Smartengeld
Einde inhoudsopgave
Smartengeld 2023/6.3.4:6.3.4 Welke bepalingen in het BW geven recht op smartengeld?
Smartengeld 2023/6.3.4
6.3.4 Welke bepalingen in het BW geven recht op smartengeld?
Documentgegevens:
prof. mr. S.D. Lindenbergh, datum 28-10-2023
- Datum
28-10-2023
- Auteur
prof. mr. S.D. Lindenbergh
- JCDI
JCDI:BSD80722:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
113. De materiële reikwijdte van art. 6:95 lid 1 BW wordt bepaald door de wetsbepalingen waarin een recht op vergoeding van ander nadeel dan vermogensschade wordt geboden. In het Burgerlijk Wetboek gaat het om art. 6:106, 107 lid 1 onder b en 108 lid 3 BW. Deze bepalingen zullen hierna nog uitvoerig worden besproken. Ik beperk mij hier tot de vermelding dat zij in essentie betrekking hebben op aantasting in de persoon in de vorm van lichamelijk en geestelijk letsel, schending van eer en goede naam en aantasting van andere fundamentele persoonsbelangen enerzijds (art. 6:106 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.