NJ 1939/397
Ontkenning wettigheid kind. Is de vordering tijdig ingesteld? Rechtb.: Neen; Hof: ja. Schending van art. 69 R. O. door het Hof. Aanhouding uitspraak betreffend een gedeelte der kosten in cassatie.
HR 24-11-1938, ECLI:NL:HR:1938:88, m.nt. Prof. Mr. Paul Scholten
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 november 1938
- Magistraten
Mrs. Jhr. Feith, van Gelein Vitringa, Kirberger, Nypels, Meckmann
- Zaaknummer
[24111938/NJ_1939-397]
- Conclusie
Mr. Wijnveldt
- Noot
Prof. Mr. Paul Scholten
- JCDI
JCDI:ADS130812:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Staatsrecht / Rechtspraak
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1938:88, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑11‑1938
- Wetingang
Essentie
Ontkenning wettigheid kind. Is de vordering tijdig ingesteld? Rechtb.: Neen; Hof: ja. Schending van art. 69 R. O. door het Hof. Aanhouding uitspraak betreffend een gedeelte der kosten in cassatie.
Samenvatting
Met juistheid ging het Hof ervan uit, dat, wilde er ten deze van ontdekking van de geboorte in den zin van art. 311 B. W. sprake zijn, het moest betreffen de geboorte van een kind op een zoodanig tijdstip, dat het staande huwelijk verwekt kon zijn en daarom voor ontkenning door den man in aanmerking kwam.
Ten onrechte gaat het middel ervan uit, dat het Hof ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.