V-N 2026/18.8
Overname aandelen bij gefaseerde bedrijfsopvolging terecht belast met overdrachtsbelasting (art. 15 lid 1 sub b Wet BRV 1970)
HR 10-04-2026, ECLI:NL:HR:2026:568, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 april 2026
- Magistraten
Van Eijsden, Feteris, Boerlage
- Zaaknummer
25/00045
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD102223:1
- Vakgebied(en)
Belastingen van rechtsverkeer / Overdrachtsbelasting
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:568, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑04‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:904, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 29‑08‑2025
- Wetingang
Art. 15 Wet BRV 1970
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat de bedrijfsopvolgingsvrijstelling niet kan worden toegepast wanneer de verkrijgers BV’s zijn. Dit blijkt volgens de Hoge Raad uit de bedoeling van de wetgever.
Samenvatting
Op 1 april 2014 houdt vader (indirect) de aandelen in B BV. B BV exploiteert een hotel. De onderneming wordt op die dag overgedragen aan X BV. Vader en zijn twee zonen houden de certificaten van de stichting (STAK) die de aandelen X BV houdt via hun holdings. De onroerende zaken blijven achter bij B BV. Ze worden verhuurd aan X BV. Op 13 juni 2019 levert B BV ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.