Einde inhoudsopgave
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/6.8.6
6.8.6 Toekomstige ontwikkelingen en de rol van de or en vakbonden
Datum 01-01-2014
- Datum
01-01-2014
- JCDI
JCDI:ADS387345:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld: H. Koster, ‘Herstructureringen bij insolventie: naar de pre pack, TvI 2013/7; B. Wessels, ‘Scheme of arrangement: a viable European rescue strategy?, Ondernemingsrecht 2010, 154; R.D. Vriesendorp, R.M. Hermans en K.A.J. de Vries, ‘Herijking van het faillissementsrecht en het informeel akkoord: gemiste kans of opportunity voor een Nederlandse scheme of arrangment’, TvI 2013,12; K Beke, P. Wolterman, ‘verslag seminar ‘De Nederlandse pre-pack – ready for take off? 11 april te Amsterdam’, TvI 2012, 31.
Brief van de Minister van Veiligheid en Justitie van 27 november 2012 inzake faillissementsfraude.
Overigens is het op basis van het huidige recht lastig om afspraken met de or te maken gezien de omstandigheid dat art. 32 WOR het alleen mogelijk maakt de bevoegdheden van de or uit te breiden. Naar mijn mening moet art. 32 WOR flexibeler kunnen worden toegepast indien het niet gaat om het afzien van bevoegdheden maar om het anders of op een ander tijdstip uitoefenen.
Zie ook mijn eerdere bijdrage in ArbeidsRecht. I. Zaal, ‘Faillissement en doorstart: de positie van de OR en vakbonden’, ArbeidsRecht 2013, 40.
In de faillissementsrechtelijke literatuur wordt veelvuldig bepleit een vorm van informele reorganisatie mogelijk te maken. De meeste voorstelen worden gebaseerd op de Engelse pre-pack.1 De minister heeft aangekondigd met een voorstel tot herijking van het faillissementsrecht te komen waarbij een van de pijlers het versterken van het reorganiserend vermogen van ondernemingen zal zijn.2 Denkbaar is dat hij ingaat op de wens van de praktijk en met een Nederlandse vorm van prepack. De pre-pack (pre-packaged insolvency) houdt in dat voorafgaand aan de faillietverklaring een stille bewindvoerder wordt benoemd die de mogelijkheden van een doorstart onderzoekt. Op het moment dat de faillietverklaring wordt uitgesproken, wordt de overname direct geeffectueerd. Sommige Nederlandse rechters maken een pre-pack al mogelijk. Hierna ga ik kort in op de rol van werknemersvertegenwoordigers bij de pre-pack. Ik stel daarbij voorop dat medezeggenschap op gespannen voet staat met de doeleinden van de pre-pack. Een pre-pack is het meest succesvol indien dit zo snel mogelijk en in het geheim gebeurt. Beide aspecten verhouden zich slecht tot medezeggenschap van werknemers. Aan de andere kant heeft een pre-pack ingrijpende gevolgen voor de toekomst van de onderneming waardoor betrokkenheid van de werknemers mijns inziens gerechtvaardigd is. Wanneer de minister inderdaad een pre-pack regeling in de Faillissementswet opneemt, lijkt het mij wenselijk dat nagedacht wordt over de rol van de vakbonden en de OR. Vroegtijdige raadpleging onder geheimhouding lijkt mij daarbij het meest geschikt. Eventueel kan met de OR en vakbonden worden afgesproken dat zij in een vroegtijdig stadium worden geraadpleegd en daarna niet meer. Een vergelijking met de gefaseerde besluitvorming doet zich hier voor.3
Onder het huidige recht moet er bij een pre-pack rekening worden gehouden met de omstandigheid dat de WMCO nog moet worden nageleefd op het moment dat de overname daadwerkelijk wordt geëffectueerd. Ook de or zal op grond van art. 25 lid 1 sub a WOR in de gelegenheid moeten worden gesteld advies uit te brengen. Het aantrekken van de stille bewindvoerder op verzoek van de ondernemer, is mijns inziens ook een adviesplichtig besluit op grond van art. 25 lid 1 sub n WOR. Het gaat hier immers om een adviseur van de ondernemer die advies uitbrengt over een besluit dat opgesomd staat in art. 25 WOR (sub a en mogelijk sub e).4