V-N 2022/15.10
Terechte willekeurige afschrijving bij investeringen dochters in scheepvaart-cv’s binnen fiscale eenheid-VPB
HR 11-02-2022, ECLI:NL:HR:2022:169, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
11 februari 2022
- Zaaknummer
20/00817
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS639853:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting / Fiscale eenheid
Inkomstenbelasting / Winst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2022:169, Uitspraak, Hoge Raad, 11‑02‑2022
- Wetingang
Essentie
Hof Amsterdam oordeelt dat de inspecteur niet aannemelijk maakt dat in 2010, na het nemen van de beschikking, niet meer werd voldaan aan de voorwaarden voor het bestaan van een fiscale eenheid tussen X bv, Y bv en Z bv. X bv kan willekeurig afschrijven. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie zonder nadere motivering ongegrond (art. 81 lid 1 Wet RO).
Samenvatting
X bv is moedermaatschappij van een fiscale eenheid-VPB. Tot die fiscale eenheid behoren in 2010 ook Y bv en Z bv. In 2010 participeren de dochtermaatschappijen in twee scheepvaart-cv’s. De intentie hiervan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.