BNB 2025/35
Geen teruggaaf dividendbelasting aan buitenlands beleggingsfonds omdat niet is ingestemd met vervangende betaling en niet is voldaan aan de dooruitdelingseis
HR 06-09-2024, ECLI:NL:HR:2024:1112, m.nt. S.C.W. Douma
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
6 september 2024
- Magistraten
Mrs. Van Hilten, Feteris, Fierstra, Faase, Cools
- Zaaknummer
22/04515
- Conclusie
A-G Ettema
- Noot
S.C.W. Douma
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD135:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Dividendbelasting / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Beleggingsinstelling
Dividendbelasting / Heffingswijze
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 06‑09‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 06‑09‑2024
ECLI:NL:HR:2024:1112, Uitspraak, Hoge Raad, 06‑09‑2024
ECLI:NL:PHR:2023:988, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 03‑11‑2023
- Wetingang
Essentie
Geen teruggaaf dividendbelasting aan buitenlands beleggingsfonds omdat niet is ingestemd met vervangende betaling en niet is voldaan aan de dooruitdelingseis
Samenvatting
Voortzetting zaak HR, BNB 2017/86c*, HvJ EU, BNB 2020/81c* (Deka) en HR, BNB 2021/73c*.
Belanghebbende, een in Duitsland gevestigd beleggingsfonds, heeft om teruggaaf van dividendbelasting gevraagd die is ingehouden op Nederlandse dividenden die zij heeft ontvangen. Volgens het Hof heeft belanghebbende geen recht op teruggaaf. Belanghebbende is namelijk niet objectief vergelijkbaar met een Nederlandse fiscale beleggingsinstelling, omdat de Duitse wetgeving niet voorziet in enige ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.