volgende in:
‘1.
hij in of omstreeks de periode van medio april 2017 tot en met 18 november 2017 te Oss opzettelijk speelautomaten, die niet overeenstemmen met het door de raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a van de Wet op de kansspelen, toegelaten model daarvan en die niet ten bewijze daarvan zijn voorzien van het ingevolge artikel 30r van de Wet op de kansspelen, eerste lid, met betrekking tot die toelating vastgestelde merkteken
- —
heeft geëxploiteerd en
- —
aanwezig heeft gehad op plaatsen of in inrichtingen als bedoeld in artikel 30b, eerste lid, van de Wet op de kansspelen;
2.
hij in of omstreeks de periode van medio april 2017 tot en met 18 november 2017 te Oss opzettelijk op een voor het publiek toegankelijke plaats, te weten een reisbureau, gelegen aan de [a-straat 01] en/of [b-straat], zonder (geldige) vergunning van de burgemeester, kansspelautomaten, te weten 3 speelautomaten voorzien van (een computer en) software waarmee sportweddenschappen afgesloten kunnen worden, aanwezig heeft gehad.’
2.
De bewezenverklaring steunt op onder meer de inhoud van het volgende bewijsmiddel:
- ‘6.
Een geschrift als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef en onder 5 Wetboek van Strafvordering, te weten een fotokopie van het onderzoeksverslag van de Kansspelautoriteit, opgemaakt d.d. 9 januari 2018 door [verbalisant], handhaver bij de Kansspelautoriteit p. 42–45 van het politiedossier), voor zover inhoudende -zakelijk weergegeven-:
Ik ben op grond van het Besluit aanwijzing toezichthouders Kansspelautoriteit 2016 ingevolge artikel 34, lid 1 van de Wet op de kansspelen (Wok) aangewezen als zijnde belast met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens die wet bepaalde, met uitzondering van titel VA, paragraaf 2.
Op 7 december 2017 omstreeks 08:15 uur, heb ik op het politiebureau van de politie Oss, ondersteuning verleend aan de politie Oss. Deze ondersteuning is verzocht omdat zij het vermoeden hadden dat de door hen op 28 november 2017 bij [A], gevestigd [a-straat 01] te [a-plaats], in beslag genomen goederen gerelateerd konden worden aan overtredingen van de Wok.
Bij navraag in het bedrijfsprocessensysteem van de Kansspelautoriteit is gebleken dat door de Raad van Bestuur van de Kansspelautoriteit aan bovengenoemde onderneming of zijn eigenaren geen vergunning is verstrekt voor het aanbieden van kansspelen. Ambtshalve
herkende ik de goederen die door de politie inbeslaggenomen waren als speelautomaten. Dit was omdat deze bestonden uit een houten behuizing waarin een computerscherm, een toetsenbord, een muis, een eenheid voor invoer van munten en een scanner bevestigd waren.
Het waren in totaal vijf speelautomaten die door de politie PC1, PC2, PC3, PC4 en PC 5 zijn genoemd. Ik zag dat de achterzijde van de vijf speelautomaten open stonden en dat deze speelautomaten waren voorzien van een computer. Ik zag dat de vijf speelautomaten niet waren voorzien van een merkteken als bedoeld in artikel 30r. eerste lid van de Wok. Ik heb de in beslag genomen speelautomaten nader onderzocht op aanwezigheid van software voor het aanbieden van het afsluiten van weddenschappen op sportwedstrijden. Nadat ik speelautomaten aan het elektriciteitsnetwerk had aangesloten, zag en hoorde ik dat de in de speelautomaten aanwezige computers in werking traden. Ik zag dat PC1 en PC2 op identieke wijze opstartten. Ik zag namelijk op de beeldschermen dat het besturingssysteem Windows startte. Vervolgens zag ik dat op PC 1 en PC 2 het bestand Terminalstart.bat startte. Ik zag namelijk meerdere regels met de tekst ‘Prufe internetverbindung ’ op het beeldscherm verschijnen. Ambtshalve is mij bekend dat Terminalstart.bat een bestand van het softwareprogramma CBC-X is. Met het softwareprogramma CBC-X is het mogelijk om weddenschappen op sportwedstrijden af te sluiten. Tevens is mij ambtshalve bekend dat bij de installatie van het softwareprogramma CBC-X een bestandsmap met de naam CBC op de C-partitie van de harde schijf wordt aangemaakt met daarin gegevens over afgesloten weddenschappen. Hierop heb ik door middel van de toets combinatie ‘ctrl-alt-del’ het programma taakbeheer geopend. In dit programma heb ik het programma explorer.exe geopend waarmee mee ik de inhoud van de C-partitie van de harde schijf nader kon onderzoeken. Ik zag dat op de C-partitie van de harde schijf van PC 1 en PC2 een map met de titel CBC was aangemaakt. Om deze mappen veilig te stellen heb ik een externe harde schijf via middels de USB-poort gekoppeld aan PC 1 en PC 2. Op de aan de PC 1 en PC2 gekoppelde harde schijf heb ik vervolgens programmatuur gestart, waarmee configuratie- en programmatuurbestanden van de computers zijn veiliggesteld en weggeschreven naar de aangesloten externe harde schijf om deze op een later tijdstip nader te kunnen onderzoeken. Op 8 december 2017 onderzocht ik op het kantoor van de Kansspelautoriteit te Den Haag, de gekopieerde bestanden van de computers PC 1 en PC2 met als doel om te onderzoeken of er informatie was opgenomen met betrekking tot afgesloten sportweddenschappen.
