Einde inhoudsopgave
De beursvennootschap, corporate governance en strategie (IVOR nr. 120) 2020/4.1
4.1 Een inleiding tot corporate governance
mr. S.B. Garcia Nelen, datum 01-08-2020
- Datum
01-08-2020
- Auteur
mr. S.B. Garcia Nelen
- JCDI
JCDI:ADS232659:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Voetnoten
Voetnoten
Asser/Van Olffen & Rensen 2-IIa 2019/32.
Zie ook EU Actieplan 2012, p. 3.
Shleifer & Vishny 1996, p. 2; Hermalin & Weisbach 2017, p. 1.
Frentrop 2013, p. 1.
Asser/Van Olffen & Rensen 2-IIa 2019/32.
Assink/Slagter 2013 (Deel 1), §2.3.
Asser/Van Olffen & Rensen 2-IIa 2019/32 en Assink/Slagter 2013 (Deel 1), §2.3.
Cheffins 2013, p. 1. Zie over corporate governance-aspecten van de VOC ook paragraaf 2.1 van dit proefschrift.
Cheffins 2013, p. 1 en Cheffins 2019, p. 126.
Asser/Van Olffen & Rensen 2-IIa 2019/32.
Pargendler 2016, p. 5-7, 29.
Kamerstukken II 1998/99, 25 732, nr. 8, p. 3-4. De minister stelt hier dat Rijnlandse ondernemingen hun hoofdzetel hebben in Duitsland, Nederland, Zwitserland of Oostenrijk en dat Latijnse ondernemingen hun hoofdzetel hebben in Frankrijk, België, Italië, Spanje of Portugal. Dat is wat kort door de bocht omdat de corporate governance per vennootschap kan verschillen en (binnen de grenzen van de wet) naar smaak kan worden ingericht.
Westerhuis & De Jong 2015, p. 18.
Monitoring Commissie Corporate Governance Code, Slotdocument, december 2017, p. 29.
Asser/Van Olffen & Rensen 2-IIa 2019/32.
Asser/Van Olffen & Rensen 2-IIa 2019/32. Zie voor een opsomming: Raaijmakers & Buma, TvOB 2019-2, par. 1.3.
Corporate governance is wel omschreven als het geheel van regels betreffende het bestuur van vennootschappen, het toezicht daarop en de wijze waarop deze regels worden toegepast en nageleefd,1 of ook wel als het systeem waarmee een vennootschap wordt geleid en gecontroleerd.2 Eenvoudig vertaald is corporate governance de wijze waarop een onderneming wordt bestuurd. Een meer economische (of kapitalistische) visie is dat corporate governance gaat over de wijze waarop kapitaalverschaffers kunnen verzekeren dat hun investeringen op een verstandige manier worden aangewend.3 In de kern gaat corporate governance over het in goede banen leiden van ondernemingen.4 Als juridisch onderzoeksgebied houdt corporate governance zich bezig met het onderzoeken en beschrijven van de bevoegdheden van, en de verhoudingen tussen, de organen van de vennootschap en de wijze waarop zij elkaar controleren en corrigeren.5 Daaronder vallen de rolverdeling tussen en gedragsnormen voor organen, beloningen van functionarissen en financiële verslaggeving.6 Van belang zijn begrippen als transparantie, verantwoording, onafhankelijkheid, deskundigheid en integriteit.7 Als zodanig zou men kunnen stellen dat corporate governance al een rol speelde in de tijd van de VOC.8 De term ‘corporate governance’ werd echter pas gemeengoed in de jaren 1970 in de Verenigde Staten.9 In Nederland wordt vanaf de jaren 1990 brede aandacht besteed aan corporate governance.10 Meer dan vroeger wordt in recentere jaren corporate governance ook gebruikt als methode om sociaal-maatschappelijke thema’s te adresseren, waarbij onderwerpen als diversiteit, milieu en mensenrechten worden betrokken bij de inrichting van en besluitvorming binnen de vennootschap.11
Er zijn in de loop der jaren verschillende corporate governance-systemen ontwikkeld. Veelal wordt een onderscheid gemaakt tussen het Angelsaksische of marktgeoriënteerde systeem, dat zich in beginsel richt op de belangen van aandeelhouders, en het continentale of netwerkgeoriënteerde systeem, waarin rekening gehouden wordt met de belangen van een veelheid aan stakeholders.12 Binnen het continentale systeem wordt ook weer onderscheid gemaakt tussen meerdere subsystemen. Zo wordt wel gesproken over het Rijnlandse systeem, waarin een belangrijke rol is toegekend aan werknemers en banken, terwijl in het Latijnse systeem ondernemingsnetwerken en families met controlerende aandelenbelangen een belangrijke rol spelen.13 Vaak geven verschillende systemen aanleiding tot verschillende soorten corporate governance-vraagstukken. Zo was er halverwege de jaren 1990 veelal sprake van een gespreid aandelenbezit bij beursvennootschappen in de Verenigde Staten, hetgeen leidde tot een focus op bescherming van beleggers tegen (vermeend) soevereine bestuurders, terwijl in continentaal Europa meer behoefte bestond aan bescherming van kleine aandeelhouders tegen grote aandeelhouders.14 Tegenwoordig kent Nederland overigens een behoorlijk gespreid aandelenbezit: in 2016 werd gemiddeld 24,1% van de aandelen van aan Euronext Amsterdam genoteerde beursvennootschappen gehouden door aandeelhouders die minimaal een belang van 5% hielden; de rest werd door kleinere aandeelhouders gehouden.15
In Nederland wordt het juridisch kader van corporate governance met name bepaald door de regels in Boek 2 BW, de Corporate Governance Code en de rechtspraak.16 In het vorige hoofdstuk ben ik al ingegaan op de wettelijke regelingen die de verhouding tussen het bestuur en de AV bepalen. In dit hoofdstuk ga ik in op de overige regels van corporate governance. Uiteindelijk vormen deze verschillende bronnen één normerend kader en kunnen zij niet geheel los van elkaar worden gezien. Voor vennootschappen in specifieke branches kunnen nog aanvullende regels gelden die voortvloeien uit sectorcodes, zoals de Code Banken of de Code Verzekeraars.17 Ik ga op dergelijke specifieke regelingen niet nader in, maar richt mij in mijn analyse op het ‘normaaltype’ beursvennootschap.