Einde inhoudsopgave
Vereniging Corporate Litigation 2022-2023 (VDHI nr. 181) 2023/IV.3.3.4
IV.3.3.4 Het verschaffen van een belangrijke norm
mr. N. Kreileman, datum 01-05-2023
- Datum
01-05-2023
- Auteur
mr. N. Kreileman
- JCDI
JCDI:ADS708025:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Anders: Kersten 2018, p. 37-38. Bepalingen die enkel voor beursvennootschappen wenselijk zijn, horen volgens haar thuis in de Corporate Governance Code. Zij stelt dan ook voor het voorschrift te schrappen.
Kersten 2018, p. 33-34; en Asser/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-IIb 2019/189. Zie voorts de in voetnoot 11 genoemde Kamerstukken.
Van Olffen 2009, p. 44-45. Uiteraard dient de vennootschap steeds ‘goed en onafhankelijk toezicht’ te waarborgen. Als het voorzitterschap aan een uitvoerend bestuurder wordt toegekend, moet goed en onafhankelijk toezicht via een andere route gewaarborgd worden, bijvoorbeeld via een van de routes die ik in par. 3.3 schetste.
Het volledig schrappen van het voorschrift gaat mij te ver.1 De norm behoort te zijn dat de voorzitter een niet-uitvoerend bestuurder is. Zoals gezegd, bevordert een niet-uitvoerende bestuursvoorzitter onafhankelijk en goed toezicht.2 Ik voel er daarom meer voor te bepalen dat een uitvoerend bestuurder geen voorzitter van het bestuur kan zijn, tenzij de statuten anders bepalen. “Daarmee wordt een belangrijke norm verschaft, maar blijft de nodige flexibiliteit bestaan”, aldus ook Van Olffen.3