Ik constateerde op basis van de logbestanden van PC 1 dat:
- —
er 944 weddenschappen op sportwedstrijden zijn afgesloten in de periode van 29 september 2017 om 14:23 uur tot en met 18 november 2017 om 20:18 uur met een totaal bedrag van € 14.333,00;
- —
het identificatienummer van de geïnstalleerde software ‘[001]’ is. Dit wordt ook wel het TID nummer genoemd.
Ik constateerde op basis van de logbestanden van PC2 dat:
- —
er 1.409 weddenschappen op sportwedstrijden zijn afgesloten in de periode van 29 september 2017 te 18:32 uur tot en met 18 november 2017 te 20:29 uur met een totaal bedrag van € 19.000,00;
- —
het identificatienummer van de geïnstalleerde software ‘ [002]’ is.
Ik zag dat PC3 in het besturingssysteem Windows startte. Vervolgens zag ik dat het programma Terminalstart.bat startte. Ik zag dat dit programma bleef vragen om een internetverbinding. Ik zag namelijk meerdere regels met de tekst ‘Prufe internetverbindung’ op het beeldscherm verschijnen. Hierop heb ik door middel van de toets combinatie ‘ctrl- alt-del’ het programma taakbeheer geopend. In dit programma heb ik het programma explorer.exe geopend waarmee ik de inhoud van de harde schijf van PC3 nader kon onderzoeken. Op de C-partitie van de harde schijf heb ik de mappen ‘Topbet’ en ‘Topbet old’ aangetroffen. In deze beide mappen zag ik een map genaamd ‘config’ en in deze map stond een identiek tekstbestand genaamd ‘del42.txt’. Nadat ik dit bestand had geopend zag ik dat onder andere de regel ‘brandname=maxibet’ werd weergegeven.
Ambtshalve is mij bekend dat ‘maxibet’ een programma is waarmee weddenschappen op sportwedstrijden kunnen worden afgesloten. Hierop heb ik een externe harde schijf middels de USB-poort gekoppeld aan PC3. Op deze harde schijf heb ik vervolgens programmatuur gestart waarmee ik de mappen ‘Topbet’ en ‘Topbet old’ heb veiliggesteld en weggeschreven naar de aangesloten externe harde schijf om deze op een later tijdstip nader te kunnen onderzoeken. In de gekopieerde bestanden van de map ‘Topbet’ heb ik meerdere logbestanden aangetroffen. In deze logbestanden heb ik gegevens gevonden over het succesvol inloggen van ‘user del42’ op 28 november 2017 om 14:18 uur. Ambtshalve is mij bekend dat als bewijs van afgesloten weddenschappen zogenaamde wedtickets worden uitgeprint. Uit de gegevens van de logbestanden is gebleken dat er 15 tickets zijn uitgeprint op 28 november 2017 tussen 14:23 en 20:15 uur. Hieruit kan worden opgemaakt dat er in de genoemde periode 15 sportweddenschappen zijn afgesloten.
