Rb. Rotterdam, 25-11-2021, nr. 627470 / HA RK 21-1226 A
ECLI:NL:RBROT:2021:13013
- Instantie
Rechtbank Rotterdam
- Datum
25-11-2021
- Zaaknummer
627470 / HA RK 21-1226 A
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:RBROT:2021:13013, Uitspraak, Rechtbank Rotterdam, 25‑11‑2021; (Wraking)
- Vindplaatsen
Uitspraak 25‑11‑2021
Inhoudsindicatie
Verzoeker niet-ontvankelijk in verzoek tot wraking van de griffier. Een verzoek tot wraking kan alleen zijn gericht tegen een rechter zie een zaak behandelt.
Partij(en)
Rechtbank Rotterdam
Meervoudige kamer voor wrakingszaken
Zaaknummer / rekestnummer: 627470 / HA RK 21-1226
Beslissing van 25 november 2021
op het verzoek van
[naam verzoeker] ,
wonende te [woonplaats] ,
verzoeker,
strekkende tot wraking van:
de griffier in de rechtbank Rotterdam, team kanton 1, die de kantonrechter mr B.J.R. van Tongeren bijstond op de zitting van 19 oktober 2021 (hierna: de griffier).
1. Het procesverloop en de processtukken
1.1
Ter zitting van 19 oktober 2021 heeft de kantonrechter het verzoekschrift van verzoeker tot het toepassen van de hardheidsclausule en tot verhoging van de beslagvrije voet behandeld. Dit verzoek ziet op een aanslag van de Regionale Belasting Groep (RBG), verweerster in die procedure. Die procedure draagt als kenmerk 9455256 VZ EXPL 21-15610. Hij is op die zitting bijgestaan door de griffier.
1.2
Bij brief van 21 oktober 2021 heeft verzoeker onder andere de wraking van de griffier verzocht.
1.3
Aan de wrakingskamer is ter beschikking gesteld het dossier van de hiervoor omschreven procedure, waarin zich onder meer bevindt:
- het proces-verbaal van de hiervoor bedoelde zitting;
- de schriftelijke toelichting op het wrakingsverzoek.
2. De ontvankelijkheid van het verzoek
Gelet op artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een wrakingsverzoek alleen zijn gericht tegen rechters of een rechter die een zaak behandelen of behandelt.
2.2
De wet biedt niet de mogelijkheid tot wraking van de griffier. Verzoeker is daarom kennelijk niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking van de griffier. Verzoeker zal op die grond, met toepassing van het bepaalde in artikel 8.2, aanhef en onder e, van het Wrakingsprotocol van deze rechtbank, niet-ontvankelijk worden verklaard in het verzoek.
3. De beslissing
De rechtbank:
- verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het verzoek tot wraking van de griffier.
Deze beslissing is gegeven door mr. A.J.P. van Essen, voorzitter, mr. A. Verweij enmr. J. van den Bos, rechters en door de voorzitter in het openbaar uitgesproken op 25 november 2021 in tegenwoordigheid van mr. M.L.F. de Leeuw, griffier.
Verzonden op:
aan:
-
-
-
-