Einde inhoudsopgave
De cyberverzekering vanuit civielrechtelijk perspectief (O&R nr. 129) 2021/III.4.2.2.3
III.4.2.2.3 Schadevergoeding in de lagere jurisprudentie
mr. N.M. Brouwer, datum 01-06-2021
- Datum
01-06-2021
- Auteur
mr. N.M. Brouwer
- JCDI
JCDI:ADS278932:1
- Vakgebied(en)
Informatierecht / ICT
Verzekeringsrecht / Schadeverzekering
Voetnoten
Voetnoten
Rb. Amsterdam 2 november 2010, ECLI:NL:RBAMS:2010:BO6456 resp. ABRvS 7 juni 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1479.
Hof Den Haag 28 november 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:4274.
Geschillencommissie KiFiD 11 juni 2018, nr. 2018-359.
Rb. Overijssel 28 mei 2019, ECLI:NL:RBOVE:2019:1827. Zie over (onder andere) deze uitspraak ook F.C. van der Jagt, ‘Schadevergoeding onder de Algemene Verordening Gegevensbescherming’, MvV 2019/7-8, p. 286-292.
Rb. Amsterdam 2 september 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:6490.
ABRvS 1 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:898; ABRvS 1 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:899; ABRvS 1 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:900; ABRvS 1 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:901.
Ondanks de bedenkingen tegen de toekenning van smartengeld wegens schending van de AVG en de hoge eisen die aan de onderbouwing van de schade worden gesteld, verschijnen in de lagere jurisprudentie inmiddels mondjesmaat de eerste voorbeelden van toegekende smartengeldvergoedingen wegens schending van de AVG.
Reeds voordat de AVG van toepassing werd, kenden de rechtbank Amsterdam en de Raad van State al een enkele keer schadevergoeding van € 500,- toe wegens het schenden van de destijds geldende Wbp. Het ging in die zaken om een privacyschendend buurtonderzoek, respectievelijk de onrechtmatige doorgifte van medische gegevens uit een asieldossier aan een Regionaal Tuchtcollege.1 Ook het gerechtshof Den Haag oordeelde dat een schending van de Wbp een schending van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer vormde en daarmee een aantasting in de persoon was zoals bedoeld in artikel 6:106 lid 1 sub b BW.2 Het hof kende een bedrag van € 1.500,- toe. Door het KiFid werd zelfs een bedrag van € 5.000,- toegekend aan de benadeelde wiens gegevens door een bankmedewerker waren ingezien en gedeeld met onder andere de ex-echtgenoot met wie de benadeelde in scheiding lag.3
Onder de AVG was het de rechtbank Overijssel die de primeur had en op grond van artikel 82 AVG jo 6:106 lid 1 sub b BW een vergoeding van € 500,- toekende in de zaak tussen de gemeente Deventer en eiser.4 Deze schadevergoeding werd toegekende wegens ‘het verlies van controle van persoonsgegevens’. Dit is een aantasting in de persoon, zo oordeelde de rechtbank Overijssel. Naar het EBI-arrest wordt niet verwezen.
Ook de andere toegewezen schadevergoedingen zijn in deze orde van grootte. Zo is het UWV veroordeeld tot betaling van € 250,-, nadat zij per ongeluk informatie over een eerdere burn-out van de benadeelde had gedeeld met de nieuwe werkgever van benadeelde, waar zij een tijdelijke aanstelling had.5 Het beroep van het UWV op de afwezigheid van door een medicus op objectieve gronden vastgesteld geestelijk letsel had geen succes. Ook de rechtbank Noord-Nederland heeft een bedrag van € 250,- toegekend wegens schending van de AVG door het openbaar maken van persoonsgegevens. Voorts heeft de Raad van State op 1 april 2020 in vier zaken uitspraak gedaan, waarin slechts in één zaak schadevergoeding werd toegewezen: een bedrag van € 500,-.6