Op de speelautomaten zijn geen merkteken, als bedoeld in artikel 30r eerste lid van de Wok, aangebracht. Tevens waren deze speelautomaten niet voorzien van een firmanaam en exploitatienummer, zoals verplicht gesteld in artikel 6 van de vergunningsvoorschriften van de vergunning tot het exploiteren van speelautomaten als bedoeld in artikel 3Oh van de Wok. Dit is een overtreding van artikel 30t, lid 1 van de Wok.
De aanwijzing der winnaars van weddenschappen op sportwedstrijden geschiedt door enige kansbepaling waarop de deelnemers in het algemeen geen overwegende invloed kunnen uitoefenen.’
3.
Het bestreden arrest houdt verder nog de volgende bewijsoverweging in:
‘Kansspelautomaten
Door de verdediging is gewezen op een arrest van de Hoge Raad van 2 februari 2021 en het onderliggende arrest van het hof Den Haag van 18 oktober 2019. In laatstgenoemd arrest overwoog het Haagse hof dat, zoals ook door de verdediging is gesteld, voor de beoordeling of sprake is van een kansspelautomaat de bestemming die aan het apparaat wordt gegeven, doorslaggevend is. De Hoge Raad heeft daarvan gezegd dat hier niet blijkt van een onjuiste rechtsopvatting.
Het hof volgt in de onderhavige zaak die redenering, maar is — anders dan de verdediging — van oordeel dat de feitelijke omstandigheden in deze zaak en de zaak die aan het oordeel van het hof Den Haag was onderworpen, verschillen en daardoor tot een ander oordeel leiden. Immers, in de strafzaak van het hof Den Haag bleek uit zowel de inschrijving van de Kamer van Koophandel van het bedrijf van de verdachte en diens eigen verklaring, dat de bedrijfsvoering erop was gericht om de aldaar aanwezige computers ter beschikking te stellen aan het publiek om daarop te internetten, zoals ‘Skypen’ en ‘Facebooken’. Gelet op deze bestemming was het Haagse hof van oordeel dat in die situatie niet kon worden gesproken van kansspelautomaten.
De apparaten in de onderhavige strafzaak zijn aangetroffen in [A]; het reisbureau van de verdachte. Uit het uittreksel van de Kamer van Koophandel volgt dat de bedrijfsvoering van het reisbureau was gericht op reisbemiddeling en advies en niet op het ter beschikking stellen van computers om daarop te internetten, zoals in de Haagse zaak het geval was. Voorts overweegt het hof dat uit het dossier volgt dat de bij de verdachte aangetroffen apparaten een houten behuizing hadden, waarin een computerscherm, een toetsenbord, een muis, een scanner en een eenheid voor de invoer van munten waren bevestigd. Deze apparaten waren, ook naar hun uiterlijke verschijningsvorm, uitsluitend bedoeld om, via de geïnstalleerde software, op (voetbal)wedstrijden te gokken.
De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep d.d. 1 februari 2023 verklaard dat de apparaten waren bedoeld om ‘in te leggen op voetbalwedstrijden’, dat er ‘enkel werd gewed op voetbalwedstrijden’ en dat hij daarmee geld verdiende.
Gelet op het hiervoor overwogene is het hof van oordeel dat, gelet op de bestemming van de in het reisbureau van de verdachte aangetroffen apparaten, sprake is van kansspelautomaten.
De omstandigheid dat de uitslag van de voetbalwedstrijd waarop via de kansspelautomaat wordt gewed, wordt beïnvloed door de in die wedstrijd opgestelde voetballers en niet door de speler (degene die de weddenschap afsluit), doet hieraan niet af. In het licht van de strekking van de Wet op de kansspelen stelt het hof vast dat het hier immers gaat om apparaten waarop, na aansluiting op het elektriciteitsnetwerk, enkel kansspelen kunnen worden gespeeld, waarbij geld wordt ingezet. Vervolgens start een proces waarbij wedstrijduitslagen door de gokker/speler worden voorspeld en ingevoerd in de apparaten (middels de software), die vervolgens aan de hand van de daadwerkelijke sportuitslagen bepalen of na afloop van de wedstrijd tot uitkering van een geldbedrag wordt overgegaan. De gokker/speler kan hierbij de uitkomst van zijn gok evenmin beïnvloeden als wanneer het apparaat louter mechanisch de resultaten bepaalt.’
