Gst. 2024/83
Een bevel op grond van artikel 172, derde lid, Gemeentewet dient van beperkte duur te zijn, een bevel van zes maanden is dat niet. (Amsterdam)
ABRvS 24-07-2024, ECLI:NL:RVS:2024:2993, m.nt. M. Buitenhuis
- Instantie
Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
- Datum
24 juli 2024
- Magistraten
Mrs. C.H.M. Altena, J. Schipper-Spanninga en A.B. Blomberg
- Zaaknummer
202202744/1/A3
- Noot
M. Buitenhuis
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS981253:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Handhaving algemeen
Staatsrecht / Decentralisatie
Openbare orde en veiligheid / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2024:2993, Uitspraak, Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, 24‑07‑2024
- Wetingang
(Art. 172 lid 3 Gemeentewet)
Essentie
Een bevel op grond van artikel 172, derde lid, Gemeentewet dient van beperkte duur te zijn, een bevel van zes maanden is dat niet. (Amsterdam)
Samenvatting
Aan de lichte bevelsbevoegdheid van artikel 172, derde lid, van de Gemeentewet is inherent dat een bevel van beperkte duur dient te zijn, met dien verstande dat de burgemeester de duur van zo’n maatregel kan verlengen als na afloop van de termijn nog steeds wordt voldaan aan de vereisten van dat artikel. Naar het oordeel van de Afdeling is de sluiting van het bedrijfspand voor de duur van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.