4.
De door de raadsman op schrift gestelde, ter 's hofs terechtzitting voorgedragen en aan het hof overgelegde pleitnota houdt onder meer het volgende in:
- ‘1.
De verdediging is van oordeel dat de politierechter ten onrechte tot een bewezenverklaring is gekomen van beide ten laste gelegde feiten. Primair ben ik van oordeel dat beide feiten niet wettig en overtuigend kunnen worden bewezen nu geen sprake is van kansspelautomaten/speelautomaten als bedoeld in de artt. 30b en 30t. van de Wet op de Kansspelen (Wok). Subsidiair ben ik van oordeel dat de tenlastegelegde periode niet kan worden bewezen, althans dat niet kan worden bewezen dat cliënt zich in de periode van 15 oktober 2015 tot april 2017 schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde.
- 2.
Ik zal uiteraard beginnen met mijn primaire standpunt. Gelet op het arrest van de Hoge Raad van 2 februari 2021 (ECLI:NL:HR:2021b:157) ben ik van oordeel dat in het onderhavige geval geen sprake is van kansspelautomaten als bedoeld in art. 30 e.v. van de Wok.
- 3.
De zaak die ten grondslag lag aan dat arrest was nagenoeg identiek aan de onderhavige zaak. Ook in die zaak was sprake van het aantreffen van meerdere computers in een winkel en ook op die computers werd gewed op sportwedstrijden. De bewijsmiddelen zijn zelfs bijna identiek als in deze zaak. Ook daar was er eenzelfde rapport van iemand van de Kansspelautoriteit die in de computers aanwijzingen vond van het afsluiten van weddenschappen op sportwedstrijden.
- 4.
Het Gerechtshof Den Haag oordeelde echter dat‘in deze situatie niet kan worden gesproken van kansspelautomaten’.1.‘Voor de beoordeling of sprake is van een kansspelautomaat, is de bestemming die aan een apparaat wordt gegeven doorslaggevend.’aldus het Hof.2.De bestemming van de computers was in die zaak het plaatsen van weddenschappen op sportwedstrijden.
- 5.
Tegen dit oordeel van het Hof is cassatie ingesteld. Daar ging het specifiek over de vraag of er nu sprake is van kansspelautomaten als bedoeld in de Wok. Hetgeen zowel de Advocaat-Generaal en de Hoge Raad vervolgens stellen is nog relevanter voor de vraag of in de onderhavige zaak sprake is van Kansspelautomaten.
- 6.
De Hoge Raad stelt:
‘Uit de hiervoor weergegeven bewijsvoering volgt dat in de bedrijfsruimte van de verdachte aanwezige computers werden gebruikt voor het afsluiten van weddenschappen op sportwedstrijden. Het hof heeft geoordeeld dat‘in deze situatie niet kan worden gesproken van kansspelautomaten’.Dat oordeel, waarin ligt besloten dat de verdachte aldus — kort gezegd — gelegenheid heeft gegeven om te gokken als bedoeld in artikel 1 lid 1, onder a, Wok, maar dat geen sprake was van toestellen in de zin van artikel 30 Wok, te weten‘ingericht voor de beoefening van een spel, dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces’,geeft mede in het licht van de genoemde wetsgeschiedenis niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is ook niet onbegrijpelijk.’3.
- 7.
In de conclusie van Advocaat-Generaal Keulen wordt één en ander nog nader verduidelijkt. Zo stel de A-G onder andere in r.o. 16:
‘Uit art. 30 Wok volgt dat van een speelautomaat sprake is als het gaat om een toestel dat is ingericht voor de beoefening van een spel dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces. Uit de bewijsmiddelen volgt dat van een dergelijk spel geen sprake is. Op de computers A1, A2 en A3 zijn softwareprogramma's aangetroffen waarmee weddenschappen op sportwedstrijden kunnen worden afgesloten. Op de computer G9 was een webbrowser actief waarin een internetpagina werd getoond waarop het eveneens mogelijk is om weddenschappen op sportwedstrijden af te sluiten. Op de computer G10 was in de geschiedenis van de webbrowser eenzelfde internetpagina zichtbaar. Uit onderzoek van logbestanden op de computers A2 en A3 blijkt dat is vastgesteld dat in totaal meer dan 2100 weddenschappen zijn afgesloten. Niet het resultaat van een in werking gesteld (mechanisch, elektrisch of elektronisch) proces, maar de inspanningen en kwaliteiten van de sporters die zijn opgesteld in de wedstrijd waarop de weddenschap betrekking heeft, bepalen of na de wedstrijd tot uitkering van een geldbedrag wordt overgegaan.’
- 8.
Kortom, een computer waar weddenschappen op sportwedstrijden mee afgesloten worden, is geen kansspelautomaat of speelautomaat zoals bedoeld in de Wok. In art. 30 van de Wok wordt de definitie van een speelautomaat en een kansspelautomaat gegeven. Daar moet sprake zijn van het door een speler in werking stellen van een mechanisch, elektrisch of elektronisch proces. Dan hebben we het bijvoorbeeld over gokkasten e.d., maar dus niet over computers waarmee weddenschappen op sportwedstrijden kunnen worden afgesloten, aldus de Hoge Raad en de A-G.
- 9.
In de onderhavige zaak is zowel onder feit 1 als feit 2 tenlastegelegd dat cliënt speelautomaten, dan wel kansspelautomaten aanwezig heeft gehad. Dit kan dus niet worden bewezen, aangezien het in de onderhavige zaak ook gaat om computers waarmee weddenschappen op sportwedstrijden kunnen worden geplaatst. Gelet op de jurisprudentie van de Hoge Raad zijn dit dus juist geen speelautomaten als bedoeld in art. 30 t/m 30aa van de Wok.
Gelet op het feit dat niet kan worden bewezen dat cliënt speelautomaten/kansspelautomaten aanwezig heeft gehad, verzoek ik u dan ook primair cliënt integraal vrij te spreken.’
5.
Het hof heeft het bewezenverklaarde gekwalificeerd als:
‘overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 30t, eerste lid, van de Wet op de kansspelen, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd.’
en
‘overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 30b, eerste lid, van de Wet op de kansspelen, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd.’
6.
De Wet op de kansspelen luidt, voor zo ver hier van belang:
‘Titel I. Algemene bepalingen
Art. 1
Behoudens het in Titel Va van deze wet bepaalde is het verboden:
- a.
gelegenheid te geven om mede te dingen naar prijzen of premies, indien de aanwijzing der winnaars geschiedt door enige kansbepaling waarop de deelnemers in het algemeen geen overwegende invloed kunnen uitoefenen, tenzij daarvoor ingevolge deze wet vergunning is verleend;
(…)
Titel Va. Speelautomaten
Art. 30
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- a.
speelautomaat: een toestel, ingericht voor de beoefening van een spel, dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, waarbij het resultaat kan leiden tot de middellijke of onmiddellijke uitkering van prijzen of premies, daaronder begrepen het recht om gratis verder te spelen;
- b.
behendigheidsautomaat: een speelautomaat waarvan het spelresultaat uitsluitend kan leiden tot een verlengde speelduur of het recht op gratis spellen en het proces, ook nadat het in werking is gesteld, door de speler kan worden beïnvloed en het geheel of vrijwel geheel van zijn inzicht en behendigheid bij het gebruik van de daartoe geboden middelen afhangt of en in welke mate de spelduur verlengd of het recht op gratis spelen verkregen wordt;
- c.
kansspelautomaat: een speelautomaat, die geen behendigheidsautomaat is;
(…)
Art. 30b
- 1.
Het is verboden, behoudens het in deze Titel bepaalde, zonder vergunning van de burgemeester een of meer speelautomaten aanwezig te hebben
(…)
- b.
op voor het publiek toegankelijke plaatsen;
(…)
Art. 30t
- 1.
Het is verboden een of meer speelautomaten, die niet overeenstemmen met het door de raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, toegelaten model daarvan en die niet ten bewijze daarvan zijn voorzien van het ingevolge artikel 30r, eerste lid, met betrekking tot die toelating vastgestelde merkteken:
(…)
- b.
te exploiteren;
- c.
aanwezig te hebben op plaatsen of in inrichtingen als bedoeld in artikel 30b, eerste lid.’
7.
Bij de wet van 13 november 1985, Stb. 600, in titel Va van de Wet op de kansspelen is een afzonderlijk wettelijk regime in het leven geroepen voor speelautomaten — waaronder ingevolge art. 30 Wet op de kansspelen ook kansspelautomaten zijn begrepen — en zijn speelautomaten met het oog daarop uitgezonderd van het algemene verbod van art. 1, aanhef en onder a, Wet op de kansspelen.
8.1.
Het hof heeft overwogen dat ‘gelet op de bestemming van de in het reisbureau van de verdachte aangetroffen apparaten, sprake is van kansspelautomaten’. Uit HR 30 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:3644 en HR 30 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:3644 moet worden afgeleid dat de Hoge Raad kiest voor een, zoals A-G Keulen het zegt in zijn conclusie voorafgaand aan HR 2 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:157, ‘ functionele benadering’, waarin de feitelijke bestemming doorslaggevend is. ‘Bij het vaststellen van die bestemming is vervolgens het karakter van de gelegenheid die werd gegeven om mede te dingen naar prijzen of premies doorslaggevend’, aldus Keulen.
8.2.
Uit art. 30 Wet op de kansspelen volgt dat van een speelautomaat sprake is als het gaat om een toestel dat is ingericht voor de beoefening van een spel dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces. Het begrip ‘toestel, ingericht voor de beoefening van een spel, dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces’ werd in de wetsgeschiedenis onder meer toegelicht met de passage ‘dat het spel zelf moet bestaan uit een mechanisch, elektrisch of elektronische proces, dat door de speler in werking wordt gesteld. De wijze waarop het proces in werking wordt gesteld is niet relevant’ (Kamerstukken II 1980/81, 16 481, nr. 3, p. 10). Vgl. over het begrip ‘elektronisch proces’ ook Kamerstukken II 1981/82 16 481, nr. 6, p. 6. Zie ook HR 11 januari 2000, ECLI:NL:HR:2000:ZD1680, NJ 2000/197, rov. 3.4.1, waarin de Hoge Raad overwoog ‘dat bepalend is dat een toestel is ingericht voor de beoefening van een spel en dat er sprake is van een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces’.1.
8.3.
In de onderhavige zaak is geen sprake van een dergelijk spel. Op de in de bewezenverklaring genoemde apparaten zijn blijkens de bewijsmiddelen (in het bijzonder bewijsmiddel 6) softwareprogramma's aangetroffen waarmee weddenschappen op sportwedstrijden kunnen worden afgesloten. Wederom in de woorden van Keulen:
‘Niet het resultaat van een in werking gesteld (mechanisch, elektrisch of elektronisch) proces, maar de inspanningen en kwaliteiten van de sporters die zijn opgesteld in de wedstrijd waarop de weddenschap betrekking heeft, bepalen of na de wedstrijd tot uitkering van een geldbedrag wordt overgegaan.’
's Hofs oordeel in de onderhavige zaak, getuigt tegen deze achtergrond mitsdien van een onjuiste rechtsopvatting dan wel is dat oordeel onbegrijpelijk.
8.4.
's Hofs overweging dat ‘[d]e gokker/speler hierbij de uitkomst van zijn gok evenmin [kan] beïnvloeden als wanneer het apparaat louter mechanisch de resultaten bepaalt’, doet aan het voorgaande niet af, omdat — zoals hiervoor aangehaald — het spel zelf moet bestaan uit een mechanisch, elektrisch of elektronische proces, dat door de speler in werking wordt gesteld. En dat is bij het afsluiten van sportweddenschappen via een computer nu eenmaal niet het geval.
Slotsom:
Om de redenen, in het voorgaande vervat, kan het bestreden arrest niet in stand blijven; dat arrest behoort daarom te worden vernietigd. Deze schriftuur wordt ondertekend en ingediend door mr. S.F.W. van 't Hullenaar advocaat te Arnhem, die bij dezen verklaart tot die indiening en ondertekening bepaaldelijk te zijn gevolmachtigd door verzoeker van cassatie.
Arnhem, 2 oktober 2023
mr. S.F.W. van 't Hullenaar
Voetnoten
Voetnoten Beroepschrift 02‑10‑2023
Zie arrest van het Gerechtshof Den Haag van 18 oktober 2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:2739.
Idem.
Zie r.o. 2.5 in het arrest van de Hoge Raad van 2 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:157.
Overgenomen uit voetnoot 4 van de hiervoor genoemde CAG van Keulen.